Bingo Battle! Herontdek het museum met 7 BN’ers: van rappers en vloggers tot acteurs!

Hoe krijg je jonge mensen enthousiast over musea? Het is een vraag die de instellingen al langer bezighoudt en ook voor de overheid is het een hot item. MuseumTV en CJP hebben daarom, met hulp van het Mondriaan Fonds, de Bingo Battle in het leven geroepen. Na onderzoek onder en interactie met de doelgroep is er voor een nieuwe aanpak gekozen: een ‘challenge’ in een street art huisstijl die goed past bij het kijkgedrag van deze jongeren. Doelgroepsrelevante BN’ers als Guido Spek, Sophie Milzink, Akwasi, Tabitha en Christina Curry nemen hen mee naar dit voor hen nog wat onontdekte terrein: het museum. 

Vanaf donderdag 6 september wordt er iedere week een nieuwe video gereleased, met video’s die zich onder andere afspelen in het Van Gogh Museum, het Eye Filmmuseum, het COMM Museum, het Stedelijk Museum Breda en Rijksmuseum Boerhaave. Bekijk nu de eerste video met Guido Spek in het Afrika Museum op www.bingo-battle.nl en kom er achter of hij… in het leembad moet!

Wat willen jongeren zien?

Musea zien in dat jongeren, voor wie kunst en cultuur misschien minder vanzelfsprekend is, absoluut te interesseren zijn voor dit onderwerp – mits het op een andere manier wordt aangepakt. Jonge mensen kijken namelijk op een andere, meer intuïtieve manier naar kunst, cultuur en wetenschap: ze willen dingen ontdekken vanuit hun eigen interesses. Ze blijken vooral geïnteresseerd in cultuur die aansluit bij hun jeugdcultuur en belevingswereld en het internet is voor hen een belangrijke bron voor cultuurparticipatie. Het is ook belangrijk dat de challenge niet een kwestie is van simpelweg wat plaatjes afvinken: deze jonge mensen willen ook dingen doen in het museum, interactieve activiteiten die hen stimuleren om anders naar het museum te kijken.

Met name ook jongeren uit het mbo willen daarnaast niet het gevoel krijgen dat ze bepaalde voorkennis missen. Het is voor musea dan ook van belang om deze jongeren elementen te laten zien waar ze zich in kunnen herkennen. Zo geven ze deze doelgroep het gevoel dat kunst, cultuur en wetenschap ook te relateren zijn aan hun dagelijkse leven. Yuki Kho, bekend van Kunst Kijken met Ko en Kho, presenteert de serie waarbij ze op een intuïtieve en pretentieloze manier kijkt naar kunst en cultuur. Het is een manier die mensen stimuleert om vooral zelf een mening te vormen. Het jonge team achter het project heeft bovendien verschillende focusgroepen ingeschakeld om ervoor te zorgen dat het eindresultaat goed aansluit op de jongeren. Deze interactie met de doelgroep is essentieel. Musea kunnen daarbij langdurig profiteren van de campagne omdat jongeren de bingokaart zelf kunnen downloaden of kunnen spelen in de MuseumTV app.

Het team achter de Bingo Battle: MuseumTV en CJP

Samen staan deze twee stichtingen sterk. MuseumTV heeft inmiddels 140 musea op haar video-on-demand platform geplaatst met als doel om kunst en cultuur voor iedereen gratis bereikbaar te maken. Er wordt daarbij ingezet op online marketing en bereik: tussen mei en augustus 2018 bereikte MuseumTV 2,2 miljoen mensen. MuseumTV werkt hiervoor ook samen met partners die buiten de culturele sector opereren, zoals KPN, NS en de HEMA. CJP voegt daar tientallen jaren ervaring in het cultureel interesseren van deze jonge doelgroep aan toe. Een perfecte match dus!

MuseumTV oprichter Marieke van der Donk wil “zo veel mogelijk mensen in contact brengen met kunst en cultuur. We zetten daarbij ook in op nieuwe doelgroepen en jongeren horen daar zeker bij! We hebben het concept ook niet alleen voor hen ontwikkeld, maar juist ook samen met hen.”

CJP directeur Walter Groenen voegt daaraan toe dat CJP “het belangrijk vindt dat het Bingo Battle concept is afgestemd op én met mbo-studenten. Het succes van de MBO Card, de opgedane expertise en gesprekken met de doelgroep hebben geleid tot een nieuwe aanpak. Met de YouTube-serie willen we musea aantrekkelijk maken voor iedereen.”

Maarten Jeukens, brand manager voor het Afrika Museum zegt dat hij hoopt “op meer van dit soort filmpjes, want ze laten zien dat musea alles behalve saai zijn!”.

Neem voor vragen over dit project gerust contact op via florentina@museumtv.nl!

Events organiseren om doelgroepen te enthousiasmeren en te binden

Als marketeer in een dierenpark zoals Burgers’ Zoo sta je voor veel uitdagingen: hoe blijven we de vaste bezoekers telkens weer prikkelen en tot een volgend bezoek verleiden? Hoe kunnen we zoveel mogelijk dagbezoekers dusdanig enthousiasmeren dat we hen in abonnementhouders kunnen converteren? En ten derde: hoe kunnen we nieuwe doelgroepen aanboren en tot een bezoek aan ons park verleiden?

Het organiseren van events als instrument

De marketingstrategie bestaat uit het plannen, uitvoeren, analyseren en telkens verder verfijnen van een gevarieerde verzameling aan instrumenten, campagnes en concepten die samen één op elkaar afgestemd geheel vormen. We lichten het organiseren van events er in dit artikel uit om nader toe te lichten. De vijf schoolvakantieperiodes in een jaar zijn voor Burgers’ Zoo extra interessant omdat mensen dan de vrije tijd en mogelijkheden hebben om een dierenpark te bezoeken en bovendien in de stemming zijn om gezamenlijk leuke dingen te ondernemen. Concreet gaat het dan om de voorjaarsvakantie, de meivakantie, de zomervakantie, de herfstvakantie en de kerstvakantie in Nederland. Met name om vaste bezoekers te blijven prikkelen, is het belangrijk om telkens extra activiteiten aan te bieden die het dierentuinbezoek verrijken ten opzichte van een regulier bezoek aan het park. Daarnaast is de missie van Burgers’ Zoo gestoeld op vier belangrijke pijlers, die we extra willen laden: conservatie, educatie, onderzoek en recreatie. Evenementen moeten op logische, natuurlijke wijze passen bij de positionering, missie, visie en kernwaarden van ons park. Bewondering en verwondering voor dieren en natuur staan daarbij centraal, net als het feit dat we zo natuurlijk mogelijk willen werken en dierenwelzijn essentieel is.

Voorbeelden uit de praktijk

Het evenement Dino’s in the Zoo in de herfstvakantie past uitstekend bij Burgers’ Zoo: de bewondering en verwondering voor deze reusachtige reptielen biedt interessante mogelijkheden voor een educatief verhaal over het ontstaan van de dinosauriërs, hun leefwijze, verschijningsvormen en ontwikkeling. Maar ook bijvoorbeeld hoe in het tijdperk van de dinosauriërs de eerste zoogdiersoorten ontstonden en de overeenkomsten tussen de dino’s en de vogels en reptielen uit de moderne tijd. Beleving staat centraal in de filosofie van Burgers’ Zoo en daarom passen de levensechte, meterslange en metershoge dinosauriërs die in veel gevallen brullen en bewegen goed in dit verhaal. De avontuurlijke verwondering en verrukking van de jonge en oudere bezoekers vormt een ideale voedingsbodem voor een interactief educatief verhaal, waarbij jong en oud spelenderwijs een hoop informatie tot zich nemen. Voor abonnementhouders die de events gratis mogen bezoeken, vormen de dinosauriërs een extra prikkel om weer eens naar Burgers’ Zoo te gaan, terwijl ook dagbezoekers nieuwsgierig een kijkje komen nemen vanwege de tijdelijke aanwezigheid van de dino’s.

