10 gave kinderheld producten!

Superhelden kinderen

Alleen ga je sneller, samen kom je verder. Dat zullen onderstaande bedrijven gedacht hebben in hun zoektocht naar de perfecte samenwerking. Marketeers opgelet: Heb je nog wat inspiratie nodig? Hieronder 10 gave producten van de afgelopen tijd, die ontstaan zijn door het bundelen van kinder-super-helden-krachten. Zowel nationaal als internationaal.

Woezel & Pip – Jumbo

Een helpende hand voor gezinnen met jonge kinderen in het maken van een gezonde keuze. 25 artikelen – snel en simpel verantwoord eten – van boomgaard peertjes uit ‘molletjes moestuin’ tot 30+ kaaskopjes uit de ‘groene weide’.

Donald Duck – VT Wonen

Een goudmijntje voor Dagobert Duck en z’n vrienden; Een heuse wooncollectie waarin je kunt wegdromen in de fantasiewereld van Duckstad. Eendenvoetjes aan je muur – een nachtkastje voor je al je duckies – en een strip in de vorm van een zitzak – Oftewel je bent nooit te oud voor Donald Duck.

Minions – Tic Tac

Verfrissend en verrassend; precies waar Tic Tac voor staat. De eerste licentie van Tic Tac in de geschiedenis – 100 schurkenhulpjes in een doosje – en in je mond, hoe kan het ook anders, de smaak van banaan

Sesamstraat – Puma

Terwijl Sesamstraat van de buis verdween bracht Puma juist een ode aan de gezelligste straat van Nederland. Ze zijn er voor kids maar vanwege het succes inmiddels ook voor volwassenen. Zacht van suède – vrolijke oogjes – onze vriendjes Elmo en Koekiemonster.

Hello Kitty – Swarovski

Diamonds are a girl’s best friend. Een Japans meisje in dit geval. Bekend van haar iconische kenmerken, zoals de strik over haar linker oor – unieke samenwerking Sanrio en Swarovski – veel glitter & glam.

Cliniclowns – Playmobil

Hoe mooi kan het zijn. Een vriendelijke samenwerking waarin het goede doel centraal staat. Van elk verkocht clowntje gaat 1 euro naar Cliniclowns. Alles om een zo een glimlach te toveren op de gezichten van vele zieke en gehandicapte kinderen.

Disney – IXXI

Een kindervriend als eyecatcher aan de muur. IXXI staat voor innovatieve wanddecoratie, bestaande uit vierkante kaarten met koppelstukjes. Nijntje deed mee en daarna volgde ook Disney en de Efteling.

Fred & Ed – Kips

Inmiddels is dit vrolijke duo niet meer weg te denken uit de Nederlandse retailschappen. Eerder werkten ze al samen met de Greenery om gezond snoepen een boost te geven. Home made kwam ook voorbij om van koekjesbakken een groot feest te maken. En dan ook nog Kips voor op je boterham.

Disney – Lego

The good & great together. Twee oer degelijke merken vinden elkaar met eindeloze combinaties zoals Frozen, Vaiana, Belle en Palace Pets. En daarmee versterken ze elkaar op ongekend hoog niveau.

Superman & Wonder Woman – Jean Paul Gaultier

Goud van oud. De kracht zit ‘m in de perfecte match van ‘characters’ en geur. Oftewel the sweet scent of justice.

Jongerenmarketing is in de war: 4 opvallende tegenstrijdigheden

Jongerenmarketing in Nederland is in verwarring. Jongerenmarketing heeft een andere afslag genomen dan jongeren zelf. Dat is te zien op vier gebieden, die ik hieronder uitleg. Om deze verwarring te begrijpen, is het goed om te weten hoe jongerenmarketingbureaus naar jongeren kijken en dit beeld vervolgens te vergelijken met wat jongerenmarketeers daadwerkelijk doen.

Eerst de 4 tegenstrijdigheden die ik heb gezien. Ten eerste roepen jongerenmarketeers dat een verhaal verteld moet worden dat bij de doelgroep past, terwijl zij tegelijk claimen dat de doelgroep hopeloos versnipperd is en geen speciale toon nodig heeft. Ten tweede beweegt jongerenmarketing zich steeds meer in de richting van het aanspreken van maatschappelijke lange-termijn idealen van jongeren, terwijl deze jongeren zelf zich steeds verder terug trekken in hun eigen kleine, overzichtelijke wereld. Ten derde willen veel invloedrijke volwassenen van jongeren leren, terwijl jongeren vooral meebewegen met de grote trends en zich aanpassen aan een veeleisende wereld. Ten vierde wordt veel social media ingezet om jongeren te bereiken, terwijl jongeren tenminste net zo effectief aan te spreken zijn in de gewone werkelijkheid.

Als onderzoeker naar de huidige generatie jongeren ben ik altijd razend benieuwd naar de bevindingen van anderen. Daarom had ik hoge verwachtingen van de jongerenmarketeers en onderzoekers die op het recent gehouden congres Trends in Kids, Jongeren en Familie Marketing hun visie gaven op waar jongeren en jongerenmarketing in Nederland momenteel staan. Na elf presentaties, keynotes en workshops gehoord en bezocht te hebben, begreep ik dat jongerenmarketing in Nederland in verwarring is.

