Hip, hot & happening op kindergebied

Kinderen zijn er altijd en overal. En waar ze zijn, gebeurt van alles. Ze inspireren, consumeren, zijn actief, leren continue en prikkelen bovenal hun omgeving. Kortom, deze dynamische doelgroep haalt vaak het nieuws! Hieronder de 12 meest opmerkelijke en relevante kids nieuwtjes van de afgelopen weken.

  1. Jam saai en voor oude mensen? Niet als het aan Hero ligt. Het bedrijf wil jongere jamshoppers extra verleiden met hapjes, broodjes en andere lekkernij. Alles gepresenteerd in pop-up restaurants in diverse supermarkten door heel Nederland. (Shopper Marketing Update)

  2. CDA pleit voor een verbod van arcadehallen voor kids. Nu kunnen kinderen vanaf twaalf jaar zonder toezicht op de spelautomaten spelen. Onverantwoord en verslavingsgevoelig aldus diverse belanghebbenden. (Kidsweek)
  3. Toch wel, toch niet. Blokker Holding veegt het plan om de Belgische winkels van Bart Smit om te bouwen naar Intertoys definitief van tafel. Reden volgens het bedrijf is meer tijd, geld en aandacht nodig te hebben om het relatief onbekende merk Intertoys te laden in België. (Retail Detail)

  4. Stichting Melanoom lanceert speciaal voor de zomervakantie de bewustwordingscampagne #funinthesun, gericht op ouders van jonge kinderen. Het doel is om deze ouders er meer bewust van te maken dat het belangrijk is om hun jonge kinderen goed te beschermen tegen de zon. (Stichting Melanoom)
  5. Supermarktketen Plus gaat zich inzetten voor verantwoord ontbijten. In de supermarkt is een suikermeter te vinden voor ontbijtgranen die consumenten kan helpen een bewustere keuze te maken. (Levensmiddelenkrant)
  6. Kinderboekenuitgever Kluitman is de eerste Nederlandse uitgever van wie de Koninklijke Bibliotheek het recente fonds (1940-2000) zal digitaliseren. Het gaat om bekende reeksen als Pipo de clown, De Kameleon, Swiebertje, Marjoleintje en Snelle Jelle. Ruim 1800 bekende kindertitels van Kluitman zijn daardoor straks gratis te lezen (KB)
  7. Hemel op aarde. Welke ouder wil dit niet? Een lego sorteerder voor alle blokjes…let wel, de machine is nog niet compleet uitontwikkeld en nog niet op de markt. (Numrush)
  8. Een utopie? Supermarkt Plus denk van niet. Zij introduceren Supersaus voor over de groente, en daarmee hopen ze kids te stimuleren meer groente te eten. Verkrijgbaar in de smaken wortel, rode biet en pastinaak. (EVMI)
  9. Food Sense, bekend van het o zo vrolijke duo Fred & Ed is overgenomen door Royal Smilde. Met de overname is internationalisering de belangrijkste pijler voor groei. (Distrifood)
  10. Hoe gaaf is dit? Een pratende spiderman pop. Maar dat niet alleen. Hij maakt ook grapjes, zegt hoe laat het is, en laat kinderen een interactief avontuur beleven. (Bright)
  11. Less is more ! En alle beetjes helpen, aldus Foodwatch. Albert Heijn verlaagt het suikergehalte in 40 kinderproducten en er komt een Friswijzer bij het schap voor kinderfrisdrank. (NOS)
  12. En als afsluiter nemen we je mee met de heldentour van Eftelings nieuwste attractie, namelijk de Symbolica

10 gave kinderheld producten!

Superhelden kinderen

Alleen ga je sneller, samen kom je verder. Dat zullen onderstaande bedrijven gedacht hebben in hun zoektocht naar de perfecte samenwerking. Marketeers opgelet: Heb je nog wat inspiratie nodig? Hieronder 10 gave producten van de afgelopen tijd, die ontstaan zijn door het bundelen van kinder-super-helden-krachten. Zowel nationaal als internationaal.

Woezel & Pip – Jumbo

Een helpende hand voor gezinnen met jonge kinderen in het maken van een gezonde keuze. 25 artikelen – snel en simpel verantwoord eten – van boomgaard peertjes uit ‘molletjes moestuin’ tot 30+ kaaskopjes uit de ‘groene weide’.

Donald Duck – VT Wonen

Een goudmijntje voor Dagobert Duck en z’n vrienden; Een heuse wooncollectie waarin je kunt wegdromen in de fantasiewereld van Duckstad. Eendenvoetjes aan je muur – een nachtkastje voor je al je duckies – en een strip in de vorm van een zitzak – Oftewel je bent nooit te oud voor Donald Duck.

Minions – Tic Tac

Verfrissend en verrassend; precies waar Tic Tac voor staat. De eerste licentie van Tic Tac in de geschiedenis – 100 schurkenhulpjes in een doosje – en in je mond, hoe kan het ook anders, de smaak van banaan

Sesamstraat – Puma

Terwijl Sesamstraat van de buis verdween bracht Puma juist een ode aan de gezelligste straat van Nederland. Ze zijn er voor kids maar vanwege het succes inmiddels ook voor volwassenen. Zacht van suède – vrolijke oogjes – onze vriendjes Elmo en Koekiemonster.

Hello Kitty – Swarovski

Diamonds are a girl’s best friend. Een Japans meisje in dit geval. Bekend van haar iconische kenmerken, zoals de strik over haar linker oor – unieke samenwerking Sanrio en Swarovski – veel glitter & glam.

Cliniclowns – Playmobil

Hoe mooi kan het zijn. Een vriendelijke samenwerking waarin het goede doel centraal staat. Van elk verkocht clowntje gaat 1 euro naar Cliniclowns. Alles om een zo een glimlach te toveren op de gezichten van vele zieke en gehandicapte kinderen.

Disney – IXXI

Een kindervriend als eyecatcher aan de muur. IXXI staat voor innovatieve wanddecoratie, bestaande uit vierkante kaarten met koppelstukjes. Nijntje deed mee en daarna volgde ook Disney en de Efteling.

Fred & Ed – Kips

Inmiddels is dit vrolijke duo niet meer weg te denken uit de Nederlandse retailschappen. Eerder werkten ze al samen met de Greenery om gezond snoepen een boost te geven. Home made kwam ook voorbij om van koekjesbakken een groot feest te maken. En dan ook nog Kips voor op je boterham.

Disney – Lego

The good & great together. Twee oer degelijke merken vinden elkaar met eindeloze combinaties zoals Frozen, Vaiana, Belle en Palace Pets. En daarmee versterken ze elkaar op ongekend hoog niveau.

Superman & Wonder Woman – Jean Paul Gaultier

Goud van oud. De kracht zit ‘m in de perfecte match van ‘characters’ en geur. Oftewel the sweet scent of justice.

Jongerenmarketing is in de war: 4 opvallende tegenstrijdigheden

Jongerenmarketing in Nederland is in verwarring. Jongerenmarketing heeft een andere afslag genomen dan jongeren zelf. Dat is te zien op vier gebieden, die ik hieronder uitleg. Om deze verwarring te begrijpen, is het goed om te weten hoe jongerenmarketingbureaus naar jongeren kijken en dit beeld vervolgens te vergelijken met wat jongerenmarketeers daadwerkelijk doen.

Eerst de 4 tegenstrijdigheden die ik heb gezien. Ten eerste roepen jongerenmarketeers dat een verhaal verteld moet worden dat bij de doelgroep past, terwijl zij tegelijk claimen dat de doelgroep hopeloos versnipperd is en geen speciale toon nodig heeft. Ten tweede beweegt jongerenmarketing zich steeds meer in de richting van het aanspreken van maatschappelijke lange-termijn idealen van jongeren, terwijl deze jongeren zelf zich steeds verder terug trekken in hun eigen kleine, overzichtelijke wereld. Ten derde willen veel invloedrijke volwassenen van jongeren leren, terwijl jongeren vooral meebewegen met de grote trends en zich aanpassen aan een veeleisende wereld. Ten vierde wordt veel social media ingezet om jongeren te bereiken, terwijl jongeren tenminste net zo effectief aan te spreken zijn in de gewone werkelijkheid.

Als onderzoeker naar de huidige generatie jongeren ben ik altijd razend benieuwd naar de bevindingen van anderen. Daarom had ik hoge verwachtingen van de jongerenmarketeers en onderzoekers die op het recent gehouden congres Trends in Kids, Jongeren en Familie Marketing hun visie gaven op waar jongeren en jongerenmarketing in Nederland momenteel staan. Na elf presentaties, keynotes en workshops gehoord en bezocht te hebben, begreep ik dat jongerenmarketing in Nederland in verwarring is.