Een tweede voorbeeld de kracht van events bij het versterken van de beleving en het uitdragen van de educatieve boodschap van Burgers’ Zoo. In de zomervakantie organiseren we jaarlijks in ons zakelijke congrescentrum, het Safari Meeting Centre, circa zes weken lang dagelijks een educatieve, avontuurlijk musical voor kinderen. Zoë en Silos zijn twee hoofdpersonen, die allebei een enorme passie voor dieren en natuur hebben en zeer avontuurlijk en leergierig zijn ingesteld. In de eerste musical sloten we qua thema aan bij Burgers’ Ocean en beleefde Zoë een spannend avontuur in de diepzee, waarbij ze heel veel over de daar levende wezens leert. In de tweede musical werd Burgers’ Mangrove geïntroduceerd en ervaarden de kijkers hoe bijzonder en belangrijk dit natuurgebied is, waar dieren als zeekoeien, krabben en vlinders leven. En in de derde musical stond Burgers’ Desert centraal om meer begrip en beleving voor de fascinerende flora en fauna van de rotswoestijn van Arizona te creëren bij de bezoekers. Niet alleen werden de musicals hoog gewaardeerd, zo bleek uit onderzoek, maar ook gaf ruim 85% van de respondenten aan ook daadwerkelijk wat geleerd te hebben.

De populariteit van Hoverboards

Via onze partner: Fietsenopfietsen.nl
Hoverboards zijn mateloos populair, je ziet ze dan ook in elke stad wel rijden. Na de uitvinding van de eerste hoverboard in 2015, explodeerde de populariteit van deze gadget onder kinderen. Nu enkele jaren verder, zie je nog steeds veel hoverboards. Omdat hoverboards al populair zijn onder kinderen, neemt dit percentage niet verder toe. Maar omdat de wereldwijde bevolkingsgroei doorzet, zullen kinderen de komende jaren een groter deel van de wereldbevolking vertegenwoordigen. Dit heeft als gevolg dat de hoverboard verkopen wereldwijd tot 2021, zeker met 15% gaan toenemen. Het is niet een gadget welke kinderen snel zat zijn, en ondanks dat er modellen met nieuwe functionaliteiten verkocht zullen worden, zul je de hoverboard blijven zien.

Waarom zijn hoverboards zo populair?

Er zijn verschillende redenen waarom hoverboards zo populair zijn. Allereerst vinden kinderen hoverboards hele leuke gadgets. Ze moeten hun best doen om een hoverboard te leren besturen, en kunnen er na veel oefenen zelfs stunts mee doen. Voor kinderen die vaak ver moeten lopen, is het een makkelijke manier om zichzelf te vervoeren, maar nog belangrijker: het is gewoon leuk om te doen. Ook is de prijs van hoverboards aanzienlijk gedaald ten opzichte van toen het product net uit was. Tegenwoordig heb je al een hoverboard voor € 150, zie hier.

 Wat gaan we in de toekomst zien van hoverboards?

Het mag duidelijk zijn dat hoverboards voorlopig niet verdwijnen. Er worden nu zelfs frames verkocht welke je op de hoverboard kunt monteren, om deze om te bouwen naar een skelter. Dit geeft een hele nieuwe dimensie aan een hoverboard, en zorgt ervoor dat kinderen het nog langer blijven gebruiken. Waarschijnlijk zien we de komende jaren nog meer van dit soort objecten welke je op een hoverboard kunt bevestigen. Omdat de kwaliteit van de onderdelen vooruit gaat, zul je ook een verbetering zien in de laadsnelheid en de accuduur van de hoverboards. Sommige hoverboards hebben nu al ingebouwde Bluetooth speakers. Deze zullen de komende jaren niet weg gaan, maar juist beter worden. De hoverboards zullen in de toekomst niet sneller gaan dan ze nu al doen, omdat dat gevaarlijk is voor kinderen.

Let op de regelgeving

Je mag niet met een hoverboard over de openbare weg rijden. Ondanks dat dit verboden is, kun je wel met een hoverboard op eigen terrein rijden. Omdat de regelgeving in de toekomst nog aangepast kan worden, is het verstandig dit in de gaten te houden. Neem je de hoverboard mee naar het buitenland, dan kunnen de regels afwijken van de regels in Nederland. Daarom is het belangrijk je goed in te lezen in de regelgeving van het land waar je naartoe gaat, zodat je een boete kunt voorkomen.

Social media

Op social media is veel te vinden over hoverboards. Allereerst zijn er veel bekende sterren welke een hoverboard kopen, hier filmpjes van maken en deze delen met hun volgers. Dit zorgt ervoor dat kinderen heel graag een hoverboard willen, omdat hun favoriete ster er ook een heeft. Daarnaast zijn er op Facebook en Youtube allerlei filmpjes te vinden met uitleg hoe je de hoverboard kunt besturen, en hoe je stunts doet. Door kinderen deze filmpjes met uitleg te laten zien, kunnen ze veel sneller leren de hoverboard te besturen.

Congresverslag #KJ18

Geen bamboe-etende panda’s dit keer, maar door de Bush van Burgers’ Zoo voor de nieuwe editie van het Kids en Jongeren Marketing Congres. Een dag met veel inspirerende keynotes en boeiende praktijkvoorbeelden, op een toplocatie.

Welke take-aways ik mee naar huis nam, behalve dat een hoektag toch écht minderwaardig is aan een oogtag? Dat lees je hieronder.

  1. Content is queen, algoritme is king

Dankzij technologie kan iedereen kan goede en betaalbare content maken en die online zetten. De strijd om de minuten op YouTube is in volle gang en de concurrentie hevig. Om de kijkers naar je YouTube-kanaal te trekken en ze daar te houden, is het belangrijk om je video de juiste tags en thumbnails mee te geven en te kijken welke titels goed scoren. Wordt er op een tag niet veel gezocht, dan vervang je hem door een andere tag die beter presteert.
Overigens hebben veel organisaties één kanaal op YouTube voor al hun video’s, maar daar wordt dat kanaal een vergaarbak van video’s mee.

  1. Generatie Z zijn géén millennials 2.0

Generatie Z, de kinderen en jongeren van nu, wordt al jong geconfronteerd met de wereld, wordt op jongere leeftijd al volwassen(er) en is daardoor realistisch. Als bedrijf doe je er dus goed aan om deze doelgroep te helpen met het maken van verantwoorde keuzes. Verder heeft deze generatie een ‘make it happen’-mentaliteit, ze geloven heilig in de maakbaarheid van hun eigen succes. Dit betekent dat je als bedrijf DIY-oplossingen moet bieden, zodat jongeren zelf op onderzoek uit kunnen gaan en kunnen gaan ontdekken. Tot slot omarmt Gen Z massaal diversiteit, is tolerant en heeft niets met stereotyperingen. Als merk doe je er dan ook goed aan deze diversiteit te omarmen en stereotyperingen overboord te gooien. Zo huurde Maybelline een mannelijke beauty vlogger in om mascara aan de man te brengen en introduceerde Barbie nieuwe modellen om af te stappen van de standaard blonde, überslanke pop.

  1. Onderscheid influencers die je betrekt in je campagne

Als je doelgroep op social zit, is het werken met influencers interessant. Allereerst kijk je dan natuurlijk welke influencers dezelfde waarden delen als jouw bedrijf. Daarnaast ga je op zoek naar een mix van bereik, geloofwaardigheid en interactie. Daar komen verschillende types influencers om de hoek kijken. Elke influencer begint als micro-influencer: Hij is gepassioneerd en heeft veel interactie met zijn followers. Zodra zijn schare volgers groter wordt en groeit tot tienduizenden fans, wordt hij influencer en gaat hij commerciële samenwerkingen aan. Top-influencers hebben een nog grotere fanbase, en dus een mega-bereik. Door de omvang neemt de interactie met het publiek wel af, net als de geloofwaardigheid omdat alle activiteiten op commerciële basis zijn. In je strategie kun je dus kiezen voor een micro-influencer die zorgt voor continue aandacht, geloofwaardigheid en interactie, en een top-influencer die je kunt inzetten als je een groot bereik wil behalen.

Besteed dus zeker aandacht aan je strategie en content, maar hou daarnaast in het achterhoofd dat kinderen en jongeren altijd op zoek zijn naar sociale bevestiging. Social media faciliteren dit en zijn daarom zo populair. Stel je zelf altijd de vraag wat je aan extra waarde brengt aan deze doelgroep om ze in de zoektocht naar bevestiging te helpen.

Deze take-aways nam ik mee uit de keynotes van Omar Kbiri (Maak), Aljan de Boer (Trendsactive), Rutger van den Berg (Youngworks) en Rocco Stallvord (First)

Auteur: Cathelijne van den Bosch. Gastblogger voor het Kids en Jongeren Marketing Congres.