Het beeld van jongeren

Gaby Siera (Beautiful Lives) onderzocht jongeren van 16 tot 17 jaar. Zij noemt deze jongeren Generatie Swipe. Volgens haar hebben jongeren een zeer volwassen kijk op het leven. Zij groeien op in een gevaarlijke wereld (aanslagen, vluchtelingenmigraties) die hen voor grote, praktische problemen stelt (economische crisis, studieleningen in plaats van studiefinanciering, een alcoholverbod voor steeds jongere tieners, een internet dat niet alleen maar leuk is).

Hun antwoord is niet in opstand komen of proberen de wereld te verbeteren. Jongeren trekken zich terug in hun eigen, kleine, overzichtelijke wereld en plannen hun dagen vol met activiteiten die hen verder brengen in het leven zoals sporten om gezond te blijven en bijlessen. Hun enige vrije tijd is zaterdagavond – en dan wordt er afgesproken met vrienden en vriendinnen. Op zondag chillen zij met hun ouders of grootouders.

 

De jongeren van Generatie Swipe passen zich volgens Siera aan aan de wereld die zij om hen heen aantreffen. Zij zoeken hun eigen, kleine weg in de onprettige grote wereld en proberen verantwoordelijk om te gaan met hun tijd en geld. Zij moeten zichzelf kunnen verkopen om aan opleidingen mee te mogen doen of bijbaantjes te bemachtigen (“Wat trekt je aan in vakken vullen?”) en dekken zich in tegen risico’s door te sparen, gezond te leven en zich op te stellen als kritische en zelfs cynische consumenten. Als zij gevraagd wordt naar hun toekomstdromen, dromen zij van eigen kinderen die niet roken en geen drugs gebruiken.

Conformisme van jongeren

Rutger van den Berg (Youngworks) beschrijft het conformisme van jongeren als gevolg van hun biologische ontwikkeling. Volgens van den Berg zorgt het zich nog ontwikkelende brein van jongeren ervoor dat zij sterk reageren op externe impulsen. Zij hebben een grote angst om buiten gesloten te worden en daarom neigen jongeren er sterk naar zich voortdurend aan te passen. Groepsdruk van hun peers stuurt de experimenten die jongeren uitvoeren met hun identiteit.

Aan de ene kant zorgt de zogenaamde “no-likes fear” ervoor dat experimenten die geen likes krijgen van leeftijdsgenoten worden gestaakt en offline worden gehaald. Aan de andere kant zorgt de groepsdruk er tevens voor dat jongeren proberen status te verwerven door domme acties uit te voeren. Omdat het beloningssysteem in hun hersenen in ontwikkeling voorloopt op hun impulsonderdrukking, zijn zij in staat ondoordachte stunts uit te halen om daarmee populair te worden.

Jongeren referentiekaders

Volgens Siera dient marketing rekening te houden met de kenmerken van de huidige generatie jongeren. Jongeren willen als volwassenen aangesproken worden op een serieuze en realistische manier. Het best slagen jonge vloggers hierin: zij beïnvloeden jongeren en zijn veel belangrijker dan merken of volwassenen. Van den Berg sluit hier bij aan. Hij stelt dat jongeren op zoek zijn naar referentiekaders op grond van persoonlijke relevantie. Vlogs bieden volgens van den Berg een dergelijke persoonlijke relevantie omdat in de vlogs jongeren die net iets ouder zijn en succesvol zijn

transparant inzicht geven in hun dilemma’s en hun oplossingen.

Marketeers en succesvolle jongeren

Jongerenmarketeers zijn zich bewust van de aantrekkingskracht van vloggers en andere succesvolle jongeren zoals dj’s. Het succes van een jongere online is volgens filmproducent Harro van Staverden (Phanta Basta!) een belangrijke factor in de afweging of een jongere een dragende filmrol krijgt. Mitchel Bovenlander (4PM Entertainment) stelt dat personalities waaraan jongeren zich op kunnen trekken voor hen steeds belangrijker zijn geworden.

Bovenlander zet gaarne succesvolle vloggers met veel volgers op social media in om online awareness voor zijn producten (events) te creëren en te vergroten. Zijn ambassadeurs worden uitgenodigd voor co-creatie sessies en kunnen rekenen op een VIP-behandeling tijdens events. Bovenlander stelt dat in zijn bedrijf deze vorm van marketing de traditionele marketing in de vorm van flyers en posters vrijwel volledig heeft vervangen. De jonge socialmedia-sterren onderstrepen het gevoel voor jongeren dat ze op zijn feesten moeten zijn: als een populaire jongere naar een event gaat, wil iedereen.

 

bebrave

Jongeren op een YouTube-conventie. Bron: Flickr/ Gage Skidmore

Ronen Wolf (RTL Nederland en RTL MCN) gaat nog een stapje verder. Volgens hem zijn jongeren niet meer te bereiken met traditionele businessmodellen. YouTubekanalen geven aan in welke richting jongeren wel te bereiken zijn. Daarom experimenteert RTL met producties op YouTube zoals Concentrate.

