Kinderombudsman: ‘Ouders moeten in gesprek met hun kinderen over internetgevaren’

De nieuwe omvangrijke zedenzaak, waarbij 400 kinderen door een man via de webcam zouden zijn aangezet tot seksuele handelingen, laat wederom zien dat het gebruik van internet voor kinderen niet zonder gevaren is. Kinderombudsman Marc Dullaert doet een oproep aan ouders om nauw betrokken te blijven bij wat hun kind op internet doet: “Ouders hebben vaak geen idee wat hun zoon of dochter online beleeft. Soms steken zij zelfs hun kop in het zand. Ouders hebben de verantwoordelijkheid om met hun kinderen in gesprek gaan en om ze op internetgevaren te wijzen.”

Het verleiden of onder druk zetten van kinderen om voor de webcam seksuele handelingen te verrichten wordt ‘grooming’ genoemd. Het onderwerp was de afgelopen maanden vaker in het nieuws. Niet alleen online misbruik, ook cyberpesten, identiteitsdiefstal, afpersing en agressieve online marketing gericht op kinderen, zijn uitwassen die het internet met zich meebrengt. Marc Dullaert vindt het belangrijk dat zowel ouders als kinderen veel meer ‘internetwijs’ worden: “We leren kinderen om goed te kijken bij het oversteken, en om niet met vreemden mee te gaan als ze buitenspelen. Maar voor ‘online buitenspelen’ blijft zo’n goed gesprek vaak achterwege.” Als ouders zelf alerter worden op internetgevaren, kan schade mogelijk voorkomen worden, volgens de Kinderombudsman.

De Franse non-profit organisatie Innocence en Danger is net een campagne (pdf) gestart die in het verlengde ligt van deze oproep. In een serie advertenties wordt getoond wie er werkelijk zou kunnen zitten achter de emoticons in de chatboxen van kinderen. Brrrr….

emoticon1

Ook in Nederland worden al enige tijd diverse activiteiten ontplooid die de mediawijsheid/-voorzichtigheid moeten bevorderen, maar daarmee winnen we de oorlog nog niet.

Internetbedrijven
De kwetsbaarheid van kinderen online blijkt ook uit de zaak van de 13-jarige Freek, van wie kwaadwillenden een nep-profiel aanmaakten en uit zijn naam nare dingen op internet zetten. Freeks foto werd gebruikt in filmpjes en belachelijk gemaakt. De filmpjes gingen ‘viral’, ze werden vele malen online gedeeld door gebruikers van sociale media. Freek en zijn ouders waren wanhopig. Hoewel de ouders van Freek wel degelijk alert waren en ingrepen zodra ze het pesten bemerkten, kwamen zij er bij de sociale media-bedrijven niet doorheen.

De Kinderombudsman vindt dat ook internetbedrijven hun verantwoordelijkheid moeten nemen, en voor kinderen schadelijk materiaal sneller off-line halen. Binnenkort spreekt hij daarover met vertegenwoordigers van bedrijven. Dullaert: “Overigens, ouders kunnen niet alleen slachtofferschap voorkomen, maar ook daderschap. De pestkop van Freek bleek een minderjarige jongen. Waren de ouders van die jongen voldoende op de hoogte van het online leven van hun zoon?”

Overheid
Ook de overheid heeft een belangrijke verantwoordelijkheid, vooral op het vlak van preventie, en natuurlijk in de vervolging van strafbare feiten. De impact van moderne technologische ontwikkelingen op kinderen moet volgens de Kinderombudsman over een langere termijn worden gemonitord, zodat beleid en regelgeving kan worden bijgesteld als zich nieuwe risico’s voor kinderen voordoen. Recent nam het Kabinet al een aantal goede initiatieven zoals de website Meldknop.nl, waarop kinderen en ouders die nare dingen meemaken op internet terecht kunnen. En Minister Opstelten maakte in oktober bekend een wetswijziging te willen voorleggen om veroordeling van online misbruikers makkelijker te maken door het inzetten van ‘lokpubers’. Of dat juridisch mogelijk is wordt nu beoordeeld door de Raad van State.

Marc Dullaert: “De belevingswereld van kinderen is tegenwoordig voor een goed deel een digitale wereld. Dat vraagt van ons allemaal alertheid, om naast de grote kansen en vrijheid die het internet biedt, ons meer bewust te zijn van de mogelijke gevaren.”

Kinderrechtenmonitor 2013: ‘Kinderen betalen de rekening van de crisis’

Nu de gevolgen van de economische crisis steeds meer doordringen in de samenleving, wordt zichtbaar dat kinderen de dupe worden. Dat blijkt uit de Kinderrechtenmonitor 2013 (pdf), die in opdracht van de Kinderombudsman is opgesteld door de Universiteit Leiden en het CBS. Het rapport laat op basis van feiten en cijfers, trends en ontwikkelingen zien hoe het met de rechten van kinderen in Nederland is gesteld. “We moeten ervoor waken dat de jeugd niet het kind van de rekening wordt”, zo waarschuwt Kinderombudsman Marc Dullaert.

Hoewel het op hoofdlijnen goed gaat, zijn er wel blijvende zorgen. Eén op de negen kinderen leeft in armoede en goed onderwijs op maat voor kinderen die extra zorg nodig hebben, wordt maar geen vanzelfsprekendheid. De crisis heeft ook gevolgen voor het onderwijs en de zorg en er zijn reden tot zorg over de toename van spanningen in gezinnen door financiële problemen, wat mogelijk kan leiden tot kindermishandeling of een vechtscheiding.

Ook wordt gesignaleerd dat kinderen niet altijd de zorg en voorzieningen krijgen, waar ze recht op hebben. Duizenden kinderen gaan niet naar school. De Kinderombudsman vindt dat er voor hen een oplossing moet worden gevonden met maatwerk als uitgangspunt. Steeds meer kinderen leven in armoede en kunnen daardoor niet meedoen in de maatschappij. Ook zijn er voor kinderen en jongeren lange wachttijden in de geïndiceerde zorg.

De Kinderombudsman constateert ook dat er op diverse terreinen beter moet worden geluisterd naar kinderen. Volgens het Kinderrechtenverdrag moet de mening van het kind in alle procedures die hem of haar aangaan, worden gehoord en serieus worden genomen. Uit de monitor komt naar voren dat dat onvoldoende gebeurt, bijvoorbeeld in de rechtspraak en in de (gesloten) jeugdzorg. Het gaat om kwesties die grote impact hebben op de levens van kinderen, zoals bij omgangsregelingen tussen scheidende ouders, uithuisplaatsing, of gehoord worden als slachtoffer van een misdrijf.

De Kinderrechtenmonitor verscheen in 2012 voor het eerst. De Kinderombudsman signaleerde toen dat veel kinderen in armoede opgroeien. Een aantal dat sindsdien is gestegen tot 377.000 kinderen. Ook vroeg de Kinderombudsman vorig jaar aandacht voor de 118.000 kinderen, die slachtoffer zijn van kindermishandeling. De verplichte meldcode voor professionals is een goed initiatief, maar concrete stappen om deze cijfers op korte termijn terug te dringen, ontbreken. Ook de situatie van asielzoekerskinderen is niet structureel verbeterd. Het Kinderpardon is een uitkomst voor veel kinderen, maar biedt geen oplossing voor de lange termijn. Ook de zorgen van de Kinderombudsman over kinderen van erkende vluchtelingen, die in het kader van gezinshereniging naar hun ouders willen reizen, zijn nog niet uit de lucht.

Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright ©2020