Generatie Z: Purpose marketing, co-creatie, agile werken

Generatie Z: Purpose marketing, co-creatie, agile werken

Met de case ‘Iedereen Fit op School’ van FrieslandCampina

Innovaties met impact voor Generatie Z
Generatie Z vergt een aparte marketingstrategie. Maartje van Osch en Krista Kleinveld van FamilyFactor presenteren hierover op het Congres Kids- en Jongerenmarketing. Zij identificeren 3 pijlers van impactvolle innovaties voor Generatie Z [1]: een heldere purpose met handelingsperspectief, co-creatie en ‘kinderen als inspirator tot verandering’.

[1] Kinderen en jongeren van 3-18 jaar, geboren tussen 2000 en 2015.

Waarom zijn juist deze 3 pijlers belangrijk en relevant voor Generatie Z? En hoe wordt dit toegepast bij de ontwikkeling van de movement ‘Iedereen Fit op School’, geïnitieerd door FrieslandCampina?

Pijler 1: Een heldere purpose met handelingsperspectief
Voor Generatie Z is een heldere purpose van een bedrijf of organisatie, eventueel naast winst creëren, belangrijk. Een sociaal maatschappelijke doelstelling, een bijdrage leveren aan een betere wereld, verhoogt de betrokkenheid van Generatie Z.

Generatie Z is al op jonge leeftijd goed geïnformeerd over maatschappelijke thema’s: via ouders, school en via traditionele, digitale en sociale media. Generatie Z groeit op met het Jeugdjournaal, met items over obesitas tot issues over een duurzame samenleving. Dit verklaart hun betrokkenheid. Het eerste Jeugdjournaal in 1981 (waarmee generatie Y overigens ook al opgroeide) ging al over landbouwgif en de gevolgen voor het milieu. Een tweede thema was ‘samen met buurtgenoten zorgen voor een beter leefbare woonomgeving, ook voor kinderen’. Leuk om via YouTube terug te kijken, met Leontien Ceulemans als presentatrice en interviews met de jeugd van toen.

Van story-telling naar story-doing
Handelingsperspectief, actief bijdragen, is daarbij belangrijk voor Generatie Z. Naast kennis en bewustwording, willen zij gefaciliteerd worden om in actie te komen. De recente campagne ‘Help de Bij!’ van Oerrr / Natuurmonumenten, is hiervan een goed voorbeeld. Kinderen leren niet alleen over biodiversiteit en het belang van de bij voor de natuur en onze voedselvoorziening. Zij krijgen ook handvatten om een bijenhotel en bloembommetjes te maken: een huis en voedsel voor de bijen om te kunnen overleven. Een verschuiving van story-telling naar story-doing. Het is hun wereld van nu en morgen: ‘Doing good is the new cool’.

 

Pijler 2: Co-creatie met een centrale rol voor kinderen
Co-creatie, samen met kinderen en stakeholders creëren en doorontwikkelen, is de tweede pijler van impactvolle innovatie. Als digital en mobile natives, is Generatie Z de eerste generatie die het tijdperk voor de smartphone (1996) niet bewust meemaakte. Connected zijn, interactie en feedback geven is voor hen vanzelfsprekend. Dagelijks je mening geven op een stelling van het Jeugdjournaal, via de JeugdjournaalApp, is niets bijzonders. In co-creatie over ‘de ideale vakantiebestemming’, vertellen kinderen dat zij het normaal zouden vinden als zij op een vakantiebestemming via een touchscreen hun feedback kunnen geven over de activiteiten.

Co-creatie sluit ook naadloos aan op de opvoedkundige waarden waarmee Generatie Z wordt grootgebracht. De waardering van hun ouders voor het geven van een eigen mening is groot. Op school wordt aandacht besteed aan 21st Century Skills, die kinderen co-creatie-vaardig maken: problemen oplossen en kritisch, creatief en conceptueel denken. Ook de opkomst van lesprogramma’s zoals ‘Discussiëren kun je leren’ en de opkomst van Kinderadviesraden en Debattoernooien illustreren de pedagogische waarden van nu.

Pijler 3: Kinderen empoweren als inspirator tot verandering
Geen randvoorwaarde, maar wel een kans voor innovaties met impact voor Generatie Z, is kinderen empoweren in hun rol als inspirator. Anderen inspireren tot verandering past op natuurlijke wijze bij kinderen. Van oorsprong kinderlijke waarden, zoals intuïtief, ‘vanuit het gevoel’, ‘een open blik’, out-of-the-box kunnen denken en een creatieve geest, zijn een inspiratiebron voor volwassenen van nu.

Tijn inspireerde bijvoorbeeld op 6-jarige leeftijd duizenden mensen met zijn nagellakactie. Hij haalde ruim 1 miljoen euro op voor onderzoek naar hersenstamkanker, de ziekte waaraan hij zelf leed. En Malala geniet internationale aandacht vanwege haar bijzondere strijd, vanaf haar elfde jaar, voor recht op onderwijs voor meisjes.

Inspirator tot verandering zijn, past ook bij de actiegerichte mentaliteit van kinderen. Recentelijk gingen 70.000 kinderen de straat op met loten voor de Jantje Beton Loterij voor speeltoestellen of speelactiviteiten op school en voor andere projecten van Jantje Beton.

Tot slot hebben kinderen recht van spreken en handelen: de wereld is hun toekomst. Zo werken Kidsrights en Nickelodeon samen om kinderen aan te zetten tot positieve veranderingen. Zij reiken elk jaar de internationale Kindervredesprijs uit, voor de goede daden van kinderen voor een betere toekomst.

Maartje van Osch
Directeur FamilyFactor
www.familyfactor.nl

 

Case: Iedereen Fit op School

FrieslandCampina is initiator van ‘Iedereen Fit op School’. Een case die zich volgens een agile werkstijl doorontwikkeld en zijn eindfase nog niet heeft bereikt.

  1. Met het purpose platform ‘Iedereen Fit op School’ wil FrieslandCampina samen met partners een bijdrage leveren aan de gezondheid van Generatie Z. Wie kun je beter vragen hoe een ideale fitte school eruit ziet dan kinderen en leerkrachten zelf? We vroegen het ze. En ze hadden geweldige ideeën! Op hun ideale fitte school kunnen kinderen regelmatig vrij bewegen en zelf gezonde keuzes maken voor eten en drinken; ze zijn fit, blij en zitten lekker in hun vel. Deze purpose past ook bij ‘kwaliteit van onderwijs’: volgens Nederlanders de belangrijkste doelstelling van de 17 VN ‘Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen’.
  1. In co-creatie is ‘Iedereen Fit op School’ ontwikkeld. Bewust heeft FrieslandCampina gekozen voor een centrale rol van kinderen. De visuals van de ideeën van kinderen inspireren leerkrachten en ouders. Zonder creatieve vertaalslag, vormen de gevisualiseerde ideeën de basis van het platform.
  2. Movement creëren met kinderen als inspirator: stap voor stap worden de ideeën samen met kinderen concreet gemaakt. Gestart met een aanbod van energizers, gevolgd door ‘de grote fitte school metamorfose’ in september.

Zie ook: iedereenfitopschool.nl

XITE: de ideale cross-over tussen TV en online

Een zender met enkel muziekvideo’s. Dat is nou niet wat je direct vernieuwend noemt. En toch weet XITE een vernieuwend muziekvideoconcept neer te zetten. En met ongekend succes. Van een puur Nederlands merk is het uitgegroeid tot een zender van wereldklasse die door jongeren in landen als Duitsland, België, Canada, Qatar en sinds kort ook de VS wordt grijsgedraaid. En dat laatste kan geen enkele Nederlandse partij zeggen. Een echte pionier uit onze eigen polder dus.

Manon Fennis staat sinds twee jaar aan het roer van de marketingafdeling als Marketing Director. Voor het succes van de zender weet zij een aantal redenen te noemen. “Wij hebben een erg jong team, de gemiddelde leeftijd is 28. Je kunt dus zeggen dat we bijna allemaal nog echt de doelgroep zelf zijn (18-24). Stagiaires hebben bij ons ook heel veel inspraak omdat zij echt midden in onze doelgroep zitten. Vinden zij een video helemaal geweldig en leeft het ook bij hun vrienden heel erg, dan heb je kans dat we die video vaker gaan laten zien. Ook al vindt onze music director het misschien helemaal niks. Er wordt dus echt geluisterd naar wat er speelt in de doelgroep.”