Het beeld van jongeren

Gaby Siera (Beautiful Lives) onderzocht jongeren van 16 tot 17 jaar. Zij noemt deze jongeren Generatie Swipe. Volgens haar hebben jongeren een zeer volwassen kijk op het leven. Zij groeien op in een gevaarlijke wereld (aanslagen, vluchtelingenmigraties) die hen voor grote, praktische problemen stelt (economische crisis, studieleningen in plaats van studiefinanciering, een alcoholverbod voor steeds jongere tieners, een internet dat niet alleen maar leuk is).

Hun antwoord is niet in opstand komen of proberen de wereld te verbeteren. Jongeren trekken zich terug in hun eigen, kleine, overzichtelijke wereld en plannen hun dagen vol met activiteiten die hen verder brengen in het leven zoals sporten om gezond te blijven en bijlessen. Hun enige vrije tijd is zaterdagavond – en dan wordt er afgesproken met vrienden en vriendinnen. Op zondag chillen zij met hun ouders of grootouders.

 

De jongeren van Generatie Swipe passen zich volgens Siera aan aan de wereld die zij om hen heen aantreffen. Zij zoeken hun eigen, kleine weg in de onprettige grote wereld en proberen verantwoordelijk om te gaan met hun tijd en geld. Zij moeten zichzelf kunnen verkopen om aan opleidingen mee te mogen doen of bijbaantjes te bemachtigen (“Wat trekt je aan in vakken vullen?”) en dekken zich in tegen risico’s door te sparen, gezond te leven en zich op te stellen als kritische en zelfs cynische consumenten. Als zij gevraagd wordt naar hun toekomstdromen, dromen zij van eigen kinderen die niet roken en geen drugs gebruiken.

Conformisme van jongeren

Rutger van den Berg (Youngworks) beschrijft het conformisme van jongeren als gevolg van hun biologische ontwikkeling. Volgens van den Berg zorgt het zich nog ontwikkelende brein van jongeren ervoor dat zij sterk reageren op externe impulsen. Zij hebben een grote angst om buiten gesloten te worden en daarom neigen jongeren er sterk naar zich voortdurend aan te passen. Groepsdruk van hun peers stuurt de experimenten die jongeren uitvoeren met hun identiteit.

Aan de ene kant zorgt de zogenaamde “no-likes fear” ervoor dat experimenten die geen likes krijgen van leeftijdsgenoten worden gestaakt en offline worden gehaald. Aan de andere kant zorgt de groepsdruk er tevens voor dat jongeren proberen status te verwerven door domme acties uit te voeren. Omdat het beloningssysteem in hun hersenen in ontwikkeling voorloopt op hun impulsonderdrukking, zijn zij in staat ondoordachte stunts uit te halen om daarmee populair te worden.

Jongeren referentiekaders

Volgens Siera dient marketing rekening te houden met de kenmerken van de huidige generatie jongeren. Jongeren willen als volwassenen aangesproken worden op een serieuze en realistische manier. Het best slagen jonge vloggers hierin: zij beïnvloeden jongeren en zijn veel belangrijker dan merken of volwassenen. Van den Berg sluit hier bij aan. Hij stelt dat jongeren op zoek zijn naar referentiekaders op grond van persoonlijke relevantie. Vlogs bieden volgens van den Berg een dergelijke persoonlijke relevantie omdat in de vlogs jongeren die net iets ouder zijn en succesvol zijn

transparant inzicht geven in hun dilemma’s en hun oplossingen.

Marketeers en succesvolle jongeren

Jongerenmarketeers zijn zich bewust van de aantrekkingskracht van vloggers en andere succesvolle jongeren zoals dj’s. Het succes van een jongere online is volgens filmproducent Harro van Staverden (Phanta Basta!) een belangrijke factor in de afweging of een jongere een dragende filmrol krijgt. Mitchel Bovenlander (4PM Entertainment) stelt dat personalities waaraan jongeren zich op kunnen trekken voor hen steeds belangrijker zijn geworden.

Bovenlander zet gaarne succesvolle vloggers met veel volgers op social media in om online awareness voor zijn producten (events) te creëren en te vergroten. Zijn ambassadeurs worden uitgenodigd voor co-creatie sessies en kunnen rekenen op een VIP-behandeling tijdens events. Bovenlander stelt dat in zijn bedrijf deze vorm van marketing de traditionele marketing in de vorm van flyers en posters vrijwel volledig heeft vervangen. De jonge socialmedia-sterren onderstrepen het gevoel voor jongeren dat ze op zijn feesten moeten zijn: als een populaire jongere naar een event gaat, wil iedereen.

 

bebrave

Jongeren op een YouTube-conventie. Bron: Flickr/ Gage Skidmore

Ronen Wolf (RTL Nederland en RTL MCN) gaat nog een stapje verder. Volgens hem zijn jongeren niet meer te bereiken met traditionele businessmodellen. YouTubekanalen geven aan in welke richting jongeren wel te bereiken zijn. Daarom experimenteert RTL met producties op YouTube zoals Concentrate.

Volgens Wolf toont een succesvolle YouTube-productie echte emoties. De productie mag gedeeltelijk scripted zijn maar moet als authentiek door jongeren worden ervaren. Belangrijker dan de contentstrategie is echter de distributiestrategie. Er moet een duidelijke call-to-action zijn – waarom zou een jongere dit kijken? En, het format moet strak en de titel en labels moeten helder zijn. Het moet voor jongeren duidelijk zijn wat de productie is en wat er te vinden is.

Marktwaarde

Succesvolle jongeren zijn zich zeer bewust van hun marktwaarde. Volgens Bovenlander hebben veel vloggers een manager, terwijl vloggers en DJs steeds vaker extra geld willen voor het genereren van aandacht op social media. Vlogster Yvonne Coldewijer (Life of Yvonne), volgens eigen zeggen een rolmodel voor meisjes, vertelt dat dit echter een groot spanningsveld met zich meebrengt: zij moet voortdurend balanceren tussen geld verdienen door producten of diensten aan te prijzen en hard werken om meiden aan zich te binden en een geloofwaardigheid in de doelgroep op te bouwen. Wolf geeft aan waar de grens ligt: reclame vinden jongeren ervaren storend terwijl sponsoring door hen als positief wordt ervaren, onder voorwaarde dat de sponsoring past bij de videoproductie.

Er ontstaat als gevolg hiervan een steeds grotere tweedeling binnen de groep jongeren tussen zij die het gemaakt hebben en zij die alleen maar volgen. Dit sluit aan bij een algemeen effect van technologie: steeds minder mensen verdienen steeds meer geld met technologie en hebben steeds meer macht terwijl veel anderen hun baan en toekomstperspectief verliezen als gevolg van technologie.

Beeld van jongeren en jongerenmarketing – 4 tegenstrijdigheden

Het beeld dat jongerenmarketeers op grond van onderzoek schetsen van jongeren sluit niet aan bij de praktijk van jongerenmarketing in Nederland. Er bestaan vier gebieden waarop jongerenmarkering in tegenspraak is met het geschetste beeld.

1. Inzetten van vloggers en andere succesvolle jongeren

Het inzetten van vloggers en andere succesvolle jongeren is het laaghangend fruit voor de jongerenmarketeer. Echter, zelfs dit simpele instrument levert een reeks van tegenstrijdigheden op. Zo moeten merken volgens Wolf met behulp van video’s een verhaal vertellen dat bij de doelgroep past, maar moeten zij tegelijk geen andere boodschap uitdragen dan die zij sowieso hadden willen communiceren. Leendert-Jan de Ronde en Kim van Dongen (Youngworks) zijn het met Wolf eens en stellen dat een merk door videofilmpjes relevant moet zijn voor de doelgroep, maar dat een merk tegelijk dicht bij zichzelf moet blijven. En, zo voegen zij eraan toe, deze doelgroep is volkomen versnipperd.

Versnippering

Individuele jongeren combineren op een individuele manier de meest bizarre dingen met elkaar, zoals hardrock en breien, zodat er geen zuilen binnen de jongerendoelgroep meer bestaan. Tegelijkertijd claimen zij dat een merk geen jongerentaal hoeft te gebruiken om met jongeren te communiceren, maar normaal met hen kan praten omdat jongeren “net mensen zijn”.

Het is derhalve niet duidelijk wat het aansluiten bij de doelgroep betekent als er geen duidelijke doelgroep is en er geen speciale toon voor deze doelgroep nodig is. Tel hierbij op dat volgens Siera jongeren op een serieuze manier aangesproken moeten worden op hun volwassenheid, zoals we zagen, en de verwarring is compleet.

2. Co-creatie is populair

Het andere grote instrument van jongerenmarketing, co-creatie, is eveneens een vat van tegenstrijdigheden. Co-creatie met jongeren is populair. Talloze overheden, grote bedrijven en organisaties zetten een Raad van Kinderen in om mee te denken over hun beleid en hun innovatie. De homepage van de Raad voor Kinderen vraagt: “Is het niet logisch om naar de ideeën van kinderen te luisteren over vraagstukken die ook hun toekomst gaan bepalen?”