Volgens Wolf toont een succesvolle YouTube-productie echte emoties. De productie mag gedeeltelijk scripted zijn maar moet als authentiek door jongeren worden ervaren. Belangrijker dan de contentstrategie is echter de distributiestrategie. Er moet een duidelijke call-to-action zijn – waarom zou een jongere dit kijken? En, het format moet strak en de titel en labels moeten helder zijn. Het moet voor jongeren duidelijk zijn wat de productie is en wat er te vinden is.

Marktwaarde

Succesvolle jongeren zijn zich zeer bewust van hun marktwaarde. Volgens Bovenlander hebben veel vloggers een manager, terwijl vloggers en DJs steeds vaker extra geld willen voor het genereren van aandacht op social media. Vlogster Yvonne Coldewijer (Life of Yvonne), volgens eigen zeggen een rolmodel voor meisjes, vertelt dat dit echter een groot spanningsveld met zich meebrengt: zij moet voortdurend balanceren tussen geld verdienen door producten of diensten aan te prijzen en hard werken om meiden aan zich te binden en een geloofwaardigheid in de doelgroep op te bouwen. Wolf geeft aan waar de grens ligt: reclame vinden jongeren ervaren storend terwijl sponsoring door hen als positief wordt ervaren, onder voorwaarde dat de sponsoring past bij de videoproductie.

Er ontstaat als gevolg hiervan een steeds grotere tweedeling binnen de groep jongeren tussen zij die het gemaakt hebben en zij die alleen maar volgen. Dit sluit aan bij een algemeen effect van technologie: steeds minder mensen verdienen steeds meer geld met technologie en hebben steeds meer macht terwijl veel anderen hun baan en toekomstperspectief verliezen als gevolg van technologie.

Beeld van jongeren en jongerenmarketing – 4 tegenstrijdigheden

Het beeld dat jongerenmarketeers op grond van onderzoek schetsen van jongeren sluit niet aan bij de praktijk van jongerenmarketing in Nederland. Er bestaan vier gebieden waarop jongerenmarkering in tegenspraak is met het geschetste beeld.

1. Inzetten van vloggers en andere succesvolle jongeren

Het inzetten van vloggers en andere succesvolle jongeren is het laaghangend fruit voor de jongerenmarketeer. Echter, zelfs dit simpele instrument levert een reeks van tegenstrijdigheden op. Zo moeten merken volgens Wolf met behulp van video’s een verhaal vertellen dat bij de doelgroep past, maar moeten zij tegelijk geen andere boodschap uitdragen dan die zij sowieso hadden willen communiceren. Leendert-Jan de Ronde en Kim van Dongen (Youngworks) zijn het met Wolf eens en stellen dat een merk door videofilmpjes relevant moet zijn voor de doelgroep, maar dat een merk tegelijk dicht bij zichzelf moet blijven. En, zo voegen zij eraan toe, deze doelgroep is volkomen versnipperd.

Versnippering

Individuele jongeren combineren op een individuele manier de meest bizarre dingen met elkaar, zoals hardrock en breien, zodat er geen zuilen binnen de jongerendoelgroep meer bestaan. Tegelijkertijd claimen zij dat een merk geen jongerentaal hoeft te gebruiken om met jongeren te communiceren, maar normaal met hen kan praten omdat jongeren “net mensen zijn”.

Het is derhalve niet duidelijk wat het aansluiten bij de doelgroep betekent als er geen duidelijke doelgroep is en er geen speciale toon voor deze doelgroep nodig is. Tel hierbij op dat volgens Siera jongeren op een serieuze manier aangesproken moeten worden op hun volwassenheid, zoals we zagen, en de verwarring is compleet.

2. Co-creatie is populair

Het andere grote instrument van jongerenmarketing, co-creatie, is eveneens een vat van tegenstrijdigheden. Co-creatie met jongeren is populair. Talloze overheden, grote bedrijven en organisaties zetten een Raad van Kinderen in om mee te denken over hun beleid en hun innovatie. De homepage van de Raad voor Kinderen vraagt: “Is het niet logisch om naar de ideeën van kinderen te luisteren over vraagstukken die ook hun toekomst gaan bepalen?”

Good is the new cool

Het inzetten van kinderen bij het oplossen van maatschappelijke en commerciële vraagstukken sluit aan bij een grote trend in jongerenmarketing. Volgens Maartje van Osch (FamilyFactor) heeft jongerenmarketing zich ontwikkeld van het aanspreken van jongeren als consument met behulp van fun in de jaren negentig, via het aanspreken van kinderen en ouders samen met behulp van boodschappen die fun en verantwoord combineerden in de jaren tweeduizend, naar waar jongerenmarketing zich nu bevindt: lange-termijn boodschappen met de nadruk op gezond en goed voor de wereld (“good is the new cool”). De ontwikkeling van het kind dient momenteel positief gestimuleerd te worden op alle gebieden: intellectueel, emotioneel, fysiek, talent en spiritueel. Wolf sluit daar bij aan en stelt dat videoproducties een maatschappelijk belang moeten dienen.

opruimen-jongeren

Volgens Kirby Beckman (BrandDeli) is deze trend ook aan de eettafel in het gezin terug te vinden. Ouders vinden het belangrijk dat kinderen een eigen mening hebben en vragen graag naar deze mening. Hoewel de ouders eindverantwoordelijke blijven, is de invloed van kinderen op beslissingen in het gezin groot.