De brug tussen TV en online

Daarnaast weet XITE een goede brug te slaan tussen TV en online. XITE is eigenlijk je gepersonaliseerde TV-zender. Fennis: “Natuurlijk start alles met een lineaire zender maar bij Ziggo kun je onze zender zelf bedienen. In de settopbox zit een soort app waarmee je XITE bedient. Dan bepaal je dus precies welke clip je wel of niet wilt zien. Daarnaast maakt onze muziekredactie playlists die je via verschillende themachannels te zien krijgt. Daar hoef je niks voor te doen. En die lijsten worden continu bijgewerkt.”

XITE Awards

Het grootste succes van de zender zijn toch wel de XITE Awards. De jaarlijkse award show in november is een perfecte afsluiter van een langer lopende campagne. Bij die campagne wordt de XITE-kijker echt betrokken. “We doen regelmatig onderzoek naar wat onze doelgroep wil, en daar kwam uit dat zij beleving willen en hoe krijg je dat beter dan met een event waar jij als kijker in charge bent. Onze kijkers bepalen wie er wint en daarnaast is de award show echt een feestje. Het is niet zo scripted als wat je gewend bent van andere zenders en formats”, vertelt Manon. “Wij richten ons op mainstream muziekvideo’s. Dus je ziet bij ons veel hits maar ook veel nieuw talent dat wij ook durven te draaien. En ook van hen krijgen we veel steun terug.”

In de aanloop naar de awards worden de XITE-kijkers aangemoedigd om met de zender in gesprek te gaan. Zij bepalen mee welke interviewvragen aan artiesten gesteld worden, zij bepalen wie er wint, wie de beste fans heeft enzovoorts. Door die interactie op te zoeken, wordt XITE een zender die niet alleen goed is op TV maar ook een die via de socials van de jongeren binnendringt in hun wereld. En jongeren laten XITE ook maar wat graag toe. Dat komt ook zeker door de kwaliteit van de content die door de zender wordt geproduceerd. Hun eigen productieteam maakt content voor de zender maar ook video’s in opdracht van merken. Op TV hanteert XITE de stelregel dat de content daar niet langer dan een muziekvideo mag duren. Wil je meer zien van de content die je op TV hebt gezien dan moet je door naar het YouTube-kanaal. En zo worden kijkers naadloos van het ene medium naar het andere gestuurd.

Twitter is helemaal niet populair

En dat kan soms een heel ander medium zijn dan je door de doelgroep of de hype zou verwachten. Fennis: “Als je de statistieken moet geloven dan is Twitter helemaal niet populair bij jongeren. En toch zitten wij daar fanatiek op. Weet je waarom? De grootste fanbases van artiesten vind je op Twitter. Voor hen is dat een makkelijk medium om met elkaar in contact te komen, content te liken, te delen, en te reageren. Wij zagen in de aanloop naar de XITE Awards bijvoorbeeld dat Twitter in Brazilië helemaal losging op de best fan award. Want de fanclub van Justin Bieber had gehoord dat hij genomineerd was. Dat is iets wat je gemakkelijk over het hoofd zou zien als je enkel luistert naar de hypes. Je moet als merk dus altijd kijken wat bij jou past en wat vooral bij je doelgroep past.”

En met zoveel waarheid kunnen we het niet anders dan eens zijn. Dus wil je meer horen van Manon Fennis en haar ervaringen bij XITE, zorg dan dat je aansluit bij haar sessie op Kids en Jongerenmarketing.

Rabo’s zakgeld-app PinPin geeft kinderen weer een gevoel bij geld

Financieel zelfredzaam worden, daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen. Catelijn Schönfeld is lead marketeer Jonge Klanten bij Rabobank. Op het Kids en Jongeren Marketing-congres vertelt ze over Rabo PinPin, de succesvolle zakgeld-app van de bank rond een pinguïn-figuurtje dat kinderen weer een gevoel geeft bij geld.

Het begon met de constatering dat steeds meer ouders zakgeld voor hun kinderen digitaal overmaken. ‘Dat er überhaupt zakgeld wordt gegeven is supergoed, maar digitaal zakgeld levert ook een probleem op’, legt Catelijn Schönfeld uit. ‘Voorheen was zakgeld tastbaar en kreeg je het door je ouders in je hand gedrukt, misschien wel op een vast tijdstip. Bij overmaken zien kinderen het geld niet meer en is het transactiemoment weg. Ouders en kinderen praten er dus ook niet meer over. Hun besef en bewustzijn van wat geld is en waar het voor staat, wordt teniet gedaan.’ Niet bevorderend voor de financiële zelfredzaamheid dus, waar je volgens Schönfeld niet vroeg genoeg mee kunt beginnen. ‘Het missen van financiële educatie kan later weer problemen veroorzaken doordat ze minder goed met geld kunnen omgaan dan kinderen die deze financiële educatie wel hebben gehad.’

Uit het ei

Eisen dat ouders hun kinderen contant zakgeld geven zou een beetje vreemd zijn voor een bank die zelf ook steeds digitaler wordt. Schönfeld: ‘Dat gaan we natuurlijk niet doen. We zijn juist gaan kijken hoe we digitale techniek konden gebruiken om dit probleem tegen te gaan.’ Dat resulteerde in zakgeld-app Rabo PinPin, waarmee kinderen op een makkelijke manier, door middel van augmented reality, kunnen zien wat ze in hun spaarpot hebben zitten én wat ze op hun rekening hebben staan. Daarnaast kunnen ze aangeven waar ze voor sparen; ze krijgen een melding wanneer ze het bedrag bij elkaar hebben.

Centraal staat het pinguïnfiguurtje PinPin, dat bij de start van het gebruik van de app uit het ei komt. Net als tamagotchi’s vroeger, moeten de kids het diertje verzorgen, zodat het uiteindelijk een volwassen pinguïn wordt. Ondertussen kunnen er door middel van augmented reality spelletjes gedaan worden met PinPin waarmee de kennis over geld wordt vergroot. Ook kunnen ouders meekijken en acties uitvoeren via de app, bijvoorbeeld het geven van extra ‘pegels’, het virtuele geld waarmee gespeeld wordt in de app.

Relevant voor kinderen

PinPin is volledig bedacht en ontwikkeld vanuit de doelgroep: kinderen van 6 tot 12 jaar. Exemplarisch voor hoe Rabobank kids en jongeren benadert in zijn marketing. En een stijlbreuk met hoe het eerder ging. Schönfeld: ‘We hebben lang gedacht dat we producten gericht op kinderen via de ouders aan de man moesten brengen. Daar zijn we de afgelopen jaren echt van teruggekomen. Als je wilt dat kinderen zo’n app gebruiken, moet je zorgen dat de inhoud relevant is voor kínderen. De ouders gaan dan vanzelf mee. Zij zijn natuurlijk wel belangrijk, ze nemen uiteindelijk de beslissingen. Maar we kiezen scherp voor de doelgroep. Dat zagen we ook terug bij Passi, onze pinpas voor jongeren van 12 tot 18 jaar. Daarbij hoorden we van volwassenen terug: “Dit spreekt mij totaal niet aan.” Dat klopt, dacht ik dan, want het is ook niet voor jou bedoeld. We willen niet dat jongeren nog het idee hebben dat ze in het keurslijf van de ‘volwassen’ Rabobank moeten passen. Dat spreekt ze gewoon niet aan, kwam uit klantonderzoek naar voren. We hebben onze benadering dus echt omgegooid en gekozen voor segmentatie op jongeren. Kies en je wordt gekozen.’

Jongerenbank

Ook qua organisatie heeft de bank de daad bij het woord gevoegd; inmiddels leidt Schönfeld een team van gemiddeld zo’n tien mensen, afhankelijk van hoeveel projecten er lopen. ‘Wij doen als team alle marketing gericht op jonge klanten. Alle expertises zijn bij ons vertegenwoordigd: van content design tot graphics maken en van analyse tot meer praktisch marketing-communicatiewerk. Het is mooi dat de bank de jonge doelgroep zo extreem heeft omarmd en er het budget voor uit heeft getrokken. Niet vreemd ook, want we hebben 1,8 miljoen jongeren als klant in de boeken. Die positie en ons imago als jongerenbank willen we koesteren. Je moet in deze doelgroep ook voor de lange termijn investeren. Niet denken dat het genoeg is om op één moment in de tijd verbinding te leggen; daar moet je tijd en geld in blijven investeren, het is een doorgaand proces.’