Good is the new cool

Het inzetten van kinderen bij het oplossen van maatschappelijke en commerciële vraagstukken sluit aan bij een grote trend in jongerenmarketing. Volgens Maartje van Osch (FamilyFactor) heeft jongerenmarketing zich ontwikkeld van het aanspreken van jongeren als consument met behulp van fun in de jaren negentig, via het aanspreken van kinderen en ouders samen met behulp van boodschappen die fun en verantwoord combineerden in de jaren tweeduizend, naar waar jongerenmarketing zich nu bevindt: lange-termijn boodschappen met de nadruk op gezond en goed voor de wereld (“good is the new cool”). De ontwikkeling van het kind dient momenteel positief gestimuleerd te worden op alle gebieden: intellectueel, emotioneel, fysiek, talent en spiritueel. Wolf sluit daar bij aan en stelt dat videoproducties een maatschappelijk belang moeten dienen.

opruimen-jongeren

Volgens Kirby Beckman (BrandDeli) is deze trend ook aan de eettafel in het gezin terug te vinden. Ouders vinden het belangrijk dat kinderen een eigen mening hebben en vragen graag naar deze mening. Hoewel de ouders eindverantwoordelijke blijven, is de invloed van kinderen op beslissingen in het gezin groot.

Ander referentiekader

Jongerenmarketing, in video en in co-creatie, is dus een volledig andere richting ingeslagen dan de jongeren zelf die het weliswaar fijn vinden als anderen de wereld verbeteren maar zichzelf hebben teruggetrokken in hun eigen, kleine wereld en die, in plaats van de wereld te verbeteren, knokken voor hun eigen plekje in de wereld. Bovenlander constateert bijvoorbeeld op zijn feesten dat jongeren veel meer bezig zijn met zichzelf en veel minder bezig zijn met wat er om hen hen gebeurt. Hun referentiekader is niet het welzijn van de wereld; succesvolle leeftijdsgenoten die worstelen met voor hen herkenbare dagelijkse problemen vormen hun referentiekader.

Jongeren zijn vooral geïnteresseerd in duidelijkheid, herkenbaarheid en een redelijke mate van authenticiteit, zoals Wolf al aangaf. Waar zij volgens de Ronde en van Dongen behoefte aan hebben, is een concreet handelingsperspectief: hoe te reageren op een bepaalde situatie. Dit handelingsperspectief moet wel leuk zijn.

Daarmee is niet gezegd dat jongeren niet graag meepraten over van alles en nog wat. Hoek, van Dijke en Spooren zien juist dat jongeren dat graag doen, onder voorwaarde dat zij een onderwerp belangrijk genoeg vinden om er ruimte voor te maken in hun drukke agenda. De vraag alleen is hoe relevant de mening van jongeren met een praktisch en naar binnen gericht referentiekader is binnen een co-creatie.

3. Jongeren zijn gemakkelijker te werven door relatief jonge mensen

Een ander probleem van co-creatie is dat jongeren gemakkelijker te werven zijn door relatief jonge mensen en zich ook gemakkelijker openen tegenover andere jongeren, zoals Hoek van Dijke en Spooren ontdekten. Bovenlander stelt zelfs dat jongeren steeds vaker naar zijn events komen om elkaar te ontmoeten en veel minder vanwege de beleving.

Jongeren zijn dus het liefst met jongeren en willen het liefst co-creeren met jongeren, en veel minder met volwassenen. Daarom zetten Hoek van Dijke en Spooren met name jongeren in om te co-creeren met jongeren en heeft Bovenlander jonge mensen in zijn bedrijf aangenomen. Dit staat op gespannen voet met het idee van co-creatie tussen generaties.

4. Inzetten van socialmediakanalen

Een ander belangrijk instrument van jongerenmarketing is het inzetten van socialmediakanalen. Hoek, van Dijke en Spooren laten een probleem van het gebruik van dit instrument zien. Zij werven jongeren voor hun co-creatiepanels het meest effectief in de werkelijkheid, gewoon op straat en soms, voor niet-commerciële projecten, op scholen. Social media worden vervolgens met name ingezet om contact te houden met jongeren zodat zij ook daadwerkelijk komen opdagen op co-creatiesessies. Dit contact houden gebeurt zowel door e-mail – die jongeren lezen maar waarop zij niet antwoorden – en met behulp van WhatsApp.

whatsapp

Ook offline

Als er al geworven wordt via social media, dan gebeurt dat door jongeren die al meedoen aan co-creatiesessies en hun vrienden uitnodigen om ook te komen. Ook voor van Staverden is social media slechts een van de vele kanalen om zijn jeugdfilms te promoten naast media, print, outdoor, onderwijs, retail en tijdelijke kanalen zoals een VVV of een museum. Waar socialmediakanalen worden gemarket als de toekomst, werken offline-kanalen voor jongeren blijkbaar minstens net zo effectief of zelfs effectiever.

Het grijze gebied van compromissen

Terwijl jongeren zelf niet veel antwoorden hebben en zich teruggetrokken hebben in hun eigen wereldje, worden zij door jongerenmarketeers benaderd alsof zij op de eerste plaats wereldverbeteraars zijn. Jongeren worden door volwassenen betrokken bij besluitvormingsprocessen met betrekking tot grote vraagstukken, terwijl jongeren zelf liever onder elkaar zijn, praktisch zijn en opkijken tegen net iets oudere jongeren die succesvol zijn door transparant te worstelen met herkenbare dagelijkse problemen.

Jongeren willen bevestiging en buigen mee met wat de wereld van hen vraagt, terwijl volwassenen van hen antwoorden willen horen. En daar waar jongeren helderheid, authenticiteit en praktisch nut verkiezen in hun degelijke levenshouding, verwachten volwassenen van hen inspiratie. Jongeren zijn echter geen onbevangen schepsels met een out-of-the-box-oplossing voor alles. Jongeren zijn vroeg-volwassenen die hun levenspad zorgvuldig plannen, mede omdat diezelfde volwassenen van hen verwachten dat jongeren concreet kunnen uitleggen waarom zij een specifiek baantje of een specifieke opleiding ambiëren en zij het leven van jongeren in praktische zin steeds lastiger maken.

Waar jongeren en jongerenmarketeers elkaar zouden kunnen vinden, is in het grijze gebied van compromissen. Marketeers gieten hun boodschap in een authentieker jasje terwijl jongeren sponsoring accepteren. Marketeers zetten succesvolle jongeren in om jongeren te bereiken en jongeren luisteren gaarne naar deze succesvolle jongeren. Maar waar het jongeren gaat om de celebrities, gaat het marketeers om de merkboodschap.

 


frank-watching

Nieuw Frankwatching-webinar: Starten met Snapchat & Instagram Stories

Hoe belangrijk is het om als organisatie op Snapchat & Instagram Stories te zitten? Vergroot je er echt je sociale bereik mee? Tijdens dit webinar ontdek je wat je zakelijk allemaal met Snapchat & Instagram Stories kunt doen en voor welke doeleinden je deze sociale media kunt inzetten. Ben jij erbij? Meer informatie

 

Kan marketing ook een positieve verandering teweeg brengen bij kinderen?

Laatst bezocht ik het congres De jonge consument, georganiseerd door Moniek Buijzen (hoogleraar Communicatiewetenschap, in het bijzonder strategische en persuasieve communicatie) en Esther Rozendaal (universitair docent Persuasieve Communicatie), beiden werkzaam aan de Radboud Universiteit. Samen zijn zij dé experts op het gebied van jongerencommunicatie die een positieve verandering bij kinderen en jongeren teweeg wil brengen. Ik vond het een leerzame dag, vooral om te zien hoe we marketing kunnen inzetten als middel om het leven van een jongere doelgroep (kinderen en jongeren) positief te beïnvloeden.

Belangrijke inzichten die ik heb meegenomen:

1: “Dé jonge consument bestaat niet”

Om je marketingmiddelen goed aan te laten sluiten bij de doelgroep is het van belang dat we de jonge doelgroep beter segmenteren. Volgens Rozendaal “bestaat dé jonge consument niet”. Kinderen en jongeren worden vaak gezien als één doelgroep, maar er zijn veel verschillen tussen leeftijdscategorieën, behoeftes en sekse. Je marketinginstrument is enkel succesvol als je je doelgroep op de juiste manier weet aan te spreken, rekening houdend met hun behoeftes. Alleen dan kan je een stap voorwaarts maken naar een bewuster en gezonder leven.

2: Werk met characters (kinder-/ jeugdidolen)fruit

Dat de inzet van characters werkt, is voor mij niet nieuw. Niet voor niets pleit ik, samen met mijn partners in de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding, voor een ban op het gebruik van (bekende) kinderidolen op de verpakking van ongezonde voedingsmiddelen. Want: A-merk fabrikanten doen dit veelvuldig om jonge kinderen (met name onder de 7 jaar) te verleiden.