Ander referentiekader

Jongerenmarketing, in video en in co-creatie, is dus een volledig andere richting ingeslagen dan de jongeren zelf die het weliswaar fijn vinden als anderen de wereld verbeteren maar zichzelf hebben teruggetrokken in hun eigen, kleine wereld en die, in plaats van de wereld te verbeteren, knokken voor hun eigen plekje in de wereld. Bovenlander constateert bijvoorbeeld op zijn feesten dat jongeren veel meer bezig zijn met zichzelf en veel minder bezig zijn met wat er om hen hen gebeurt. Hun referentiekader is niet het welzijn van de wereld; succesvolle leeftijdsgenoten die worstelen met voor hen herkenbare dagelijkse problemen vormen hun referentiekader.

Jongeren zijn vooral geïnteresseerd in duidelijkheid, herkenbaarheid en een redelijke mate van authenticiteit, zoals Wolf al aangaf. Waar zij volgens de Ronde en van Dongen behoefte aan hebben, is een concreet handelingsperspectief: hoe te reageren op een bepaalde situatie. Dit handelingsperspectief moet wel leuk zijn.

Daarmee is niet gezegd dat jongeren niet graag meepraten over van alles en nog wat. Hoek, van Dijke en Spooren zien juist dat jongeren dat graag doen, onder voorwaarde dat zij een onderwerp belangrijk genoeg vinden om er ruimte voor te maken in hun drukke agenda. De vraag alleen is hoe relevant de mening van jongeren met een praktisch en naar binnen gericht referentiekader is binnen een co-creatie.

3. Jongeren zijn gemakkelijker te werven door relatief jonge mensen

Een ander probleem van co-creatie is dat jongeren gemakkelijker te werven zijn door relatief jonge mensen en zich ook gemakkelijker openen tegenover andere jongeren, zoals Hoek van Dijke en Spooren ontdekten. Bovenlander stelt zelfs dat jongeren steeds vaker naar zijn events komen om elkaar te ontmoeten en veel minder vanwege de beleving.

Jongeren zijn dus het liefst met jongeren en willen het liefst co-creeren met jongeren, en veel minder met volwassenen. Daarom zetten Hoek van Dijke en Spooren met name jongeren in om te co-creeren met jongeren en heeft Bovenlander jonge mensen in zijn bedrijf aangenomen. Dit staat op gespannen voet met het idee van co-creatie tussen generaties.

4. Inzetten van socialmediakanalen

Een ander belangrijk instrument van jongerenmarketing is het inzetten van socialmediakanalen. Hoek, van Dijke en Spooren laten een probleem van het gebruik van dit instrument zien. Zij werven jongeren voor hun co-creatiepanels het meest effectief in de werkelijkheid, gewoon op straat en soms, voor niet-commerciële projecten, op scholen. Social media worden vervolgens met name ingezet om contact te houden met jongeren zodat zij ook daadwerkelijk komen opdagen op co-creatiesessies. Dit contact houden gebeurt zowel door e-mail – die jongeren lezen maar waarop zij niet antwoorden – en met behulp van WhatsApp.

whatsapp

Ook offline

Als er al geworven wordt via social media, dan gebeurt dat door jongeren die al meedoen aan co-creatiesessies en hun vrienden uitnodigen om ook te komen. Ook voor van Staverden is social media slechts een van de vele kanalen om zijn jeugdfilms te promoten naast media, print, outdoor, onderwijs, retail en tijdelijke kanalen zoals een VVV of een museum. Waar socialmediakanalen worden gemarket als de toekomst, werken offline-kanalen voor jongeren blijkbaar minstens net zo effectief of zelfs effectiever.

Het grijze gebied van compromissen

Terwijl jongeren zelf niet veel antwoorden hebben en zich teruggetrokken hebben in hun eigen wereldje, worden zij door jongerenmarketeers benaderd alsof zij op de eerste plaats wereldverbeteraars zijn. Jongeren worden door volwassenen betrokken bij besluitvormingsprocessen met betrekking tot grote vraagstukken, terwijl jongeren zelf liever onder elkaar zijn, praktisch zijn en opkijken tegen net iets oudere jongeren die succesvol zijn door transparant te worstelen met herkenbare dagelijkse problemen.