Niet sexy

Factor van betekenis daarbij is ook dat kinderen en jongeren niet de makkelijkste doelgroep vormen voor een bank. Schönfeld: ‘Sowieso zit je met strenge wet- en regelgeving uit de hoek van de Reclame Code Commissie en zeker de vernieuwde privacywetgeving. Maar daarnaast ben je als bank ook niet echt “sexy”. Er ligt zeker een uitdaging om dat beeld te keren. Maar geld is voor elk kind interessant en belangrijk, dus dat gegeven grijpen we aan om te beginnen met de basis voor hun financiële zelfredzaamheid.

Schönfeld is tevreden met het resultaat van Rabo PinPin sinds de start afgelopen najaar. ‘We zijn er nog niet en ontwikkelen nog door met hulp van feedback van onze klanten. We willen nóg meer interactie tussen kinderen en ouders, en bijvoorbeeld een mogelijkheid om ook grootouders aan de app te koppelen. Voor ons was het vooral belangrijk om in het begin de juiste toon aan te slaan. En die hebben we zeker gevonden.’

Bij influencers gaat het niet langer om het aantal volgers

Enzo Knol en Anna Nooshin lijkt iedereen wel te kennen als het schoolvoorbeeld van influencers. Maar deze mensen gaan het wat moeilijker krijgen. Dat blijkt uit een onderzoek van Launchmetrics. Het bedrijf dat gespecialiseerd is in software voor data analyse heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar het gebruik van influencers door grote merken. En wat blijkt? De mega-influencers (met tussen de 500.000 en 1,5 miljoen volgers) vinden er steeds minder aftrek.

Content belangrijker dan aantal volgers

Merken geven aan liever te werken met infl uencers die tussen de 10.000 en 100.000 volgers hebben. Ook social goden die tussen de 101.000 en 500.000 volgers hebben, kunnen op meer steun rekenen dan de echt grote jongens. Hoe komt dat nou? Merken vinden dat influencers met minder volgers meer impact kunnen maken op de volgers die zij hebben omdat er een veel directere communicatie is. Daarnaast hechten ze veel waarde aan de content die wordt gemaakt. Daarbij gaat het dan niet eens om het aantal interacties op de content maar juist om de kwaliteit van de content. En met die content hopen merken juist millennials te bereiken.

ING wist dat al lang

Het grappige is dat tijdens Kids en Jongerenmarketing in 2017 Thijs Jaski van ING al over dezelfde inzichten berichtte. Ook zij kiezen bewust voor kleinere influencers omdat ze zien dat de impact daar vaak groter is en de volgers loyaler zijn.

Influencer database 

Eerder meldde SocialBrands dat zij een voor iedereen toegankelijke database hebben met influencers. Je kunt daarin precies zien welk bereik je krijgt tegen welke kosten. De influencers schrijven zich in op onderwerpen waar zij invloed op uit kunnen oefenen en als bureau of merk kun je vervolgens zelf met hen afspraken maken. Je krijgt, als je met elkaar in zee gaat, vervolgens real-time resultaten van je campagne zodat je kunt bijsturen waar nodig.

Kijkend naar de database zie je dat er allerlei soorten influencers staan met ook allerlei soorten bereik, van een paar honderd volgers tot tonnen volgers. Wellicht ook een mooie kans om hieruit al de nieuwe Anna Nooshin te scouten of de volgende Enzo Knol binnen te hengelen voor hij te groot wordt.

Onze verzorgers zijn onze journalisten, hún verhalen willen mensen horen

Marketingmanager Tim Lammers heeft er zin in: op 11 juni is hij host en geeft hij een presentatie op het Kids en Jongeren Marketing Congres in zijn thuisbasis Burgers’ Zoo. ‘Ik ben vooral trots op hóé we ons verhaal vertellen.’

Je staat op het punt om te vertrekken naar Belize, in Midden-Amerika. Wat ga je daar doen?

‘Ik ga een marketingplan schrijven om het ecotoerisme in ons natuurgebied daar te bevorderen. Dat gebied is al 29 jaar in ons beheer, en inmiddels is het zes keer zo groot als de Hoge Veluwe. Op een luchtfoto herken je het zo, omdat alles wat eromheen ligt is weggekapt. We hebben vorig jaar een nieuw deel van het park geopend: de mangrove. Dat is gebaseerd op dat natuurgebied.’

Een nieuw ecosysteem dus, na de bush, de desert en de ocean.

‘Precies, en ook deze past in onze doelstelling om ‘ecodisplays’ te laten zien. We staan voor bewustwording, dus we willen mensen het hele systeem, de hele omgeving laten zien waar een dier in voorkomt. Je ziet het ook in onze huisstijl en ons logo: daar staan de dieren ook niet los in, maar maken ze deel uit van hun omgeving, van hun habitat. Wat we ook niet doen: het vermenselijken van dieren. Ze krijgen bij ons geen namen en hebben geen vaste voedertijden. We willen gewoonweg geen geconditioneerd gedrag.’

Je werkt nu ruim vijf jaar als marketingmanager voor Burgers’. Is er veel veranderd in de tussentijd?

‘Ik was de eerste die de functie ‘marketeer’ op z’n visitekaartje had staan. Natuurlijk werd er wel aan marketing gedaan, anders blijf je als ongesubsidieerd familiebedrijf niet honderd jaar gezond. Maar marketinggericht denken was tot een paar jaar terug niet de gewoonte in de dierentuinsector; daar zag iedereen elkaar meer als collega’s die samen populaties en bloedlijnen in stand moesten houden. Dat is ondertussen wel een beetje veranderd. Bij Burgers’ Zoo zijn we ons gaan richten op het vertellen van verhalen en het uitdragen van ons ‘why’: waarom zijn we er en doen we wat we doen? Belangrijkste middel om dat doel te bereiken is dat we de rol van uitgever hebben aangenomen. Onze strategie is onze bladformule, die hebben we uitgebouwd tot een consistent verhaal. Je ziet het ook in de bezetting van ons team. We doen het met z’n drieën: iemand zorgt dat we genoeg ‘lezers’ hebben, iemand is hoofd- en eindredacteur, ik ben uitgever en daarnaast hebben we een groot aantal freelance journalisten: dat zijn onze dierverzorgers. Want hun verhalen willen mensen uiteindelijk horen.’

Op welke doelgroep richten jullie je?

Qua leeftijd gemiddeld een stukje hoger dan veel concurrenten. Jonge ouders zijn bijvoorbeeld ook een belangrijke doelgroep, en grootouders ook. Maar een serie als Zoë en Silos (kinder- en liedjesserie op YouTube en RTL’s Telekids, red.) maken we weer specifiek voor kinderen. En we zijn een paar jaar geleden als een van de eerste merken in Nederland gaan vloggen. Dat is natuurlijk ook gericht op een bepaalde leeftijdscategorie.’

Waar zijn jullie op dit moment mee bezig?

‘We proberen onze content steeds meer 1-op-1 aan te laten sluiten op onze bezoekers. Bijvoorbeeld door het meten van klikgedrag vanuit de nieuwsbrief en data uit de website en onze social kanalen. Uiteindelijke doel is: ben je gek van aardvarkens, dan krijg je nieuws over aardvarkens. Binnen onze content is video steeds belangrijker geworden. We doen heel veel op YouTube; we bieden livestreams, 360 graden-video’s, vlogs. We gaan nu ook een videoproducer aannemen. Met video kunnen we laten zien waarin we ons onderscheiden van andere parken: onze omgeving, onze ecodisplays. En we zijn voor de derde keer bezig met het ontwikkelen van een musical, die weer zes weken gaat draaien. Iets extra’s voor bezoekers, mét een educatieve laag.’

Bij welke Burgers’ Zoo-content bekruipt je een gevoel van trots?

