Jongeren bedenken stad van de toekomst in Nationale Sci-Tech Challenge: duurzaam en milieuvriendelijk

Meer dan 50 leerlingen van het voortgezet onderwijs van scholen uit Waalwijk, Rotterdam, Spijkenisse, Vlaardingen, Oud-Beijerland, Hellevoetsluis en Veenendaal bedachten hun stad van de toekomst. Deze uitdaging kregen ze afgelopen week van ExxonMobil en Jong Ondernemen op de vijfde editie van de Nationale Sci-Tech Challenge*. De wedstrijd heeft als doel om jongeren bewust te maken van energieuitdagingenen ze te stimuleren tot een studiekeuze binnen de wetenschappelijke of technologische sector.

Winnaar werd de groep V5 van het Ichthus College in Veenendaal, bestaande uit Arie Torn Broers, Hans van Malsen, Leon Huynh, Jelger Bijma en Hannah Bout, die praktische, creatieve én moderne manieren voorstelden om met z’n allen samen te leven in de steeds drukker wordende stad. Volgens hen ligt ‘de stad van de toekomst’ idealiter aan zee en hebben de wolkenkrabbers windturbines. Deze draaien voor een deel op zonne- en windenergie. Daarnaast bestaan er opslageilanden met zonnepanelen. “Het meest efficiënte voorstel, het best uitgewerkte en in dat opzicht het meest realistische”, aldus de jury. Het winnende team mag van 21 tot 23 april 2015 deelnemen aan de Europese finale in Boekarest.

De stad van morgen is een duurzame en milieuvriendelijke stad. Maar hoe worden steden duurzaam, leefbaar én milieuvriendelijk? Dat was de opdracht die 50 jongeren uit verschillende scholen gisteren voorgeschoteld kregen. Over de lijn van oplossingen bleek dat jongeren aandacht schenken aan auto- en fietsdeelsystemen, duurzaam wonen door woonunits verticaal op te bouwen, warmtenetten, windmolens, zonnepanelen en groene logistiek via een uitgebreid transportnetwerk van trams, metro’s en bussen.

*De Sci Tech Challenge is een jaarlijkse wedstrijd die bestaat uit klasbezoeken van ExxonMobilmedewerkers, een quiz en een wedstrijddag. ExxonMobil, het grootste beursgenoteerde internationale olie- en gasbedrijf in de wereld, heeft deze challenge in het leven geroepen om op originele wijze aandacht te vragen voor energie en de daarbij horende uitdagingen van de toekomst. Aangezien er dagelijks tienduizenden jongeren (leerlingen en studenten) praktisch bezig zijn met ondernemerschap via programma’s en projecten van samenwerkingsvereband Jong Ondernemen, is dit een logische partner voor dit initiatief. Het evenement werd georganiseerd in het Educatief Informatie Centrum (EIC) in Rozenburg. Jaarlijks bezoeken ruim 21.000 leerlingen en studenten zowel uit de regio als landelijk via het EIC de Rotterdamse haven om te ervaren wat er in de haven gebeurt en zich zo te oriënteren op hun toekomstig beroep.

PS  Eerder deze maand werd de Vlaamse finale al gewonnen door het team van Ellen Reynaert, Laurens Van Praet, Wout Timmermans, Lauren Silis, Jens Ringoot en Annelien Vanderstraeten. Zij voorzien dat de stad van de toekomst groener zijn en autoluw zal zijn. Er zal weer meer ademruimte komen voor stadsparken en speeltuinen. Er zal ook meer ingezet worden op autovrije centra. Een beter openbaar vervoer, minder vervuilende voertuigen en meer fietsverkeer kunnen bijdragen tot een leefbaardere en milieuvriendelijkere stad.

[Inhakers] Nederland loopt steeds warmer voor energiebesparing op Warme Truiendag

Klimaatverbond Nederland en duurzame energieleverancier Greenchoice organiseren vandaag de negende en grootste Warme Truiendag ooit (om de hoofdsponsor genoeg aandacht te geven, is de jaarlijkse actie omgedoopt tot ‘Greenchoice Warme Truiendag’), met acties van waarschijnlijk ruim 200.000 deelnemers door heel Nederland. Op school, thuis en op kantoor trekken de deelnemers een warme trui aan en zetten de verwarming een graadje lager. Elke graad lager bespaart 6% energie en dus CO2-uitstoot én stookkosten, is de boodschap.