Jongeren willen bevestiging en buigen mee met wat de wereld van hen vraagt, terwijl volwassenen van hen antwoorden willen horen. En daar waar jongeren helderheid, authenticiteit en praktisch nut verkiezen in hun degelijke levenshouding, verwachten volwassenen van hen inspiratie. Jongeren zijn echter geen onbevangen schepsels met een out-of-the-box-oplossing voor alles. Jongeren zijn vroeg-volwassenen die hun levenspad zorgvuldig plannen, mede omdat diezelfde volwassenen van hen verwachten dat jongeren concreet kunnen uitleggen waarom zij een specifiek baantje of een specifieke opleiding ambiëren en zij het leven van jongeren in praktische zin steeds lastiger maken.

Waar jongeren en jongerenmarketeers elkaar zouden kunnen vinden, is in het grijze gebied van compromissen. Marketeers gieten hun boodschap in een authentieker jasje terwijl jongeren sponsoring accepteren. Marketeers zetten succesvolle jongeren in om jongeren te bereiken en jongeren luisteren gaarne naar deze succesvolle jongeren. Maar waar het jongeren gaat om de celebrities, gaat het marketeers om de merkboodschap.

 


frank-watching

Nieuw Frankwatching-webinar: Starten met Snapchat & Instagram Stories

Hoe belangrijk is het om als organisatie op Snapchat & Instagram Stories te zitten? Vergroot je er echt je sociale bereik mee? Tijdens dit webinar ontdek je wat je zakelijk allemaal met Snapchat & Instagram Stories kunt doen en voor welke doeleinden je deze sociale media kunt inzetten. Ben jij erbij? Meer informatie

 

Frisdrank, chips, koekjes en ijs: wie stopt met verpakking als kinderlokker?

Verpakkingen van ongezond eten en drinken worden eindelijk minder aantrekkelijk voor kinderen: het Bestuur van Stichting Ik Kies Bewust (eigenaar van het “Vinkje”) heeft besloten om kindermarketing te verbieden op voedingsmiddelen met het Vinkje met de blauwe cirkel. Het blauwe Vinkje is voor producten die je niet te vaak zou moeten eten of drinken zoals frisdrank, chips, koekjes en ijs. Hoe pakt de voedingsindustrie door op dit besluit?

De verpakking als grote kinderlokker

“Een goede verpakking verstaat de kunst van het verleiden… Door een mooie foodverpakking krijgt de consument nog meer trek” aldus verpakkingsexpert in zijn blog voor MarketingTribune van 5 juli 2016. Het is niet voor niets dat de Alliantie Stop kindermarketing ongezonde voeding pleit voor een ban op de marketing van ongezonde voedingsmiddelen richting kinderen via o.a. de verpakking. Kinderen hebben het recht om op te groeien in een gezonde omgeving.

Wat betekent het besluit van Stichting Ik Kies Bewust in de praktijk? Wat gaat er precies veranderen?

Er is besloten dat voor producten met het blauwe Vinkje geen kindermarketing meer is toegestaan. Dit betekent dat fabrikanten bijvoorbeeld onderstaande verpakkingen moeten aanpassen als zij het blauwe Vinkje erop willen houden. De kindermarketingelementen moeten eraf.

plaatje food hartstichting

Wat gaat er af: Vinkje of kindermarketing?

De Stichting IKB, en dus de deelnemende bedrijven, schrijft dat ze zich via het Vinkje “inzetten voor een gezonder etende Nederlander”. Het besluit van het Vinkje zie ik als een test: wat doet de fabrikant? Neemt hij zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid of kiest hij voor een ongezonde omgeving? Met andere woorden, kiezen de voedingsmiddelenfabrikanten voor:

  1. de kindermarketing eraf en het blauwe Vinkje erop laten; óf
  2. het blauwe Vinkje eraf en kinderen blijven verleiden via de verpakking?

Een concreet voorbeeld: kiest de fabrikant van Raak kindercola ervoor om Kuifje van de verpakking af te halen of laten ze Kuifje erop zitten en halen ze het blauwe Vinkje eraf?

Ook vraag ik me af hoe het zit met de producten die geen blauw Vinkje hebben. Wat doen de fabrikanten, die gekoppeld zijn aan de Stichting IKB, met hun producten die te ongezond zijn voor het blauwe Vinkje maar wel kindermarketingelementen bevatten? Gaan die fabrikanten nu voor hun hele portfolio stoppen met kindermarketing op de verpakking van ongezonde voedingsmiddelen? Ik zou het vreemd vinden als fabrikanten er alleen mee stoppen voor hun producten met het blauwe Vinkje en ondertussen doorgaan met kindermarketing voor hun overige ongezonde voedingsmiddelen. Jij?

Makkelijk opgelost: doe niet aan kindermarketing voor ongezond eten en drinken

Wat mij betreft kan de voedingsindustrie het zichzelf makkelijk maken: blauw Vinkje of niet, deelnemer van Stichting Ik Kies Bewust of niet, doe niet aan kindermarketing voor ongezond eten en drinken, al helemaal niet via de verpakking.

Wie doet er mee en stopt met de verpakking als kinderlokker?