‘Ik ben vooral trots op hóé we het doen. We brengen niet alleen goed nieuws, maar we proberen te laten zien hoe de natuur in elkaar zit en willen daar transparant en eerlijk in zijn. Zo beet afgelopen december een mannetjesleeuw een vrouwtjesleeuw dood voor de ogen van de bezoekers. Dat was een heftig moment. Je kunt vervolgens twee dagen de pers goed te woord staan en het daarbij laten, maar wij kiezen er juist voor om een week later nog met een verhaal te komen over die leeuwen: waarom deden ze dat nou? Ook gebeurd: tijdens een livestream waar duizenden mensen naar keken werd een neushoorntje dood geboren. We laten op die manier zien dat de wereld niet maakbaar is.’

Burgers’ Zoo opende vorig jaar de mangrove. Jullie waren niet de enige die met zo’n groot project op de proppen kwam. Ouwehands had de panda’s en in Emmen werd een compleet nieuwe dierentuin geopend: Wildlands Adventure Zoo. Merkten jullie daar veel van?

‘We hebben een fantastisch jaar gedraaid; we hadden 113.000 bezoekers meer dan in 2016, op een totaal aantal van meer dan een miljoen. Ik hou me eigenlijk ook niet zo bezig met de concurrentie. Ik kijk wel naar de branche als geheel, want je bent zo goed als je slechtste concurrent. Gelukkig hebben we in Nederland fantastisch mooie dierenparken, daar mogen we echt trots op zijn. We doen zelf ook steeds meer om onze inkomsten te verbreden. Neem bijvoorbeeld ons Safari Meeting Center. In de drukke periodes gebruiken we het voor events voor dagbezoekers, bijvoorbeeld musicals. En in de minder drukke periodes kunnen bedrijven en instellingen er terecht voor congressen en bijeenkomsten. Het is uitgevoerd in Oost-Afrikaanse stijl, met lodges met zicht op bush. Net als ons park is het helemaal doorgethematiseerd, met een prachtig auditorium en foyer waar je mensen kunt ontvangen. En de catering is echt verbazingwekkend goed.’

Wat ga je vertellen tijdens je presentatie?

‘Ik ga het hebben over video. En wat ongetwijfeld ook aan de orde komt is de contentgedachte. Marketeers denken nog vaak vanuit een ‘probleem’ dat er ligt. Hoe verkoop ik een X-aantal kaartjes? Nou, in ieder geval niet door te zeggen dat mensen je kaartjes moeten kopen. Kijk naar Linda.: daar weten ze precies op elk platform het gewenste publiek te bereiken. Omdat de mensen erachter weten wat het publiek op die plek wil horen, zien of lezen. Dat is ook hoe wij werken: vanuit een uitgeefgedachte: 99 van de 100 keer zit er geen commerciële boodschap in onze uitingen. Vertel waaróm je er bent op deze wereld, zo simpel is het! En uiteindelijk zijn wij op de wereld om mensen bewuster te maken van de schoonheid van de natuur.’

Lees alles over het Kids en Jongeren Marketing Congres – 11 juni: Burgers’ Zoo

Save the date: 11 juni 2018 in Burgers’ Zoo

Met een zaal vol enthousiaste kids- en jongerenmarketeers was ook de 26e editie van het Kids en Jongeren marketing congres een groot succes. Met een verrassende locatie en inspirerende sprekers zijn de deelnemers weer met veel handvatten vertrokken. Het Kids en Jongeren Marketing congres 2018 vindt plaats op 11 juni 2018 in Burgers’ Zoo. Wil je zelf op het podium staan ? Neem dan contact op met programma manager José Kolk.

Kids en Jongeren Marketing Congres | 11 juni 2018 | Burgers’ Zoo Arnhem

Het enige congres in de Benelux voor marketeers en communicatieprofessionals dat zich specifiek richt op kids- en jongerenmarketing.

Redenen om dit event niet te missen:

  • Bij aanmelding ontvang je gratis het Boek SPON over Influencer Marketing geschreven door Rocco Stallford, 1 van de sprekers op dit congres!
  • Inspirerende praktijkcases
  • Expertsessies gericht op specifieke vraagstukken
  • Netwerkmogelijkheden – bijna altijd nieuwe contacten en samenwerkingen

 

Alle congresinformatie vind je op: https://www.kidsenjongeren.nl/congres/

Congresverslag: minder tjappie, meer emotie

Het Kids en Jongeren Marketing Congres bood ook dit jaar weer een mooie verzameling inspirerende sprekers en cases, met als extraatje: twee panda’s die vrolijk wat kilootjes bamboeblad naar binnen werkten. Locatie was namelijk Ouwehands Dierenpark. Drie lessen over (marketing)communicatie met jongere doelgroepen die ik in mijn goody bag kon stoppen.

  1. Niks tjappie

Pubers en jongvolwassenen waarderen het veel meer als je gewoon op je eigen manier met ze praat en ze niet aanspreekt met – bijvoorbeeld – ‘tjappie’. In plaats van je taalgebruik krampachtig aan te passen, is het zaak om te weten welke vragen er bij hen spelen rond jouw product of dienst. Hou het op de inhoud dus. Wil je jongeren activeren om vrijwilligerswerk te gaan doen? Vraag je dan af waarom ze dat nu niet doen en welke zaken ze onduidelijk vinden. Steek energie in het informeren van de twijfelaar. Zij vormen meestal het grootste deel van je doelgroep. In de praktijk richten marketeers zich vaak op lovers (maar zij zijn al geïnteresseerd) en haters (maar die blijven toch wel haten). Kies een taal en kanalen die bij jou passen. Dumb Ways To Die op YouTube: vet*. Een SWTD-imitatie door de provincie Zeeland? Niet.

*dat woord werd al gebruikt toen deze flat aged blogger zelf ooit jongere was, dus mag het.

  1. Meer emo dan ratio

Sluit aan op de levensfases van jongeren en het gedrag dat daarbij hoort.
Pubers en jongvolwassenen zijn geen aliens, maar eerlijk is eerlijk: ze zijn soms lastig te interpreteren. Een dag geen woede-aanval is een dag niet geleefd. Allemaal heel logisch te verklaren: hun emotionele ontwikkeling is nog in volle gang, en de remmen die bepaald gedrag beteugelen, zijn nog niet aanwezig in het puberbrein. Communiceer wat je te vertellen hebt dus niet alleen op een rationele manier; dat komt amper binnen. Speel in op hun gevoelswereld en maak het hyper-persoonlijk. Duidelijk maken waarom een studie in technische richting een goede keus kan zijn? Laat dan zien hoe groot de impact van techniek is op hun leven nu en biedt ze een instant prikkel. Ooit gehoord van de lifestyle scan?

  1. Laat jongeren jouw influencers zijn

Pubers en jongvolwassenen zijn gewend om snel hun mening te geven, en die geven ze maar wat graag. Zijn ze niet blij met je service, dan laat 70 procent van de Nederlandse jongeren dat aan vrienden weten. Dat werkt ook de andere kant op: je doelgroep denkt zeer waarschijnlijk graag mee over hoe je je product kunt verbeteren. Kijk bijvoorbeeld naar RTL, dat de online community Welovevideo gebruikt als platform om feedback te verzamelen over zijn on- en offline content. Van speeddates met programmamakers tot polls over sponsoracties: de doelgroep denkt mee. Belangrijk bij het inschakelen van de doelgroep als influencer: zie jongeren niet als heilige graal waaruit je je kunt laven aan de bron van de Eeuwige Jeugdmarketing. Ze vormen een versplinterde groep, zowel qua leeftijd als leefstijl. Een groot deel keert zich in deze tijd met veel veranderingen ook nog eens meer in zichzelf: het eigen leven op orde hebben is belangrijk in een veeleisende wereld met ook nog eens de nodige bedreigingen.

Kortom: pas je bij kids- en jongerenmarketing aan op wat er speelt en laat je daarbij inspireren door de doelgroep, maar vertel vooral je eigen verhaal in je eigen taal.

Inspiratie voor deze blog haalde ik uit de presentaties van: Joeri Van Den Bergh (InSites Consulting), André Merlijn (Bureau Coen), Kelly Batist (RTL), Rutger van den Berg (Youngworks), Thijs Jaski (ING).

Congresverslag: Hoe val je op bij jongeren?