De trui staat symbool voor wat mensen zelf kunnen doen om de uitstoot van broeikasgassen die bijdragen aan klimaatverandering tegen te gaan. En daar is nog een wereld te winnen, blijkt uit net verschenen onderzoek van Tilburg University, toegelicht door prof. dr. Dirk Brounen: “Je ziet dat mensen die hun huis energiezuiniger maken, vaak minder kritisch worden in hun energiebesparende houding. Om maximale besparing te realiseren, zul je je dus niet alleen op de techniek moeten richten, maar ook op gedrag.”

Deelnemers uit het hele land hebben zich aangemeld op www.warmetruiendag.nl. Onder meer de NS, Erasmus Universiteit Rotterdam, Arcadis, Provincie Groningen, TNO, gemeente Haarlem, Liander, Waterschap Rivierenland, Sanoma en tientallen (basis)scholen doen mee. Vrijdagochtend 6 februari geeft Mart Smeets het startschot voor de Warme Truiendag 2015 op Radio Veronica in ‘De Trui van 2015’, ontworpen door Carolien Evers. Onder het motto ‘verwarm jezelf en niet de wereld’ deelde DJ Jeroen van Inkel op Radio Veronica afgelopen twee weken truien uit aan onder andere André Kuipers, Art Rooijakkers en Helga van Leur.

Inhakers
Dat de actie steeds populairder wordt, brengt ook met zich mee dat adverteerders het als een kans zien om daar op in te haken. Onze Taal meldt dat warmetruiendag eigenlijk één woord is. En bij Centraal Beheer vragen ze naar voorbeelden van inhakers. Klik hier voor een compleet overzicht, hieronder vind je een selectie.

Donald Duck pakt het groots aan met een speciale ‘gebreide’ Warme Truiendag-editie (nr. 5, 2015); de verwarming in Duckstad wordt op ‘standje Dagobert’ (lees: uit) gezet, de warme truien komen uit de kast en heel Duckstad zet zijn beste beentje voor om iets goed te doen voor het milieu. Dit jaar staat het vrolijke weekblad helemaal in het thema ‘Van Donald Duck steek je meer op dan je denkt’, om te benadrukken dat bij Donald Duck ‘fun’ centraal staat en dat ‘leren’ een natuurlijk gevolg is. Ter inspiratie staat dit jaar een aantal educatieve én leuke thema’s centraal, waarvan duurzaamheid de eerste is. Naast het blad worden Duck-fans ook via Instagram, Twitter en Facebook aangespoord om op hun energieverbruik te letten.

DD 5-2015

De NS plaatste gisteren bij wijze van waarschuwing al een Facebook-plaatje online.

warme trui NS

Bij Unox hebben ze goed naar het breipatroon gekeken dat Oma Duck voor de cover van Donald Duck gebruikt heeft?

warme trui Unox

Klanten van HEMA moeten zelf nog aan de slag.

warme trui hemakopie

En Eneco pakt die draad op.

warme trui eneco

Ook als je activiteiten geen directe link met deze dag hebben, kan je inhaken met een ontkenning, moeten ze bij het Dolfinarium gedacht hebben.

warme trui dolfinarium

Bij Corendon besparen ze niet alleen op energie vandaag, maar ook op de vormgeving? Dat ze zo’n slecht staaltje Photoshop(?) op hun Facebook-timeline durven te delen.

warme trui corendon

Een warme trui of een bikini; Belvilla past naar eigen zeggen in elk seizoen.

warme trui belvilla

En De Hypother breit een einde aan deze blogpost.

warme trui hypothekerkopie

Ook onder andere INGASN Bank, Rijksmuseum, Greenpeace en Playboy Condoms haakten in, maar imho niet op een manier die het delen waard is.

Actie voor energiebesparing: achtste ‘Warme Truiendag’ is grootste ooit

Vandaag organiseren Klimaatverbond en Greenchoice de achtste en grootste Warme Truiendag ooit, met acties van bijna 200.000 deelnemers door heel Nederland. Op school, thuis en op kantoor trekken zij een warme trui aan en zetten de verwarming wat minder hoog. Zo laten zij zien dat ze het klimaat sparen en energie besparen. Elke graad lager, bespaart 7% stookkosten en CO2-uitstoot (als heel Nederland slechts een dag de verwarming een graadje omlaag zet, spaart dat 3,6 miljoen m3 gas uit, zo rekende Milieu Centraal uit: 3,2 miljoen euro en 6,4 miljoen kg CO2).