Wel nieuw voor mij is dat wanneer een organisatie bijvoorbeeld een groente & fruit campagne wil richten op kinderen, het geen zin heeft om één en hetzelfde type character in te zetten richting kinderen in de leeftijd van 3 /m 12 jaar. Logisch, als je kijkt naar de inzet van bekende idolen: Waar bij een 3-jarige een bekende, getekende, animatie zoals Dora of Sponge Bob aanspreekt (die door Verkade worden ingezet om de verkoop van hun koekjes te stimuleren), verandert dat in echte mensen als we puber zijn (denk aan boyband B-Brave die McDonalds inzet voor de promotie van een hamburger).

Simone de Droog (onderzoeker en docent bij de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Radboud Universiteit) ziet kansen: charactermarketing kan ingezet worden voor het bevorderen van gezond gedrag. Daar hoop ik de komende tijd meer voorbeelden van te zien!

3: Nog meer inspiratie – publicatie Valkenburg en Buijzen/Rozendaal

Voor wie meer wil weten over de jonge consument, zijn de volgende 2 publicaties inspirerend om te lezen:

 

Voor mij was de bijeenkomst een bevestiging dat we (met de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding) op de goede weg zijn: we streven naar een ban op het gebruik van (bekende) kinderidolen op de verpakking van ongezond eten en drinken (= wat je niet elke dag nodig hebt). En dat we de kansen moeten benutten om kinderidolen in te zetten voor het bevorderen van gezond gedrag. Zo dragen we bij aan een positieve verandering in het leven van kinderen.

 

Carolien-Martens-hartstichting

Auteur: Carolien Martens, Relatiemanager Public Affairs, Hartstichting

De Hartstichting is initiatiefnemer en partner van de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding; een actief samenwerkingsverband dat de strijd aangaat tegen op kinderen gerichte marketing van ongezonde voedingsmiddelen. Lees ons volledige standpunt op: www.stopkindermarketing.nl.

 

Ouders en kindermarketing: wat is hun mening eigenlijk?

hartstichtingMijn zoon van 5 is binnenkort jarig. Op zijn verlanglijstje staat een boomhut en “dat ding met een netje waar je je vuile kleren in kunt gooien en dat het dan in een soort mand valt”. Hij bedoelt een basketbalnet met een wasmand eronder. Hij heeft het over een tv-reclame die hij maanden geleden één keer heeft gezien. Die reclame heeft duidelijk indruk op hem gemaakt, want hij heeft het er nog steeds over. Het laat zien hoe effectief reclame kan zijn. Vind ik dit erg? Niet bij dit product, maar wel als het gaat om ongezond eten en drinken. Hier sta ik niet alleen in als ouder.

Discussie over kindermarketing losgebarsten

De discussie over wat wij (= de maatschappij) acceptabel vinden als het gaat om kindermarketing van (ongezonde) voedingsmiddelen is weer losgebarsten.

  • “Alleen gezond” zegt de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding. Een samenwerkingsverband van gezondheids- en consumentenorganisaties, diëtisten, kinderartsen, jeugdartsen en wetenschappers, dat ik met veel plezier coördineer.
  • De voedingsindustrie (FNLI) vindt de bestaande regels streng genoeg.
  • De Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) wenst: In de aanpak van overgewicht bij kinderen moeten regels ingevoerd worden om de marketing van ongezonde voedingsmiddelen terug te dringen.

Maar wat willen ouders eigenlijk? Dat wilde ik ook wel weten. Dus heeft de Hartstichting onderzoeksbureau GfK gevraagd ouders (n = 1000) met kinderen tussen de 3 en 13 jaar hierover te bevragen.

Wat vinden ouders van kindermarketing?

Ik vind het interessant om te zien dat ouders duidelijk onderscheid maken tussen kindermarketing voor gezond en ongezond eten en drinken:

  • Een meerderheid van ouders vindt dat kindermarketing voor gezond eten en drinken mag en ook een meerderheid vindt dat dit niet mag voor ongezond eten en drinken.
  • Wat mij opviel is dat het lijkt dat de omgeving bepalend is voor wat ouders acceptabel vinden. 74% van de ondervraagde ouders vindt dat bij sportverenigingen wel kinderreclame voor gezond eten en drinken gemaakt mag worden. Gevraagd of dit ook mag voor ongezond eten en drinken, antwoordt 71% van de ondervraagden: nee, dit mag niet voor ongezond.
  • 61% is van mening dat kinderidolen/tekenfilmfiguren niet op de verpakking mogen staan van ongezonde voedingsmiddelen. Als het gaat om het inzetten van kinderidolen/tekenfilmfiguren als reclamemiddel op de verpakking van gezond eten en drinken, vindt 72% dat prima.
  • Er is een substantiële groep ouders (39%) die denkt dat minder kinderen overgewicht zullen krijgen als er geen kindermarketing meer is voor ongezond eten en drinken.

De boodschap van ouders richting marketeers lijkt mij duidelijk: zet kindermarketing alleen in voor de promotie van gezonde voedingsmiddelen. Ik zie het zelf als een bevestiging van waar wij als Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding naartoe werken. In september ga ik naar het congres De jonge consument, waar ik hoop nog meer te leren over kinderen op een positieve manier te beïnvloeden. Het lijkt me leuk om je daar te zien.

Lees hier de onderzoeksresultaten naar de mening van ouders over kindermarketing.

Wat wil de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding?

kids

 Carolien Martens

Relatiemanager Public Affairs, Hartstichting

De Hartstichting is initiatiefnemer en partner van de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding; een actief samenwerkingsverband dat de strijd aangaat tegen op kinderen gerichte marketing van ongezonde voedingsmiddelen. Lees ons volledige standpunt op: www.stopkindermarketing.nl.

carolien martens

 

Meten is Weten!

Nederland is en blijft een fietsland, voor jong en oud. Er zijn zelfs meer fietsen in Nederland dan dat er mensen zijn. Op iedere hoek van de straat zit de bekende fietsenmaker die er al jaren zit en de zaak van zijn ouders of grootouders heeft overgenomen. Of de talloze online shops waarbij een kinderfiets al de volgende dag thuis bezorgd wordt.

‘Kunstjes’

We hebben het vroeger allemaal gedaan en ervaren; even een rondje fietsen op de fiets van jouw oudere broer of zus. Of op de fiets van jouw kleine buurmeisje, om te voelen ‘hoe dat ook al weer was’, terwijl je zelf net 8 jaar oud was.

Loekie meten is wetenIk kan me nog goed herinneren hoe ik op een eigenlijk veel te grote fiets stapte, nét niet bij het zadel kon en al staand een rondje door de straat reed. Waarbij ik de bochten zoveel mogelijk vermeed, omdat ik dan eigenlijk moest afstappen door te weinig balans en te weinig snelheid. Maar wat vond ik mezelf stoer!

Iets minder stoer vond ik mezelf toen ik op die kleine fiets van mijn buurmeisje, die nog met zijwieltjes fietste, in volle vaart onderuit ging. Nooit gedacht dat het zo moeilijk kon zijn om weer met zijwieltjes te fietsen.

Zoals iedereen vast weleens gekke stunts op de fiets uithaalde, heb ik dat ook volop gedaan met mijn zusje en vriendinnen. Met zijn drieën op één fiets, waarbij iemand op het zadel zat, iemand op de trappers stond en fietste en waarbij de derde het liefste op het achterrekje stónd. Allemaal niet volgens de voorschriften, zeker niet nu ik productmanager ben van kinderfietsen, maar wel onwijs leuk! Of achterop bij een vriendin waarbij je dan achterste voren op het achterrekje ging zitten, of nog gekker, de armen ging kruizen op je stuur. Linkerhand op je rechter handvat, en je rechterhand op het linker handvat. Dat heb ik helaas moeten bekopen met een traan.

Welke maat fiets kind

Maar de vraag als ouder blijft; wat is de juiste maat voor een kinderfiets? Je wilt niet binnen een jaar en een groeispurt verder wéér een nieuwe fiets voor jouw kind aanschaffen. Daarom een paar vuistregels en tips om de juiste maat kinderfiets te kopen.