Jongeren zijn ook maar mensen

Als je het over jongerenmarketing hebt, lijken we er altijd van uit te gaan dat het een apart soort doelgroep is die met de hoogst mogelijke voorzichtigheid benaderd moet worden. Geen jongerentaal, want boven de 18 kun je dat niet meer. Geen hippe afbeeldingen want dan pak je ook net het verkeerde plaatje. Maar wat dan wel? Ik toog naar Kids en Jongeren Marketing Congres in Ouwehands Dierenpark in Rhenen en weet je wat? Jongeren (en kids) zijn gewoon mensen. Die we ook nog eens als mensen moeten benaderen. Je zou bijna gaan denken dat dat best te doen is.

Informatie overload en agility

Maar goed, kinderen en jongeren van nu leven in een heel andere wereld dan toen wij jong waren. Joeri van den Bergh, NextGen Expert van InSites Consulting, wist de nieuwe generatie goed te duiden. Kinderen van nu hebben continu toegang tot informatie en weten daardoor ook vaak meer dan wij op die leeftijd. Die overload aan informatie zorgt dat ze een agile mindset hebben. Op micro-niveau gaat het hen enkel om henzelf. Ze willen uniek zijn. Ze willen het zelf doen en dan kom je al gauw uit op hyper personalisatie. Producten moeten helemaal aansluiten bij de wensen en leefwereld van de gebruiker. Kijken jongeren naar de wereld om hen heen dan gaan ze voor de lange termijn levenscyclus. Ze kijken dan naar wat zij voor de wereld kunnen doen. Bio-afbreekbare producten zodat we straks ook nog natuur hebben, bijvoorbeeld. Door al die informatie en al die zenders is het dringen voor de aandacht van jongeren. En daarbij zoekt Gen Z niet naar merken. Ben je gek, joh. Merkentrouw is verleden tijd. De jongere van nu wil een oplossing voor zijn probleem. Het maakt daarbij niet uit wie met die oplossing komt. Als diegene maar de snelste en de eerste is met die oplossing.

De ideale reality show

Om dat voor elkaar te krijgen, zullen bedrijven precies moeten weten wie hun klant is. Zo kunnen ze al anticiperen op de wens van de consument en zijn hartje veroveren. En wanneer staan ze daar het meest voor open? Juist, als ze lekker aan het chillen zijn. Ontspanning voor Gen Z is reality. Vloggers, Instagrammers en bloggers zijn voor hen de ideale reality show. Het zijn echte mensen, zoals zij, die dingen meemaken. Influencers zijn daardoor aspirationeel. Wat ze daarvan bij ING merkten was juist dat de ‘kleinere’ influencers betere resultaten leveren dan de ‘grote’ jongens. Bij de influencers met heul veul volgers zie je dat het heel veel mensen zijn die volgen omdat iedereen bijvoorbeeld Enzo Knol volgt. De kleinere volgtroepen zijn loyaler en kijken ook echt naar wat hun influencer doet en laten zich daardoor beïnvloeden en overhalen. Daarbij wist Thijs Jaski van de bank wel te melden dat influencers grillig zijn en het soms lastig is om harde afspraken te maken. En dan kun je vaak je rigide content kalender weer het raam uit kieperen. Geen probleem natuurlijk maar dat moet je je wel van tevoren beseffen.

Niet alleen focussen op het eindproduct

Voor jongeren is natuurlijk je eindproduct leuk. Maar laat vooral ook zien welke weg er naartoe is afgelegd. Ook dat is iets wat jongeren leuk vinden. Doordat ze visueel ingesteld zijn, kun je dus denken aan ‘making of filmpjes’, interviews met de betrokkenen, of zoals ze bij Kinderen voor Kinderen doen: filmpjes van de repetities. De populariteit van die filmpjes en de stemmen van fans bepalen uiteindelijk welke nummers in de uiteindelijke TV show te zien zijn. De doelgroep van Kinderen voor Kinderen begint bij kinderen van zo’n vier jaar. En zelfs hierbij zie je al dat zij geïnteresseerd zijn in alles wat ook achter de schermen gebeurt. Hetzelfde geldt voor PSV. Ook zij proberen fans van jongsaf te kweken. Eerst natuurlijk via de ouders maar later gericht op het kind zelf. Heeft iemand een voorkeur voor een bepaalde voetbalclub ontwikkeld, dan switchen ze niet gauw meer. Natuurlijk ligt het anders bij alledaagse gebruiksvoorwerpen maar als je kijkt naar een merk als PSV zullen ook zij steeds moeten zorgen dat hun fans loyaal blijven. En dat doen zij door alomtegenwoordig te zijn. Zowel offline als online en ook zo dicht mogelijk op de belevingswereld van de supporter.

Leve het puberbrein!

Youngworks keek nog eens goed naar pubers en deed dat vanuit drie invalshoeken; biologie, sociaal emotioneel en omgeving. Jongeren zijn relatief emotionele wezens met een nog niet zo goed ontwikkelde rem. Ze kunnen hun emoties nog niet zo goed reguleren. Door die emoties voelen zij zich ook aangesproken door boodschappen die juist op die emoties inspelen. Daarnaast zijn ze ook impulsief en experimenteel. Ze doen de gekste dingen om goedkeurig te krijgen van hun leeftijdsgenoten. Met je boodschap moet je dus ook op dat beloningsdeel inspelen.

Sociaal emotioneel gezien willen jongeren erbij horen. Houd dus rekening met onderlinge verbinding van jongeren. Zijn het beginnende pubers dan willen ze juist graag bij de groep horen. Pas vanaf een jaar of 15 gaan ze zich afzetten. Als je dan als merk geen authentiek verhaal hebt, kun je het vergeten. Begin twintig lijken de jongeren volwassen en zijn ze een individu maar nog steeds kunnen ze onvolwassen reageren. Houd daar ook nog steeds rekening mee. Ook hun omgeving blijft belangrijk. Slechte ervaringen worden zo snel en zo breed mogelijk gedeeld. Bedrijven als Facebook zijn daarnaast eng voor de privacy maar omdat ze er op zekere manier afhankelijk van zijn, delen ze toch hun gegevens. Ze begrijpen dan ook prima dat bedrijven uiteindelijk iets met die gegevens gaan doen.

Samengevat kun je dus zeggen dat jongeren niet gek zijn. Ze zijn hartstikke mediasavvy en weten ook prima dat bedrijven ze willen overhalen voor hen te kiezen. Wil je dat ze voor jou kiezen dan zul je dus je best moeten doen. Een goed verhaal helpt je, maar hun belevingswereld begrijpen en hen helpen waar ze hulp nodig hebben maakt je als merk des te toegankelijker. En wil je het hart van de jongere voor je winnen dan is dat in ieder geval stap 1. De rest volgt dan vanzelf.

 

 

Interview: De marketingstrategie van Nerf

Vandaag spreken we Jorn Blom, Brand Manager van Nerf  – onderdeel van Hasbro, ontstaan in 1969 en ontwikkeld door de inventor Reyn Guyer.

Het initiële idee voor Nerf is ontstaan vanuit de ontwikkeling van een volleybal die gemaakt was van foam/schuim; geschikt om binnen mee te spelen. In 1991 heeft Hasbro het merk Nerf overgenomen en is het verder gegaan met de ontwikkeling van producten zoals indoor basketballs en Footballs. Later zijn daar de Nerf blasters bijgekomen zoals we die nu in de winkels zien.

De core business van Hasbro is het maken van speelgoedproducten en het ontwikkelen van entertainment zoals TV series, films, live entertainment en mobiele applicaties. Hasbro is onderandere bekend van de merken Monopoly, Transformers, My Little Pony, Playdoh en Nerf.

Nerf is op dit moment hot! Wat is de marketing strategie achter het succes van dit ongekend populaire merk?

Al zolang als we terug kunnen gaan in de geschiedenis vinden kinderen het leuk om met elkaar te spelen. Binnen dit spelen zien we dat kinderen het leuk vinden om met elkaar te strijden, en dat kinderen volledig in hun fantasie op kunnen gaan als ze dit doen. Denk aan het spelen van cowboy van vroeger, en het oorlogje spelen met blaaspijpen of klapperpistolen. Nerf vervult in deze behoefte van kinderen om op een creatieve manier met elkaar te kunnen spelen en op een leuke competitieve manier met elkaar de strijd aan te kunnen gaan.