Energiebesparing wint snel aan populariteit. Steeds meer bedrijven en gezinnen ontdekken hoe weinig moeite het kost en hoeveel geld het direct oplevert en het was zelfs het populairste duurzame voornemen van 2014 voor 62% van de ondervraagden in het Goede Voornemens-onderzoek van ING. Een huishouden kan eenvoudig €600 per jaar besparen zonder op comfort in te leveren: de verwarming een uur voor het slapen uitzetten, ongebruikte ruimtes niet verwarmen en de thermostaat een graadje lager zetten.

Gemiddeld staat de verwarming thuis en op kantoor op 21,5 graden Celcius. Onderzoekster Lenneke Kuijer van TU Delft promoveert vandaag – dat is vast geen toeval – op duurzaam gedrag: “We hebben onze kleding aangepast aan een binnenklimaat van 21,5 graden. Maar we kunnen makkelijk wennen aan een iets lagere temperatuur en ons toch comfortabel voelen. Bijvoorbeeld door ’s zomers een raam open te zetten en ’s winters een extra trui of vest aan te trekken.” Tilburg University heeft afgelopen jaar naar schatting €100.000 bespaard door in de winter élke dag de verwarming standaard een graadje lager te draaien en in de zomer standaard een graadje minder te koelen. Van de medewerkers staat 86% achter het nieuwe kantoorklimaat.

Op veel scholen is er deze periode volop aandacht voor het besparen van energie. Veel Natuur- en Milieueducatiecentra bieden een Warme Truiendag-lesbrief. Daarnaast is er lesmateriaal Klimaat & Energie van Greenpeace, waarmee leerlingen van groep 7 en 8 aan de slag gaan. Ook is veel informatie beschikbaar via allerlei nieuwsdossiers, websites en filmpjes over klimaat en energie.

Internationale Warme Truiendag wordt sinds 2007 georganiseerd, rond de verjaardag van het Kyotoprotocol uit 2005. Het Klimaatverbond, een netwerk van lokale overheden dat werkt aan effectief klimaatbeleid, is initiatiefnemer van de Nederlandse Warme Truiendag. Sinds 2013 steunt het duurzame energiebedrijf Greenchoice de campagne. Naast deze voor de hand liggende sponsors haakt in 2014 ook McDonald’s in. Pera & Pasha hebben een unieke, warme Bic Mac-trui gebreid, die te winnen is via de Facebookpagina van de hamburgergigant.

OERRR in gesprek met kinderen over faunabeheer

[Over het benutten van de denkkracht en het creëren van betrokkenheid van kinderen]

Het betrekken van kinderen en jongeren bij je product of vraagstuk is hot. Het Stedelijk Museum heeft jongeren in dienst als gids om bezoekende jongeren te enthousiasmeren. Steeds meer merken hebben schaduwdirecties om producten en campagnes op continue basis te toetsen. En afgelopen week ging Natuurmonumenten met 50 kinderen tussen de 9 en 12 jaar, de dialoog aan over faunabeheer.

Ontwikkelingspsycholoog Piaget stelt dat kinderen van ongeveer 7 tot 11 jaar ontdekken dat er verschillende manieren van kijken zijn. Ze komen erachter dat een vriendje bijvoorbeeld anders kan denken over bepaalde dingen. Kinderen in deze leeftijd gaan logisch redeneren. Dat deze kinderen leren dat er andere perspectieven zijn, is een enorme meerwaarde van een dialoog met kinderen. Ze krijgen begrip voor dingen die anders kunnen zijn.

Tegelijkertijd nemen kinderen elkaar heel serieus, ze luisteren naar elkaar. Hun pure denkkracht en handelingsperspectief is ontzettend waardevol om naar te luisteren. Een dialoog met kinderen is alleen al om deze reden meer dan de moeite waard. Je gaat terug naar de basis. De kern. En je creëert ook nog eens betrokkenheid bij je doelgroep.

