Opgroeien

Waarom Generatie Y-yuppies wel gelukkig kunnen zijn

Onlangs kwam ik een artikel tegen met de titel ‘Why Generation Y Yuppies are unhappy’. BAM, in the face! Met ruim 26 levensjaren op de teller behoor ik namelijk tot Generatie Y. Ongelukkig? Ik? Hier klopt geloof ik iets niet! Ik ben niet ongelukkig en ik wil wel eens weten waarom dat zo zou zijn. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt, dus las ik het artikel. Naderhand kon ik niets anders dan zeggen dat er wel degelijk een kern van waarheid in het verhaal zit, maar ongelukkig, dat ben ik zeker niet.

Carrière maken, dat is waar het artikel over gaat. Voor het gemak leg ik het even uit aan de hand van mijn leven; hoe het bij mij gegaan zou moeten zijn dus. Mijn grootouders zijn opgegroeid tijdens WOII en hebben het in die tijd erg moeilijk gehad. Dat is de reden dat zij voor mijn ouders (de baby boomers) een zekere financiële situatie wilden. Dit lukte en de situatie was zelfs beter dan verwacht. Dit maakte mijn ouders erg gelukkig en optimistisch, want realiteit – verwachtingen = geluk. Met deze positiviteit en de ervaring met onbegrensde mogelijkheden voedden mijn ouders mij op. Ze vertelden mij dat ik speciaal en bijzonder ben en dat iedereen een carrière krijgt waar hij of zij voldoening uit kan halen, die meer biedt dan alleen zekerheid dus. Maar ik ben unusually wonderful en ik zou opvallen in de menigte tijdens het begin van mijn carrière; ik zou het beter doen dan de rest. Dit is het punt waar ik dacht ‘hoo, even rustig aan’. Ten eerste is mij nooit verteld dat ik een carrière zou ‘krijgen’ en ten tweede ook niet dat ik zomaar op zou vallen tussen al die anderen. Ja, natuurlijk vinden mijn ouders mij unusually wonderful; ik ben hun kind, hun eigen creatie, dus ik ben speciaal en bijzonder voor hen. Maar dit betekent niet dat ik dat voor iedereen ben. Mijn ouders hebben mij altijd geleerd dat je hard moet werken om iets te bereiken, dus ook om een glansrijke carrière tegemoet te gaan. Onbegrensde mogelijkheden en de kans op een baan waar je veel voldoening uit kunt halen zijn er zeker, maar deze kansen moet je wel goed benutten.

GYPSY’s, Gen Y Protagonist & Special Yuppies oftewel iemand die denkt de hoofdpersoon te zijn van een heel bijzonder verhaal, zo noemt de persoon Generatie Y. Alle GYPSY’s denken dat zij speciaal zijn, zelfs als ze weten dat alle GYPSY’s dat denken. Nee, dat denk ik niet; het zou zelfs wel eens the other way around kunnen zijn. Dan kom ik meteen bij het moderne fenomeen Facebook Image Crafting, dat in het artikel wordt genoemd. Facebook Image Crafting houdt in dat sociale media een wereld creëren waar je kan zien wat iedereen doet, maar waar de meeste mensen wel een mooiere versie van zichzelf presenteren. Daarnaast praten alleen mensen met een succesvolle carrière over wat zij doen; mensen die moeilijkheden ondervinden in hun carrière uiten dit niet op sociale media. Dit zorgt ervoor dat GYPSY’s denken dat alle anderen het goed doen, waardoor ze gefrustreerd raken en zich inadequaat voelen. Je eigen carrière voelt dan als een teleurstelling. En dit is volgens mij precies één van de redenen waarom GYPSY’s zich juist niet speciaal en bijzonder voelen. Het leven van anderen lijkt op Facebook vaak heel succesvol en alleen maar leuk. Omdat er niet bij wordt verteld hoe hard je hiervoor moet werken, kan het voor anderen lijken of dit zomaar aan komt waaien. Ik denk dus inderdaad dat Generatie Y soms te makkelijk kan denken over het ‘krijgen’ van een mooie carrière, maar of we nou allemaal echte GYPSY’s zijn, daar ben ik het niet mee eens.

De GYPSY’s wordt advies gegeven: “Blijf vooral enorm ambitieus, stop met denken dat je bijzonder bent en negeer anderen”. Ambitieus moeten we zeker blijven, daar is geen twijfel over mogelijk. Maar stoppen met denken dat we bijzonder zijn, dat vind ik nogal wat. Het is inderdaad een feit dat je nog niet speciaal bent als je nog geen werkervaring hebt, maar om een baan te vinden moet je je wel onderscheiden en laten zien dat jij die ene persoon bent die toch wel een heel klein beetje speciaal is. Dit doe je onder andere met dingen die je naast je studie hebt gedaan of bepaalde eigenschappen die je bezit. Je moet er dus wel in blijven geloven dat je bijzonder bent (in ieder geval een beetje meer dan anderen die in een soortgelijke situatie zitten) en ook aan kunnen geven waarom dit zo is. Dan het negeren van anderen; daar zit een kern van waarheid in, maar vind ik eigenlijk iets te kort door de bocht. Ik denk dat door te zien wat anderen doen je ook scherp en ambitieus kunt blijven en elkaar kan stimuleren om meer uit jezelf kunnen te halen. Maar tegelijkertijd moet je wel inzien wanneer je er voor jezelf genoeg uit hebt gehaald en jezelf niet continu blijven vergelijken met anderen.

Zoals ik al zei heb ik nooit gedacht dat een mooie carrière zomaar aan zou komen waaien. Ik ben opgevoed met de gedachte dat je hier zelf hard voor moet werken. Daar ben ik nu druk mee bezig en dit gaat beter dan ik had verwacht. Mag ik dan nu officieel zeggen dat ik gelukkig ben?

[Afbeelding via wait but why]

Previous ArticleNext Article
Denise (1987) is junior marktonderzoeker bij SMALL - kids en jongeren marktonderzoek en consultancy. Zij studeerde Communicatiewetenschap met als specialisatie Jeugd & Media aan de Universiteit van Amsterdam. Het onderwerp van haar afstudeerscriptie is de invloed van media op studiekeuze. Zij werkte tijdens haar studie projectmatig voor YoungWorks. Denise was recent betrokken bij Day for Change als online communicatie specialist en was tevens vrijwilliger bij de Nationale Jeugd Raad in de rol van Energie Coach. Samen met haar zus heeft Denise een blog over fashion, food, travel & lifestyle: Denichant.

1 Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright ©2020