  1. Kinderfietsen worden in inches weergegeven. De inchmaat is de doorsnede van de fietsband.
  2. Koop een fiets nooit op de groei. Een kind moet op het zadel kunnen zitten, bij de trappers kunnen, en met beide voeten bij de grond komen om het evenwicht te bewaren.
  3. De binnenbeenlengte geeft de juiste maat van de fiets weer. Als je de binnenbeenlengte weet van jouw kind, is het uitzoeken van een kinderfiets wat eenvoudiger. Zet de benen ongeveer 15 centimeter uit elkaar, en meet de lengte van het kruis loodrecht tot de grond. Dit is de minimale maat van de fiets die jouw kind nodig heeft, waarbij het zadel nog verder omhoog gezet kan worden naar mate jouw kind groeit.
  4. De kledingmaat geeft ook een goede indicatie om de juiste maat kinderfiets te kopen, maar is iets onnauwkeuriger dan de binnenbeenlengte. Bekijk de tabel om te zien welke inchmaat fiets bij jouw kind past.
  5. Wist je dat de lengte van jouw kind de kledingmaat weergeeft? Zo heb je dubbel voordeel van de tabel!
  6. Bepaal eerst welke maat jouw kind nodig heeft, alvorens de fiets uit te zoeken. Als een kind eenmaal een mooie fiets heeft gezien, die niet in de juiste maat leverbaar is, is de kans groot dat je toch met de verkeerde maat fiets naar huis gaat. Iets zoals die mooie schoenen toch maar kopen terwijl ze net een maatje te klein zijn…

Maattabel kinderfiets

Leeftijd (in jaren)

 

Kledingmaat/lengte

 

Binnenbeenlengte (in cm)

 

Inchmaat

 

3 – 4 92-104

 

43-53

 

12,5 inch

 

4 – 6 104-116

 

54-56

 

16 inch

 

4 – 8 110-122 57-59 18 inch

 

5 – 8

 

116-122

 

60-69

 

20 inch

 

5 – 9

 

122-128

 

63-73

 

22 inch

 

8-10

 

134-140

 

74-77

 

24 inch

 

9-12

 

146-158

 

78-81

 

26 inch

 

Auteur:

Sanne Weber, 25 jaar en werkzaam als Productmanager bij Loekie. Na mijn studie Communicatie in Utrecht en mijn Master of Business in Australië, ben ik aan de slag gegaan bij Sparta als Online Marketeer wat in eerste instantie een tijdelijke functie was. Gelukkig ben ik aan boord bij Sparta/Loekie gebleven. Ik heb een ontzettend leuke baan waarbij ik de marktbehoefte vertaal naar onze producten en deze dan weer in de markt positioneer. Een compleet plaatje waar ik mijn eigen draai kan geven aan de leukste kinderfietsen van Nederland!

Ruzies en leuke filmpjes in de groepsapp

‘Kijk eens wat een leuk filmpje, mama.’ Daar krijg ik inderdaad een grappig filmpje van mijn dochter en haar vriendinnen onder mijn neus geduwd. Hun armen versneld draaiend, hun gezichten vervormd met een grappig deuntje eronder. Ook de kat en de cavia hebben geregeld hoofdrollen in haar producties. Mijn 11-jarige heeft de app Musically ontdekt.

Socialemediagebruik

“Ik kan het allemaal niet bijhouden wat ze doen”, hoor ik ouders vaak verzuchten op ouderavonden over het socialemediagebruik van hun kinderen. “Er is iedere week wel iets nieuws.” Dus laten ze het maar gaan en moeten kinderen hun eigen weg op sociale media zien te vinden. Dat is jammer. Het is onmiskenbaar waar dat kinderen de techniek van nieuwe apparaten en apps beter beheersen dan veel ouders. Ook de lol zien zij er direct van in. Maar de inhoud, hoe je bijvoorbeeld met elkaar communiceert per app, is niet altijd meteen duidelijk. Zonder gezichtsuitdrukking en non-verbaal gedrag kun je woorden nogal eens verkeerd uitleggen. Wat zeg je wel en niet in een groepsapp? Wordt een geintje door de ontvanger ook zo ervaren? Welke foto’s van anderen zet je wel en niet in de groep? Wat doe je als je het niet meer zo leuk vindt? Daarin hebben ouders en docenten een belangrijke rol.

Tips en adviezen online

Socialbesitas-logo111Zeker omdat kinderen steeds vroeger een telefoon krijgen (vanaf groep zes). Waarom moet een kind van negen/tien jaar alles alleen uitvogelen? Dan doen we ook offline niet. Dan zitten de meeste ouders er bovenop; we willen weten met wie en waar onze kinderen spelen. Online zou dat ook niet gek zijn. Juist op die leeftijd zijn kinderen heel ontvankelijk voor tips en adviezen. Mits die gegeven worden door ouders/docenten die de lol van de kinderen proberen te snappen. Als je meekijkt, begrijp je ook beter wat wel en niet geschikt is, wordt het gemakkelijker om grenzen te stellen en komen kinderen eerder naar je toe als het misgaat op de appgroep.

En natuurlijk is dat niet eenvoudig. Mijn dochter werd een keer door een klasgenootje voor ‘monchol’ uitgemaakt in de huiswerkgroepsapp, nadat ze had opgemerkt dat het rondsturen van dertig regels aan emoij niet geschikt was voor deze app. Dochter was boos en wilde direct terug appen. Begrijpelijk maar niet echt handig. Na even stoom afgeblazen te hebben, was ze daarna ook wel blij dat ze niet had gereageerd. Hoe lastig is het om je schouders op te halen en je zelfbeheersing niet te verliezen als je gekwetst wordt? Niet alleen voor kinderen. Wij moeten onze kinderen niet het bos in sturen met de boodschap ‘zoek het maar zelf uit op sociale media’. Onze kinderen hebben ons daarbij nodig. Ook als publiek voor de leuke filmpjes en foto’s die ze maken.

Mayke Calis is journalist en tekstschrijver. Ze schreef samen met verslavingsdeskundige Herm Kisjes het boek Socialbesitas. Sociale media: van vertier tot verslaving. Naast haar schrijfwerk geeft ze ook ouderavonden op scholen (po en vo) over socialemediagebruik onder jongeren. www.maykecalis.nl en www.socialbesitas.nl.

Voelen is onthouden

Elke dag zijn wij bij Blink bezig kinderen en jongeren uit te dagen om zichzelf en hun talenten te ontwikkelen en de wereld te ontdekken. Dat doen we met concepten voor thuis en op school zoals tijdschriften, websites, apps en digitale lesmethoden.

Als je kinderen en jongeren echt wilt prikkelen of stimuleren in hun ontwikkeling dan is het belangrijk de juiste snaar te raken. Want als je iets eenmaal echt hebt gevoeld of ervaren dan onthoud je het ook. Dit wordt de laatste jaren ook nog eens ondersteund door hersenonderzoek – bij een emotie blijkt er in onze hersenen een stof vrij te komen die maakt dat we dingen beter onthouden. We hebben o.a. veel gesproken met Jelle Jolles van de Vrije universiteit van Amsterdam: “Emoties zijn de motoren van de herinnering”. En ook met Erik Scherder over de effecten van muziek op het brein.

Maar hoe zorg je ervoor dat je, met deze wetenschap in je achterhoofd, een kind echt raakt? Dat is nog niet zo eenvoudig en begint al ver voor een product idee, door op zoek te gaan naar de wezenlijke drijfveren van kinderen. Wij doen dat door elke dag weer met een frisse nieuwsgierige blik te kijken naar wat kinderen bezighoudt en waarom. Niet achter een bureau maar in co-creatie met kinderen, ouders, leerkrachten, experts en creatieven.

Er zijn een aantal factoren die er mede voor zorgen dat je ook echt achter blijft op “de harde schijf” van een kind. Dan & Chip Heat hebben hier veel interessants over te melden in hun boek Made to stick, Why some ideas survive and others don’t.

Je hebt de plakfactor als je een verhaal of een boodschap hebt gebracht die goed te begrijpen is, die onthouden wordt en die effectief is in het veranderen van gedachten of gedrag.

Deze zes principes helpen om dit voor elkaar te krijgen:

  • Houd het simpel: Wat is de kern van de boodschap die je over wilt brengen? Hanteer de kunst van het weglaten. Maar let op, een boodschap moet niet alleen kort zijn, maar vooral ook ‘diep’, dus echt betekenis hebben. Niet perse eenvoudig, maar de essentie rakend.

Dus niet: Zonnen, de voorzorgsmaatregelen en gevaren. Maar bijvoorbeeld: Zonnen, hoe vroegtijdig oud te worden.