Waar je rekening mee moet houden
Het abstractievermogen van jonge kinderen (tot 12 jaar) is nog niet voldoende ontwikkeld. Concrete vraagstelling, zonder dat je teveel weggeeft, is daarom onontbeerlijk. Je wilt kinderen wel de ruimte geven om hun visie te geven, zonder invloed van volwassenen.

De dialoog van OERRR*
Natuurmonumenten organiseerde op 18 september een ledenraadpleging om te debatteren over het faunabeheer in Nederland. Een ‘trending topic’ dankzij onder andere de komst van de wolf en de discussie over het afschieten van damherten in de Amsterdamse WaterleidingDuinen.

’s Middags kwamen de kinderen van OERRR aan het woord, want met 100.000 aangemelde kinderen hebben zij uiteraard ook recht van spreken. Maar bovenal wilde Natuurmonumenten de denkkracht van kinderen onderstrepen bij volwassenen en de dialoog tussen kinderen en volwassenen op gang brengen.

Aanpak
Om voldoende inzichten in de kennis en houding van kinderen te krijgen ten aanzien van faunabeheer, is er eerst een enquête gehouden onder alle OERRR-kinderen. De uitkomst is gebruikt als inzicht om de dialoog aan te gaan.

Vervolgens zijn er kinderen uitgenodigd die mee hebben gedaan aan de enquête. Ook zijn er scholen uitgenodigd. Van tevoren werden deze scholen bezocht door boswachters en werden de leerlingen bijgepraat over hoe wilde dieren leven in Nederland. Een belangrijk uitgangspunt hierbij was om niet in te gaan op de problemen die de wilde dieren veroorzaken. Je wilt de kinderen immers zo min mogelijk beïnvloeden, omdat je primaire –en dus pure- reacties wilt. Het onderwerp is best complex. Daarom heeft Natuurmonumenten er voor gekozen om te focussen op kinderen uit de bovenbouw van de basisschool (10-12 jaar).

Dialoog
Hoe kunnen mens en dier optimaal samen leven in Nederland? Dat was de centrale vraag tijdens de dialoog, die werd gemodereerd door Isolde Hallensleben. Er deden ruim 50 kinderen mee. Allemaal even enthousiast en eager om hun mening te delen met aanwezigen zoals Marianne Thieme, de Dierenbescherming, de Jagersvereniging en natuurlijk Natuurmonumenten zelf.

Er werd geluisterd naar elkaar, er werd gewikt en gewogen en samen zochten de kinderen naar een ultieme oplossing. Dé oplossing is helaas niet gevonden, maar wel werd heel duidelijk dat de kinderen het belang van de dieren niet ondergeschikt vinden aan dat van de mens.

Doel behaald
De dialoog tussen volwassenen en kinderen is op gang gebracht en de aangedragen oplossingen zijn meegenomen in het debat voor volwassenen. Daarnaast was de betrokkenheid van de kinderen overweldigend. Het betekent dat kinderen zich verbonden voelen met het onderwerp en dat is precies waarom OERRR een jaar geleden geboren werd: om kinderen te betrekken en te inspireren om de natuur te ontdekken.

*Er zijn reeds 100.000 kinderen aangemeld bij OERRR, een initiatief van Natuurmonumenten om de jeugd te inspireren om de natuur te ontdekken.

OERRR-kaarten laten kinderen de natuur ontdekken

Door de ogen van een kind ziet de natuur in Nederland er anders uit. Dat is het uitgangspunt van het vandaag gepresenteerde initiatief ‘OERRR’ van Natuurmonumenten. Kinderen en ouders worden hiermee gestimuleerd om natuur en buiten zijn volop te beleven. Met OERRR biedt Natuurmonumenten naar eigen zeggen kinderen de ruimte om buiten te spelen, de fantasie te prikkelen, angsten te overwinnen, te leren vertrouwen op zichzelf en in contact te komen met dieren en planten.

"Alle kinderen in Nederland hebben recht op de natuur."

Buiten spelen is lang niet meer zo vanzelfsprekend als vroeger. Ten onrechte, vindt Natuurmonumenten. Ieder kind moet natuur kunnen vinden, waar hij/zij ook woont. Met OERRR wil Natuurmonumenten kinderen en ouders weer inspiratie geven om het buitengevoel te beleven en verbonden te raken met de natuur. Natuurmonumenten roept alle kinderen in Nederland daarom op zich aan te sluiten bij OERRR. Ieder kind kan zich kosteloos via zijn of haar ouders aanmelden om OERRR te gaan beleven. Ze krijgen elk jaargetijde een set OERRR-kaarten en ander materiaal om geïnspireerd te raken de buitenlucht op te zoeken.