Carolien-Martens-hartstichting

Carolien Martens, Relatiemanager Public Affairs, Hartstichting

Congresverslag (2): ‘Trends in Kids- en Jongerenmarketing’ — jongerendag #KJ14

Na een succesvolle ‘Kidsdag’ gisteren, staan vandaag jongeren centraal op de 23ste editie van het congres Trends in Kids- en Jongerenmarketing, in DeFabrique in Utrecht. Prima sprekers, inhoudelijk inspirerend, veel leuke mensen, goede koffie (met dank aan Young Advertising), en dus… te weinig tijd. Belangrijkste bevindingen van de dag: dé jongere bestaat niet, meten is weten, goed doen loont, de inhoud en de manier waarop het gebracht wordt (authenticiteit!) zijn belangrijker dan het kanaal, laat de doelgroep bijdragen (of vertel wat ze kúnnen doen).

Hieronder een korte samenvatting van de meeste sessies.

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 09.45u >

“Wat ik ooit geleerd heb: je kunt niet zomaar iemand in een restaurant om een date vragen, tenzij het date-avond is… of je Iggy bent.” [Pim de Witte]

De jongste sprekers van de dag, PIM DE WITTE en IGGY HARMSEN (Soulsplit), beide 19 jaar, trappen de ‘Jongerendag’ af. Pim had wat tijd over en ontwikkelde in zijn slaapkamer de ‘massive online game’ Soulsplit (deze trailer geeft een beeld), die een flink succes werd. De learnings die de gameliefhebbers opdeden: ‘social is key’, werk mét jongeren (aanpassingsvermogen, creativiteit, begrip in communiceren met spelers) en ‘data driven decision-making’ geeft rust bij het ondernemen (uit de data wordt duidelijk hoe ze ervoor staan, bijvoorbeeld hoe de betaalmethode van invloed is op de gebruikerservaring). Inmiddels zijn een miljoen unieke accounts geregistreerd.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=Qw91Lr6vhd0]

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 10.15u >

“Bezig zijn met gezonde voeding werkt statusverhogend voor jongeren.” [Rutger van den Berg]

RUTGER VAN DEN BERG (YoungWorks) onderzoekt jeugdcultuur en duidt de jongerentrends. Best lastig, want dé jongere bestaat niet. Maar over het algemeen zijn jongeren van nu heel positief, opgegroeid in een periode dat alles mogelijk was. Ze ontwikkelen een soort van doe-het-zelf-mentaliteit. Ambitie: van afhankelijkheid naar zelfredzaamheid. Veel jongeren willen een eigen bedrijf beginnen en ambachten krijgen weer respect (bedrijven als Schorem en Brandt & Levie worden tof gevonden). Gelukkig worden is het hoogste doel voor jongeren, een zware missie — van zelfmaakbaarheid naar zingeving. Bezinning is momenteel een kernwaarde; zelfbewustzijn is de weg naar geluk (ook jongens worden meegenomen naar yoga, maar dan heet het ‘broga’). Statussymbolen veranderen voor jongeren; geld en macht drijven wat meer naar de achtergrond, en eigenzinningheid en autonomie worden belangrijker (dagvoorzitter LUDO KEIZER is daar een goed voorbeeld van ;-)). Gezonde voeding is een statusmiddel; de Instagram-accounts van jongeren staan vol met ‘healfy’s’. Aan de ene kant wordt diepgang gezocht, aan de andere kant scoren ‘oppervlakkige’ dating-apps als Tinder en Carrot, al is het maar om even te weten ‘wat je waard bent op de markt’.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=n_1KHhIItxE]

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 10.40u >

“Breng mini-segmenten aan.” [Sylvie Verbiest]

EDWIN RIETBERG (Aegis) heeft data over jongeren gebundeld — in een mediaplanning-tool met de naam CCS en in een boekje met de naam Focus on Teens — om betere plannen te kunnen maken. Merken zijn belangrijk voor jongeren, om te laten zien waar ze bijhoren (en waar ze niet bijhoren). Ook hier geldt: jong geleerd, is oud gedaan. Een dag niet ‘geliked’, is een dag niet geleefd. De digitale wereld is belangrijk, maar andere media zijn nog steeds aanwezig; ook in 2014 wordt veel naar de radio geluisterd en naar de televisie gekeken. Populaire programma’s dienen als ‘social currency’; het Eurovisie Songfestival was het populairste programma onder jongeren — levert gespreksstof op.

SYLVIE VERBIEST en CATELIJNE RUTTEN (SMALL) schetsen hun werkwijze (“het is niet zo dat je weet wat er leeft, omdat je zelf ook jong bent geweest”). Differentiatie is belangrijk, bijvoorbeeld naar schoolfase. Ze kijken binnen hun onderzoeken naar het systeem, dus niet alleen naar kinderen en jongeren zelf maar ook naar hun omgeving, van ouders tot sporttrainers. Voor het genoemde boekje zijn tieners ondervraagd. Wat onder andere blijkt is dat ‘multiscreen’ voor jongeren geen begrip is, maar de gewoonste zaak van de wereld. Ze zijn ze zich er ook niet van bewust dat ze de hele dag online zijn…

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 11.10u >

“Het klinkt makkelijker dan dat het is.” [Ilco van der Linde]