  • Onverwachts: Hoe trek je de aandacht? Probeer tegen de verwachtingen in te gaan. Het gaat niet alleen om verrassen, maar ook om interesse en nieuwsgierigheid opwekken. Zo ging warenhuis Nordstorm, het overhemd strijken voor een klant die het meteen aan moest.
  • Ben concreet: Hoe maak je je ideeën duidelijk? Niet door vage woorden, wel door concrete voorbeelden en krachtige beelden. Niet voor niks is er het spreekwoord ‘een beeld zegt meer dan duizend woorden’.
  • Geloofwaardigheid is belangrijk: Hoe zorg je dat mensen je ideeën of je boodschap ook geloven? Het helpt als de boodschap ‘in zichzelf geloofwaardig’ is en als mensen dat ook voor zichzelf kunnen nagaan.
  • Emotioneel: We zitten zo in elkaar dat we iets voelen voor mensen en niet voor statistieken. Indrukwekkende cijfers over hongersnood hebben minder effect dan het verhaal over het leven van een arm zevenjarig meisje.
  • Story-telling. Hoe zorg je dat mensen ook het gewenste egdrag gaan vertonen? Verhalen helpen daar bij en zijn een soort blauwdruk “hoe je te gedragen”

Hoe wezenlijk deze principes ook zijn, uiteindelijk geven de gebruikers van je product of dienst je antwoord op de vraag hoe goed je product of dienst is. Daarom gaat er geen dag voorbij of wij zijn op wat voor manier dan ook in co-creatie met kinderen en hun omgeving. Om echt het verschil te maken.

[Auteur] Yvonne Keasberry, directeur Blink media. Blink ondersteunt ouders, leerkrachten en andere partners met concepten voor kinderen voor thuis en op school zoals tijdschriften, websites, apps en digitale lesmethodes.

 

Hoe leren jongeren in 2016?

 

Zijn jongeren voldoende voorbereid op de toekomst? Nee, zegt professor Geert ten Dam, nieuw SER-kroonlid in een interview met ScienceGuide.

Stedelijk museum en Snapchat

Jongeren in 2016 willen wel leren maar het moet voor hen vooral relevant zijn en betekenisvol. Een van hun grootste klachten is dat ze geen verbinding kunnen maken met de wereld buiten de school of instelling. En dat terwijl technologie zulke mooie kansen biedt voor het verbinden met die wereld, fysiek en virtueel. Een recent voorbeeld hiervan laat het Stedelijk museum zien dat via Snapchat de moeilijk te bereiken jongeren tussen 12 en 20 jaar prikkelt tot een bezoek aan het museum. Voor het hele artikel over inzet Snapchat voor doelgroep jongeren zie Adformatie.

 

Blurred learning

malmbergBovenstaand thema is wat ons elke dag in ons werk drijft als business developers bij Malmberg. Wij zien dat leren al lang niet meer beperkt is tot de formele situatie van de school, grenzen vervagen op zo veel manieren. In onze eerste blog willen we jullie laten proeven van een aantal uitingen van wat wij ‘blurred learning’ noemen.

 

Een populair karakter als Donald Duck beleeft in Duckstad vele avonturen, maar ook daar wordt spelenderwijs geleerd. Zo staat deze week het getal Pi centraal en inspireert Donald Duck jongeren om wiskunde vanuit een andere wereld te ontdekken. School en thuis lopen zo naadloos in elkaar over. We weten ook uit recent Europees onderzoek over de dynamische identiteit van jongeren dat zij leren door te ervaren en dat ze alles wat ze interessant vinden zonder poespas en vanzelfsprekend toevoegen aan de wereld die ze kennen. Voor een korte samenvatting verwijzen we naar Frankwatching.

 

Fysieke en virtuele wereld

Een derde grens die vervaagt heeft alles te maken met nieuwe technologieën en vaardigheden die kinderen hiermee kunnen ontwikkelen om goed voorbereid te zijn op hun toekomst: creativiteit, probleemoplossend vermogen, dingen met elkaar in verbinding brengen, kritisch denken, zelfstandig werken, samenwerken.

 

Hieronder een aantal voorbeelden van hoe de fysieke en virtuele wereld steeds vaker in elkaar overlopen en jongeren de kans bieden om persoonlijk ervaringen op te doen.

3D kidsprinter

malmberg2Mattel lanceert binnenkort de ThingMaker, een 3D kids printer   waarmee kinderen hun eigen speelgoed kunnen maken.

DE trend voor 2016 Virtual reality: Google expedition biedt een prachtige ingang voor het onderwijs. En hier transformeert McDonald’s de Happy Meal dozen naar Happy Goggles (aka virtual reality brillen).

 

malmberg3En hoe vaak hoor je ouders niet klagen over het feit dat hun kinderen alleen nog maar een swipe beweging kunnen maken en de resultaten van hun ‘werk’ niet tastbaar kunnen delen met ouders en omgeving. Daar heeft het bedrijf Osmo een eenvoudige oplossing voor gevonden met een eenvoudige reflector die de 2 werelden op en buiten het scherm met elkaar verbindt..

 

Twee werelden verbinden

Deze voorbeelden laten zien dat informeel en formeel leren ondersteund door de technologie, steeds meer door elkaar lopen en jongeren de kans biedt de verschillende werelden waarin ze leven wel zinvol met elkaar te verbinden.

En om terug te keren bij Donald Duck en zijn vrienden in de Duckstad wereld: als je werelden verbindt, vervagen ook grenzen tussen hoe partijen kunnen samenwerken

https://www.supportervanschoon.nl/campagnes/donald-duck-actie/

 

Door: Natasja Corver en Hans Prins

 

malmberg4Natasja Corver werkt als senior business developer bij Malmberg en zoekt in haar werk de verbinding tussen leren, jongeren en de snel veranderende wereld om ons heen.
natasja.corver@malmberg.nl
@natasjacorver

https://nl.linkedin.com/in/natasjacorver

 

 

malmberg5Hans Prins werkt als senior business developer bij Malmberg aan de implementatie van adaptief leren. Samen met scholen uitvinden hoe het leren leuker en efficiënter kan zijn is zijn drijfveer.

Hans.prins@malmberg.nl

https://nl.linkedin.com/in/hans-prins-5308627

 

 

Een nieuwe generatie ouders vraagt om een andere aanpak

Bij voorgaande generaties betekende het starten van een gezin het einde van een tijdperk. Bye bye youth, hello responsabilities! Als ouder werd je letterlijk ouder en kon je bij wijze van spreken al je jeugd-lidkaarten inleveren. Conformeren zou je doen en je jeugdigheid zou wegebben bij iedere luier die je zou verversen. Is dat ook het geval bij Generation Y? Amélie Rombauts, researcher bij Trendwolves (trendwolves.com) licht toe.

Generation Y

Generation Y is een fascinerende groep jonge mensen geboren in een bepaalde periode. In welk periode dat precies is, daarover lopen de meningen uiteen. Volgens de Amerikaanse onderzoekers William Strauss en Neil Howe gaat het om het tijdvak van 1982 tot 2001. Anderen definiëren dat van 1974 tot 1994, of van 1985 tot 2000.

Wie niet graag leeftijdsgrenzen gebruikt om Generation Y af te bakenen, doet dat met typerende kenmerken of een mind-set. Wie Gen Y zegt, ziet een generatie van jonge mensen die zich uniek voelen. Het zijn meesters in het uitbouwen van een digitaal netwerk, het zijn ervarings- en technologiejunkies. Ze streven naar een grote mate van efficiëntie en hebben weinig geduld. Ze willen snel en accuraat geholpen worden. Ze stellen zich flexibel op en verwachten dat ook van hun omgeving. Ze worden ook omschreven als creatief en gemiddeld ook beter geïnformeerd, hoger opgeleid, ondernemender en kritischer dan de voorgaande generaties.

Kanariepieten

Om die redenen en nog vele andere wordt Gen Y vaak onder de loep genomen door marketeers. Deze generatie staat immers voor jeugd, vernieuwing en verandering, waardoor zowel oudere als jongere generaties naar hen opkijken. De Gen Y’ers zijn de kanariepieten van onze samenleving, die als eersten innovatie aanvoelen en teweegbrengen. Belangrijk dus om hen te blijven boeien…

Bedrijven en marketeers blijven echter Gen Y beschouwen als de hippe eeuwig kinderloze generatie, terwijl een groot deel van Gen Y’ers zich intussen mama of papa kan noemen. En zoals ze veel veranderingen met zich meebrachten op vlak van HR toen ze de werkvloer beklommen, hangt er ook verandering in de lucht wat betreft het gezin.

Millennial ouders

Dat merk je bijvoorbeeld in beeldtaal en woordgebruik. Vandaag zien jonge gezinnen er niet meer uit zoals het klassiek kerngezin dat ons wordt ingelepeld in media en roze marketing. Kijk maar eens op de social media feed van Millennial ouders. En dat ze hun kinderen kleine fuckers of terroriserende eikels noemen is onderling perfect aanvaardbaar. Ze creëren ook een framily om zich heen, een netwerk van vrienden en bloedverwanten, die hen onder andere toelaat hun kinderloze levensstijl in grote mate te behouden en tot een work-life blend te komen.

Spiegel

trendwolvesssEr is echter meer aan de hand. Trendwolves deed een uitgebreid onderzoek naar deze marketingwijze consumenten en bundelde haar bevindingen in het boek. ‘Framily – Hoe Millennials het gezin hertekenen’. Het is een spiegel voor de ouders zelf en een blik op de interne keuken van deze boeiende doelgroep, die je maar beter goed begrijpt als je hen wil benaderen.