Het zijn kaarten op handzaam formaat met speel-, knutsel- en weetopdrachten waarvoor je alleen maar de deur hoeft uit te stappen. Dat levert spannende ervaringen op in de buitenlucht. Daarnaast staan er op de OERRR-kaarten verrassende natuurweetjes en tips. Hoe je bijvoorbeeld het weer kunt voorspellen met een dennenappel, of hoe je net als een egel je onder de bladeren kan verstoppen. Vies worden mag!

[Creatie door Kat & Muis en Linden & Barbosa]

Langetermijndenken in vluchtige tijden

Duurzaamheid is een trend, een officieel erkende zelfs. Dat is mooi, natuurlijk. Maar hoe vreemd is het dat we tegelijkertijd leven in een tijd die vluchtiger is dan ooit. Denk aan producten die niet meer zo lang meegaan als vroeger, gesprekken die oppervlakkiger zijn dan voorheen en nieuws dat al oud nieuws is voordat het in de krant staat. Of aan blogposts en tweets die zijn weggezakt voordat ze de aandacht hebben gekregen die ze verdienen. Aan telefoons waarvan de abonneeduur nog lang niet is verlopen terwijl er wel nieuwe must-have types gelanceerd worden. Enzovoort.

Trends volgen elkaar in onnavolgbaar tempo op. Heb je net gegoogled wat dat ‘planking’ is waar iedereen het over heeft, blijkt het al uit te zijn en vliegen foto’s van ‘owling’, ‘horsemaning’, ‘stocking’, ‘batmanning’, ‘razorbombing’ en ‘scarlettjohanssoning’ (of wat de creatieve internetgeneratie inmiddels nog meer verzonnen heeft) rond op het web. Spaaracties van de supermarkten zijn haast inwisselbaar; muntjes, vrachtwagentjes of constructiespeelgoed verzamelen is bijna net zo leuk als boodschappen doen (of bedelen) voor poppetjes. Wat is nog een echte trend?

Vandale.nl definieert een trend als 1) ontwikkelingslijn; neiging, richting of 2) mode. Het moge duidelijk zijn dat een ontwikkelingslijn (de verklaring van dát woord staat niet in het gratis online woordenboek) een geschikter aanknopingspunt is om bij aan te haken dan een kortstondige rage. Tegen de tijd dat een opvolger van planking in een advertentie is verwerkt, is de buzz al elders. De onderliggende gedachte – een creatieve pose fotograferen – kan al beter ter inspiratie dienen, maar het beste is om op een nog dieper (of hoger) niveau naar een meer gedegen verklaring te zoeken. Zoals zo vaak is het beantwoorden van de ‘waarom-vraag’ interessanter dan het vastleggen van het ‘wat’.

Op het Esomar-congres, waar onlangs ruim 1.000 marktonderzoekers van overal ter wereld samenkwamen, vergeleek een van de sprekers het uitvoeren van onderzoek met het maken van snapshots: “We werpen een blik op het verleden, zoals we kijken naar foto’s in een familiealbum.” Aangeraden werd om een serie plaatjes te vertalen naar een film en die vooruit te spoelen. Het gaat daarbij niet zozeer om het voorspellen van de toekomst, meer om het ontwikkelen van een visie op de rol van het eigen merk in de toekomst.

Wie beelden van jongeren op een rijtje zet, zal constateren dat er qua uiterlijk vertoon –  hoe ze zich kleden en hun lichaam customizen, de technologie waarmee ze communiceren, de muziek die ze beluisteren, et cetera –  een en ander veranderd is. Maar dat is ook weer niet zo héél anders; het belang van uiterlijk, zoeken naar identiteit, contact met leeftijdsgenoten en erbij horen is van alle tijden. Wie dat beseft verzint makkelijker een strategie voor de toekomst dan degenen die achter de hypes aanrennen.

Zelfs in deze vluchtige tijd mag de lange termijn niet vergeten worden. Verstandige marketeers weten dat, kijken terug én vooruit. Niet voor niets is duurzaamheid een trend.