ILCO VAN DER LINDE (MasterPeace) gaat uit van een mooi motto: ‘It’s all about creating heart connections’. Op zijn 13de begon hij met zijn eerste actie, omdat hij het belachelijk vond dat Nelson Mandela vast zat. Hij leerde dat je in communicatie dicht moet blijven bij wat je voelt (“houdt het echt, authentiek”), anders gaat de deur voor je neus dicht. Daarna richtte hij Bevrijdingspop op (“gewoon een kwestie van vragen en doen”); met een startkapitaal van een honderdje is het een van de grootste jongerenevenementen voor jongeren geworden in Europa. Helikoptervluchten en songs die specifiek voor het onderwerp werden geschreven bleken ook tot de mogelijkheden te behoren. Ook startte Ilco met Dance4Life, wat uitgroeide tot een internationale beweging waarbij de populairste dj’s en veel agents of change betrokken zijn. De essentie is simpel; jongeren zijn blij dat ze íets kunnen doen.

“Elk land heeft een Bono.” [Ilco van der Linde]

Momenteel richt Ilco zich op MasterPeace, waarmee hij samen met een beoogd aantal van 400.000 ‘peace builders’ (“de nieuwe Mandela’s”) wereldwijd vrede wil bewerkstelligen: ‘music above fighting, dialogue above judgment, bread above bombs, creation above destruction’. Zo’n movement was er nog niet. Iedereen wordt uitgenodigd om mee te bouwen. Primeurtje: de campagne die binnenkort gestart wordt voor dat doel, heeft als boodschap: ‘Be a Nelson.’

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=OE4Zv9FdbTA]

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 12.15u >

“Als het niet op Twitter of Facebook staat, bestaat het niet.” [Linda Hartman]

LINDA HARTMAN (ING) laat enkele resultaten zien uit social media-onderzoek van Newcom. Naarmate de leeftijd stijgt, gebruiken jongeren steeds meer Facebook en LinkedIn en steeds minder Twitter. Het is verleidelijk om te focussen op die kanalen, maar de onderliggende strategie is veel belangrijker, waarbij het moet gaan om de lange termijn en relevante content. Leitmotiv in de aanpak voor jongeren en studenten, is om hen te helpen meer uit hun krappe budget te halen. Daarbij laat de dienstverlener jongeren zelf aan het woord. Zo gaan de reporters Sjors en Etienne koken voor 3 euro (‘Prakkie voor een Prikkie’, zie onderstaande video). Een ander voorbeeld: bijna driekwart (73%) vraagt geen belastinggeld terug en laat zo 250 euro liggen, wat een mooi haakje was voor een relevante actie over een saai onderwerp.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=nXX0XGyJQq4]

Linda kan kort nog twee andere cases benoemen. Met drie ondernemende studenten werd ING Jumstart opgestart. Wie een gouden business-idee had, kon dat via Facebook aandragen, wat meer dan 100 plannen opleverde (de winnaars kregen vervolgens advies van ING-experts). Via sociale media werd 91% van de doelgroep studenten bereikt, filmpjes werden meer dan 200.000 keer bekeken en de instroom van nieuwe studenten was 23% hoger dan het jaar ervoor. De Fame Game was een campagne om tieners te helpen om slimmer met geld om te gaan — een Twittercampagne die met hulp van boyband Mainstreet viraal ging. De Fame Game krijgt in september een vervolg, in cocreatie met jongeren.

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 12.35u >

“De smartphone is enorm vervuild, het vaatdoekje en de wc-bril zijn er niets bij.” [Mayke Calis]

Journalist/tekstschrijver MAYKE CALIS schreef het boek Socialbesitas. Ze definieert het fenomeen als de druk om sociaal te zijn en het gevoel om online vrienden altijd overal te moeten volgen, meteen moeten reageren, mateloos en dwangmatig. Het is logisch dat we er verknocht aan zijn, want sociale media zijn overal en het vertier sluit aan bij menselijke behoeften (zelfwaardering). Ook speelt de druk van leeftijdsgenoten een rol. Wie lijdt aan socialbesitas, heeft last van meerdere kwalen: ‘FOMO’ (fear of missing out), het phantom vibration syndrome, ‘SOG’ (studieontwijkend gedrag), infobesitas, minder focus, body dismorphic disorder, je niet meer kunnen vervelen, vluchten voor problemen, digitale identiteitsschade, psychische klachten, achteruitgang van schoolprestaties, slecht slapen en verslaving. En: privacy voelt anders op straat dan op sociale media.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=JgScpIKj8Fg]

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 13.00u >

“Binnen vijf jaar komt minimaal 20% van de verkoop via online.” [Willem Wijnen]

In een soort van interactieve paneldiscussie geven twee experts hun visie op de grote jongerenmerken van de toekomst. WILLEM WIJNEN (The Sting) ziet zijn bedrijf niet erg als jongerenmerk, hoewel het wel veel jongeren aantrekt. De inrichting en de muziek bij de kledingretailer zorgen meer voor een clubsfeer dan voor een winkelsfeer, om een ervaring te creëren. Het meten van resultaten — alles wat klanten doen en zeggen — is fundamenteel. ILCO VAN DER LINDE (MasterPeace) adviseert om je merk echt ergens over te laten gaan, eventueel te verbinden aan een goed doel (dat wordt gewaardeerd door jongeren), en op te houden met zenden. Communicatie moet verleidingskunst zijn. En denk niet dat jongeren alles al weten.