Naar aanloop van het volgende Kids-, Jongeren- en Familie-marketingcongres, zullen we een aantal inzichten uit dit boek delen. Hou deze pagina met andere woorden in het oog. Het zal jullie kijk op traditionele family-marketing ongetwijfeld veranderen.

 

amelieDoor: Amélie Rombauts
Amélie is trendonderzoeker bij Trendwolves. Haar interesse voor moderne gezinnen en wat hen bezighoudt leidde tot een blog (daronsdaronnes.com) en een boek dat ze samen met collega Filip Lemaitre schreef: ‘Framily. Hoe Millennials het gezin hertekenen.’ (Lannoo) Het boek kan je ondertussen hier bestellen.

 

FRAMILY. Hoe Millenials het gezin hertekenen – lannoo – www.myframily.eu
BLOG – daronsdaronnes.com
LINKEDIN – https://be.linkedin.com/in/arombauts
IG – https://instagram.com/__amelie__
TWITTER – @AmelieRombauts

Pap, mam mag ik ook mee?

Urenlang moppen aan elkaar vertellen, nieuwe vriendjes maken en steeds als de reisleider de trap op loopt doen als of je slaapt. Ik weet nog wel mijn eerste keer op kamp (met dezelfde organisatie waar ik nu 20 jaar later voor werk). Helaas lukte tijdens mijn eerste keer kamp door heimwee niet om de hele week vol te maken. Gelukkig was de herkansing een paar jaar later een groot succes!

 

Dat kinderen het geweldig vinden om nachten lang niet te slapen , kilo’s snoep te eten en dingen doen die ze eigenlijk thuis niet mogen, is niet zo gek. De uitdaging voor ons als reisorganisatie van jeugdreizen is dat óók de ouders het geweldig moeten vinden.

Vertrouwen

Een zoon of dochter alleen op kamp laten gaan, betekent voor ongeveer de helft van de ouders vooral eindelijk rust. Voor de andere helft is het echter een van de spannendste ervaringen in een ouderloopbaan. ‘Je geeft toch even je waardevolste bezit eventjes weg’. 65 jaar ervaring en vele marktonderzoeken verder weten we dat het vertrouwen dat ouders in onze organisatie hebben ongelofelijk belangrijk is voor ons succes.

Dit moest ik natuurlijk gelijk nog even checken bij mijn vader, want ik mocht immers gewoon in de herkansing: ‘zolang ik er maar op kon vertrouwen dat de veiligheidsafspraken die worden beloofd, ook werden nagekomen’.

Onze ideeën om vertrouwen bij ouders te creëren?

  • Laat duidelijk zien dat je aan elk detail hebt gedacht en neem elke drempel weg (de eerste keer op kamp, alleen of samen gaan of wat gebeurt er als..). Net dat éne detail kan mama overtuigen.
  • Wees transparant in wie je bent, waar je mee bezig bent en met wie je samenwerkt. Geef gerust een kijkje in je eigen keuken door bijvoorbeeld een opendag (ook al komt er niemand). Wees kritisch in je partners en doe niet geheimzinnig over wie ze zijn, want alles is google-baar.
  • Keurmerken en nog eens keurmerken. Vooral als ze over financiële garanties bij bijvoorbeeld faillissementen gaan.
  • Reviews op onafhankelijke websites. Zowel de goede als de minder goede.
  • Zorg voor de juiste nadruk in je uitingen. De ouder van een 8-jarige heeft nou eenmaal hele andere zorgen dan die van een 13-jarige. Wees kritisch: Staat er echt wat er moet staan? En staat het er met de juiste tone of voice?
  • Elke contactmoment is een kans om een ‘persoonlijke’ band van vertrouwen te creëren. Pak die kans.
  • Neem elke opmerking serieus en laat weten/zien wat je met die opmerkingen doet. Geef eerlijk (gewoon op je website) toe als iets niet helemaal was zoals het had moeten zijn. En wat je er aan hebt gedaan.

Wellicht dat onze ideeën een bevestiging zijn van jouw inspanningen of juist een herinnering om het stukje ‘gevoel’ weer eens onder de aandacht te brengen. Ouders vertrouwd maken door verhalen van hun eigen kind of een event waar ouders ‘in-person’ aanwezig zijn geweest, zijn voor mij persoonlijk misschien minder spannend. Maar voor de ouders en kinderen des te meer! Juist nu glasvezelkabels online dienstverlening optimaal faciliteren, is de gelegenheid van een ‘echt persoonlijke’ ervaring alleen maar belangrijker geworden om het vertrouwen van onze klanten te winnen.

marcDoor: Marc Taverne
Marc is product manager bij Vinea Vakanties
Mijn Vinea-verslaving is begonnen als 7-jarige deelnemer, later verergerd als reisleider met als gevolg dat ik mij nu elke dag bezig houd met de organisatie van onze vakanties op ‘het kantoor’.

Minder fris, meer WAT-AAH!

De volgende keer dat je een rondje door de stad rijdt, moet je maar eens turven hoe vaak je uitingen van verschillende frisdrankmerken tegenkomt. Knap staaltje werk. De distributieafdeling zorgt ervoor dat je daadwerkelijk overal fris kunt kopen. Met de broodnodige portie ‘vleugels’, ‘smaak’ of ‘happiness’ doet de marketingafdeling de rest. Niet heel makkelijk als je je kinderen juist meer water wilt laten drinken.

Water is saai

Op een avond in 2007 zat Rose Cameron op de bank en zag haar kinderen een glas cola drinken. Bewust van de calorieën in frisdranken, vroeg Rose haar kinderen om water te drinken. Haar zoons keken haar verbaasd aan en legden treffend uit waarom ze geen water wilden. “Water is saai”.

Voor Rose het uitgelezen moment om het watermerk WAT-AAH op te zetten dat het tegendeel zou bewijzen. “Ik heb WAT-AAH! opgericht, omdat ik weet dat als ik mijn kinderen wil verleiden tot een gezondere lifestyle, ik ze niet terecht moet wijzen op wat goed voor ze is. In plaats daarvan, moet ik ervoor zorgen dat het gezondere alternatief spannender en aansprekender is en dat het aansluit bij hun culturele achtergrond”.

Wat-Aah! Power

Rose begon met het design van flesjes. Dit keer geen ‘puur’, ‘duurzaam’, of ‘natuurlijk’, maar stoere flessen met kleurrijke tekeningen speciaal voor kinderen en tieners vormgegeven. Door de toepassing van electrolyse en de toevoeging van zuurstof en magnesium (only in America..), ontstond een lijn met ‘Wat-Aah! Brain’, ‘Wat-Aah! Energy’ en ‘Wat-Aah! Power’.
De flessen werden in eerste instantie alleen in haar eigen wijk verkocht. Inmiddels wordt WAT-AAH! al op meer dan 15.000 retaillocaties en op haast  8.500 scholen verkocht. Verkoopprijs? Varierend van $1 tot $1.50 (€0.90 – €1,30). Een bedrag wat vaak net iets onder de frisdrankprijzen ligt.

Wat aah

Own your future

Rose hield het niet alleen bij een mooi ontworpen product, de volgende stap was de campagne ‘Own your future’, waarin jongeren werden gewezen op het belang van goede hydratatie en waarin werd getracht de jeugd de kracht te geven om zelf de leiding te nemen over hun gezondheid en toekomst.
LovesVoor deze campagne werd superster Ariana Grande binnengehaald als WAT-AAH ambassadeur. “My fans are my everything and, because of this, I could only endorse something I believe in. Also, I love drinking water and I want to inspire my fans to do the same”. Ariana sprak zich in de media meermaals positief uit over WAH-TAAH en was zichtbaar op billboards in Amerika. Hoogtepunt was toch wel haar dorstige momentje tijdens de halftime show van NBA All-Star game in 2015.

Tacking back the streets

Om water ook de nodige street credibility te geven, is onlangs de campagne ‘Tacking back the streets’ gelanceerd. Deze campagne richt zich op de kracht van street art en zendt een positieve boodschap uit om kinderen en tieners eraan te herinneren dat water de beste, makkelijkste en leukste keuze is die zij dagelijks kunnen nemen. Aan verschillende street artists werd gevraagd om de nieuwe flessen vorm te geven. De lancering van de campagne vond plaats in het New York City Museum, waar first lady Michelle Obama een heuse WAT-AAH! expositie opende. De campagne wordt natuurlijk vergezeld door een toffe commercial gericht op kinderen en tieners.

Het effect?