Een belangrijk onderdeel van de marketingstrategie is naast de ontwikkeling van toffe producten natuurlijk het laten zien wat je allemaal met Nerf kunt doen. Zo stimuleert Nerf kinderen bijvoorbeeld om creatief aan de slag te gaan en zelf parcours uit te zetten met verschillende doelwitten waar op geschoten kan worden. Daarom is het voor Nerf erg belangrijk om zoveel mogelijk kinderen te laten ervaren hoe het is om met een Nerf blaster te schieten. Zodra een kind een Nerf blaster in zijn of haar handen heeft dan zie je vaak al meteen een glimlach ontstaan, en dan kan de fun meteen beginnen.

Het gaat bij Nerf vooral om het schieten op doelwitten en nooit op andere mensen.

Kun je een voorbeeld noemen van jullie hoogtepunten en successen?

Een groot hoogtepunt en tevens succes was het Nederlands kampioenschap Nerf dat in het voorjaar van 2017 heeft plaatsgevonden. Dit event en de campagne daaromheen waaren een groots succes en hebben ervoor gezorgd dat duizenden kinderen hebben geprobeerd zich te kwalificeren voor het kampioenschap.

Uiteindelijk zijn er 40 jongens en meiden uitgenodigd om te komen strijden voor de felbegeerde titel.

Op wat voor manier communiceren jullie met de consument? Op kind of ouder niveau?

Met Nerf communiceren wij met name op de doelgroep zelf. Dit zijn over het algemeen jongens in de leeftijd 6 – 9 jaar oud. Omdat deze kids zelf nog geen aankopen doen zijn de ouders daarnaast natuurlijk ook een belangrijke doelgroep. We bereiken beiden doelgroepen op verschillende manier. Bij de kinderen moet je met name denken aan TV commercials, online campagnes. Daarnaast zijn demo events ook mega belangrijk zodat kids kunnen ervaren hoe het is om met een Nerf blaster te schieten.

De ouders bereiken we met name dmv online campagnes.

Hoe onderscheiden jullie je verder  in de markt?

Ons grootste punt van differentiatie zit hem in de producten die we maken. Los van het feit dat we onze producten altijd zo mooi mogelijk willen maken, zijn ze ook van zeer goede kwaliteit. De producten zijn stevig, gemaakt van goed materiaal en leveren goed prestaties.

Even als ouder een kritische vraag….Hoe gaan jullie om met Nerf in tijden van aanslagen en ellende in de wereld?

Bij Hasbro zijn we ons erg bewust van de wereld om ons heen en de problemen die daarin spelen. Hoewel we speelgoed maken waarmee kinderen kunnen schieten, ligt de focus bij ons in de communicatie rondom onze producten altijd op het plezier dat je kunt ervaren met onze producten. In onze marketing uitingen zal je nooit kinderen op elkaar zien schieten, het draait altijd om het schieten op doelwitten en dus niet op mensen. Nerf blasters zijn van hoge kwaliteit en worden uitvoerig getest om aan de hoogste veiligheidseisen te voldoen. Deze testen gaan soms verder dan wat er wettelijk van Hasbro verwacht wordt.

We begrijpen de zorg die sommige ouders kunnen hebben, en vetrouwens erop dat ouders een weloverwogen beslissing nemen als ze de keuze maken om een Nerf blaster voor hun kinderen aan te schaffen. De ouders kennen hun eigen kind het beste, en zij kunnen dan ook het beste inschatten of Nerf geschikt speelgoed is voor hen kind.

Wat is verder jullie boodschap aan kinderen?

Het is het doel van Hasbro om de wereld een betere plek te maken voor kinderen en hun families. Dit doen we door bij alles wat we doen als Hasbro zijnde de kind en de familie in gedachten te houden. Zoals bijvoorbeel bij het maken van onze bordspellen zoals Monopoly, of het creeeren van films zoals My Little Pony de film.

Wat zijn volgens jullie de laatste trends op speelgoed gebied?

Een van de trends die we de afgelopen 2 jaar weer zien is dat bordspellen het weer steeds beter gaan doen. Een aantal jaren geleden hadden veel mensen de verwachting dat tablets en mobiele telfoons ervoor zouden zorgen dat mensen geen bordspellen meer wilden spelen. Na een periode van dalende verkopen in bordspellen zien we dat bordspellen nu weer populairder dan ooit tevoren zijn. Mensen kiezen ervoor om weer meer met elkaar te connecten in een tijd waarin iedereen druk is. Om weer met elkaar te connecten wordt vaak een bordspel gebruikt.

En hebben jullie verder nog iets nieuws of leuks te melden?

Wat leuk is om te weten is dat er volgend jaar weer een Nederlanskampioenschap Nerf zal plaatsvinden. Waar en wanneer dit zal zijn is nog even geheim, maar dat we het event nog grootser dan vorig jaar op gaan zetten is zeker.

Wat ook leuk is om te weten is dat de allereerste My Little Pony film vanaf 11 Oktober in Nederlandse in de bioscopen zal draaien!

Wat is jullie stelling ten opzichte van gendermarketing?

Hasbro is van mening dat alle producten die we maken geschikt zijn voor alle kinderen, ongeacht geslacht. Zodoende zie je in de marketing van bijvoorbeeld Nerf dat in veel van deze commercials zowel jongens als meiden figureren.

Onlangs hebben we met Nerf een campagne gedraaid (This is how we play campagne https://www.youtube.com/watch?v=FDJVZpKTpxk ). In deze campagne laten we duidelijk zien dat Nerf voor zowel meiden als jongens geschikt is.

Dit onderwerp staat hoog op de agenda binnen Hasbro omdat ook wij zien dat inclusiviteit (of het nou gaat om geslacht, afkomst of geloof) erg belangrijk is.

5 tips om het meeste uit het congres te halen

  1. Bereid je voor: als je naar een congres gaat, bekijk dan van tevoren welke sprekers er zijn en lees de beschrijving van hun verhaal. Een mooie bedrijfsnaam betekent niet altijd automatisch ook een mooi verhaal. Kijk echt welke onderwerpen bij jouw belevingsmoment van dat moment passen om zo te zorgen dat je informatie krijgt die nuttig voor je is.
  2. Probeer van iedere spreker concreet iets mee te nemen: soms hoor je niet direct iets nieuws. De kunst is dan toch om je te laten verrassen. Zoek actief naar een haakje. Dat kan zijn een website die ze noemen, die je toch eens wilt gaan bekijken maar het kan ook zijn dat je gaat bedenken wat jij anders zou hebben gedaan in hun situatie. Of dat je juist het verhaal van hen op je eigen situatie betrekt. Op die manier kun je op meerdere manieren naar een spreker kijken. Het kan ook gewoon zijn dat je denkt ‘wat een leuk mens, die wil ik leren kennen’. Stap er op af en haal er zo ook iets moois uit namelijk een nieuw contact. En dan komen we meteen bij punt 3.
  3. Netwerk: naast de sprekers lopen er vaak nog tientallen andere mensen rond met hele interessante verhalen. Soms lijkt het zo moeilijk om op iemand af te stappen maar op een congres kom je juist vaak makkelijker met mensen in contact. Ze staan er in ieder geval meer voor open. Zorg dus dat je in de zaal altijd naast iemand gaat zitten, dat maakt het eerste contact makkelijker. Sluit bij iemand aan voor de lunch en vraag wat zij van de dag vinden. Stel jezelf daarbij gerust een doel. Vijf nieuwe contacten op een dag levert je altijd iets moois op.
  4. Maak een verslag: Voor jezelf maar ook voor je collega’s is het interessant om te zien wat je belangrijkste bevindingen van de dag zijn. Voor jezelf is het handig omdat je je gedachten goed kunt ordenen. Voor je collega’s is het mooi omdat ze zo ook zien wat jij een hele dag gedaan hebt. En wellicht kunnen zij er ook nog inspiratie uit halen.
  5. Laat je verrassen: ga met een open blik naar een congres. Misschien zijn het niet alleen de sprekers die je verrassen maar is het juist de locatie. Ook je medecongresbezoekers hebben misschien wel de mooiste ervaringen en verhalen. Wees dus nieuwsgierig op zo’n dag en sta voor alles open. Zo eet je misschien een broodje dat je daarvoor nooit gegeten zou hebben of kom je zelf tot een nieuw actiepunt wat jouw hele carrière op zijn kop gaat zetten. Maar door verveeld te zitten twitteren op een stoel achterin de zaal is nog nooit iemand geïnspireerd terug gekomen van een congres. Beperk dus je online socials en treed naar buiten met een open blik.
Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright ©2018