De consumptie van frisdrank is de afgelopen jaren afgenomen van gemiddeld 190 liter (2005), tot 150 liter per inwoner (2014). De waterconsumptie is juist toegenomen. Feit blijft wel, dat nog steeds 33% van de kinderen en tieners in Amerika te kampen heeft met overgewicht. Daarvoor is drinken, wellicht een te klein stukje van de gezonde leefstijl puzzel.

JasperDoor: Jasper Oomen
Jasper studeerde Marketing aan de Tilburg University en werkt nu als ‘social marketeer’ voor Jongeren Op Gezond Gewicht in Vlaardingen. In deze hoedanigheid ‘verleidt’ hij kinderen en ouders door middel van sociale marketing tot de gezonde(re) keus. Schrijft over gezonde leefstijl en duurzaamheid en al het andere dat hij interessant vindt.  

Case Spotlight Nickelodeon op MovieStarPlanet

Een virtuele wereld; een mooie omgeving waar je een eigen avatar kunt maken, waar je spelletjes speelt, creatieve uitdagingen aangaat, lekker kunt shoppen en het allerbelangrijkst: waar je vriendschap sluit met leeftijdsgenootjes. Niet voor niks zijn deze platforms populair onder de kids en jongeren doelgroep en tellen deze websites nog altijd maandelijks honderd duizenden bezoekers. Uniek.

 

Voor adverteerders is een virtuele wereld de ideale plek om hun merk te integreren en de interactie aan te gaan met de doelgroep. Integraties binnen een virtuele wereld sluiten naadloos aan op de belevingswereld van de bezoeker en behalen mede daarom mooie resultaten en hoge engagement rates. Een voorbeeld van een populaire virtuele wereld is MovieStarPlanet.

MovieStarPlanet is een virtuele community waar je een eigen filmster kunnen maken. Je kunt de filmster helemaal maken zoals jij wilt, wil je op jezelf lijken of juist helemaal niet? Alles kan! Met deze filmster kom je terecht in de grote stad, hier kun je allerlei leuke activiteiten vinden. Zoals een kleding winkel om je om te kleden, een dierenwinkel om een huisdier uit te kiezen, allerlei spelletjes, een chat en creatieve uitdagingen.

MovieStarPlanet telt maandelijks 650.000 unieke bezoekers en gemiddeld zijn de bezoekers 25 minuten per sessie online. De gemiddelde tijd dat de users de website bezoeken per dag in totaal ligt zelfs op ruim 40 minuten. Een grote groep van loyale spelers die de website dagelijks bezoekt en samen met hun MovieStar vrienden spelletjes speelt.

Nickelodeon heeft er daarom voor gekozen om MovieStarPlanet toe te voegen in hun strategie om hun nieuwe serie “Spotlight” in de spotlight te zetten.

ddg

Mediabureau MEC vroeg ons om voor Nickelodeon een integratie op te zetten binnen dit populaire platform voor hun nieuwe serie “Spotlight”. De serie speelt zich af op een middelbare school voor talentvolle leerlingen. Zij krijgen naast gewone schoolvakken ook les in dansen, zingen en acteren. Er komen regelmatig bekende Nederlanders langs op de middelbare school zoals Enzo Knol, Krystl, Shaker en Kenny B.

De campagne ging van start met een grote Spotlight competitie. De MovieStars werden uitgedaagd om hun talent in te zetten en een Spotlight video, look, kamer of artbook te maken. En dat was niet het enige. Nickelodeon trakteerde de community op een virtueel cadeautje; een exclusief Spotlight t-shirt voor je MovieStar. Ter ondersteuning van de campagne werd de competitie aangejaagd met een newsslider op de activiteitenpagina, kwamen er verschillende statusupdates voorbij die door alle users gelezen worden en er waren verschillende video’s beschikbaar met fragmenten uit de serie. Nickelodeon was gedurende de campagneperiode overal binnen MovieStarPlanet te zien!

De resultaten waren indrukwekkend. Meer dan 200.000 kids ontvingen het exclusieve t-shirt, duizenden kids deden mee met de competitie en de meest creatieve inzendingen wonnen een prijs. De campagne heeft in totaal meer dan 1,5 miljoen waardevolle contactmomenten gegenereerd tussen de doelgroep en Nickelodeon.

Door: Kim Witting
KimEen passie voor online advertising en de kids en jongeren doelgroep en een passie voor virtuele werelden in het bijzonder. Bijna tien jaar geleden begonnen bij goSupermodel – destijds de grootste tienermeiden community van de Benelux – en nu werkzaam bij Yoki Network. Binnen Yoki Network maak ik de slag naar het creëren van een internationaal advertentie netwerk voor kids en jongeren en daarnaast vertel ik graag over alle bijzondere mogelijkheden die onze uitgevers te bieden hebben.

 

Glogster

“Juf! Juf! Zit u ook op Instagram? vraagt een 11-jarige leerling me. ‘Eh…nog niet,’ antwoord ik weifelend. ‘Ik zit al op Pinterest’ zeg ik snel. Ik ben voor naschoolse multimedialessen in groep 7-8 van een Brede School. Aan het gezicht van de jongen kan ik zien dat hij geen flauw idee heeft wat Pinterest is. Niet zo gek, want Pinterest wordt voornamelijk gebruikt door volwassenen vrouwen. Misschien pint zijn groepsleerkracht er wel les- en knutselideeën, wie zal het zeggen.

Glogster

Vandaag geef ik les over Glogster. De groep is druk en vindt het moeilijk om twee minuten achter elkaar te luisteren. Maar hun enthousiasme is aanstekelijk. Met Glogster kun je een digitale poster ontwerpen, met tekst, foto’s en YouTube video’s. Een superleuk alternatief voor een papieren werkstuk! We beginnen met offline brainstormen over interesses en hobby’s. Bij de jongens zijn voetbal en FIFA-games favoriet, de meisjes kiezen voor mode en landen. Ik deel woordwolken uit waarop ze trefwoorden noteren, die ze straks nodig hebben voor het zoeken naar geschikte informatie, afbeeldingen en filmpjes.

Informatievaardigheden

Ik hoop altijd dat ze in de bovenbouw enigszins informatievaardig zijn, m.a.w. dat ze informatie kunnen zoeken, vinden, kritisch beoordelen en verwerken. De praktijk blijkt compleet het tegenovergestelde. Geen van de kinderen weet hoe ze een afbeelding moet opslaan, laat staan of ze de afbeelding mogen gebruiken. Ik vraag ze wie kan uitleggen wat auteursrecht is. Tien paar ogen staren me glazig aan. Ik besluit ter plekke dat het anders moet. Ook al zijn ze hier in hun vrije tijd, ik leer ze graag nog iets bij, wat hun Glogs bovendien ten goede komt. De helft van hen gaat volgend schooljaar naar het VO. Hoe moet dat als je gewend bent om klakkeloos informatie van internet te kopiëren, geen zoekcommando’s kent en al eerste Google ads aanklikt bij je zoektocht naar informatie?

Google foefjes

mediaVeel tijd voor informatievaardigheden heb ik gezien mijn programma helaas niet. Ik beperk me tot praktische trucjes zoals Zoeken in afbeeldingen en zoektermen combineren. Informatievaardigheden behoren tot de 21st century skills, maar op veel basisscholen worden deze slechts mondjesmaat aangeleerd. In de gastlessen die ik daarover geef, gaan we aan de slag met zoekvragen formuleren, betrouwbare websites beoordelen en leer ik ze foefjes voor zoeken in Google. Ook laat ik ze kennis maken met kinderzoekmachines zoals jeugdbieb.nl en jouwzoekmachine.nl. Van kinderzoekmachines hebben kinderen vaak nog nooit gehoord. In dit klaslokaal is het niet anders.

Slimmer zoeken

Na vijf donderdagmiddagen zit mijn lestijd erop. De kinderen presenteren hun Glogs aan elkaar. Het gevoel bekruipt me dat er zoveel meer in had gezeten als ze goed de weg hadden geweten op internet. Ik heb ze gefrustreerd zien ronddwalen op Google, niet wetende hoe een URL te kopiëren of een plaatje op te slaan. Ze willen dat graag onder de knie krijgen, maar wie leert het ze? Ouders en leerkrachten hebben hierin een belangrijke taak. Een mooie start is het lezen van de brochure Slimmer zoeken. Informatievaardigheden op de basisschool. Is een goed begin immers niet het halve werk?

Door: Eliane Groenendijk

elianeNa 15 jaar in diverse functies in de gezondheidsvoorlichting heb ik sinds 2012 mijn eigen praktijk MediaSwitch. Ik geef workshops, gastlessen en ouderavonden over mediawijze thema’s in o.a. het basisonderwijs en de (jeugd)gezondheidszorg. Daarnaast werk ik als cultuurmakelaar bij Sport & Welzijn en communicatiemedewerker voor o.a. het Unicef Kinderrechten Filmfestival.

Twitter @ElaineGreendike
Facebook www.facebook.com/MediawijsmetMediaSwitch/