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 14.10u >

“Wat ik gehoord heb van meerdere jongeren: dieren zijn betrouwbaarder dan mensen.” [Angela Weghorst]

ANGELA WEGHORST (TwinQ) is bezig met een grootschalig en diepgaand onderzoek naar kinderen en jongeren anno nu. Ook zij weet: dé jongeren bestaat niet, er zijn enorm grote verschillen — leeftijd, geslacht, persoonlijkheid, tijdsgeest, familie en vrienden zijn allemaal van invloed, daar moet je rekening mee houden. Elke jongere heeft een rugzak met eigen specifieke gedragingen, dromen en problemen. Heel veel jongeren hebben het idee dat ze anders zijn, anders (lees: minder) dan anderen. Velen zijn hoogsensitief, maar daar is nog weinig aandacht voor. Ondernemende jongeren volgen hun hart, gaan gewoon aan de slag. Advies: geef jongeren een handelingsperspectief.

Voor deze generatie geldt:  ‘be yourself’ — het belang van echtheid is voor henzelf van belang maar ook voor bedrijven. Jongeren krijgen een overdosis aan prikkelingen, je moet ze echt in hun hart raken. Bijvoorbeeld door persoonlijk aanspreken met hun eigen naam of richten op een bepaalde levensfase (zie ook onderstaande video als voorbeeld).

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=NEcZmT0fiNM]

Ouders zijn helden (die kan je vertrouwen, daar kan je op terugvallen), die moet je als marketeer of onderzoeker niet belachelijk maken. Ouders van nu willen hun kinderen gelukkig zien, stimuleren hen — compleet anders dan vroeger (Hallmark maakte hier een mooi filmpje over). En natuurlijk zijn vrienden enorm belangrijk, maar zij zorgen ook voor druk om net iets stoerder te doen, bijvoorbeeld om te roken of alcohol te drinken. Binnen vriendschappen worden ervaringen gedeeld, daar kunnen adverteerders bij aanhaken. Zo maakt Walibi foto’s van coole momenten, die de jonge bezoekers vervolgens kunnen delen.

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 15.30u >

“We noemen ze trendsetters, maar eigenlijk zijn het trendvolgers.” [Thea Hazel-Stals]

MARJON VAN DER VEEN en THEA HAZEL-STALS (Stichting Weet Wat Je Besteedt) beginnen met een filmpje om uit te leggen wat WWJB is. De organisatie ontwikkelt samen met jongeren nieuwe initiatieven om hiermee de financiële zelfredzaamheid van jongeren te vergroten. In samenwerking met YoungWorks en Motivaction is het Moneymindsets-model (pdf) ontwikkeld, waarin jongeren gesegmenteerd worden in ‘levensgenieters’, ‘trendsettters’, ‘regelaars’ en ‘toekomstplanners’. Uit MoneySkills-onderzoek bleek dat de twee eerstgenoemde groepen meer moeite hebben om hun zaakjes op orde hebben, vandaar dat zij de primaire doelgroep vormen.

Aan de hand van de case Financieel Studieplan wordt uitgelegd hoe co-creatie leidt tot succes en meer impact. Studenten, en niet alleen de ‘regelaars’ en ‘toekomstplanners’, zijn in alle fasen van het project betrokken, tegen een behoorlijke vergoeding (en pizza). Het idee werd geboren dat je iets moet hebben dat heel weinig tijd kost: een tool die studenten meer zicht geeft op hun inkomsten en uitgaven — ze zijn weliswaar wat lui, maar willen ook niet in de problemen komen. De bijbehorende website trok ruim 88.00 bezoekers, waarvan er bijna 19.000 een persoonlijk plan hebben gemaakt. Omdat cocreatie leidt tot veel ideeën, wordt in projecten altijd met jongeren samengewerkt.

> > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > 16.20u >

“Donderdag is dichterbij de toekomst dan woensdag.” [Herman Konings]

Veranderingspsycholoog/trendwaarnemer HERMAN KONINGS heeft geen zekerheid over de toekomst maar probeert deze naar aanleiding van gesprekken met wetenschappers en aan de hand van cijfers wel te vermoeden. Uit een demografische analyse blijkt bijvoorbeeld dat er minder 11-15-jarigen zijn dan 51-55-jarigen, dus valt er minder speelgoed te verkopen, om maar wat te noemen. Maar wel degelijk is deze groep interessant, want uit schuldgevoel voor te weinig aandacht of door de nieuwe vriend van pa/ma wordt er tóch veel speelgoed voor hen gekocht. Meer dan een miljoen babyboomers gaan binnenkort met pensioen om hun behoorlijke vermogen te spenderen, ze zijn de eerste symbolische consumptiegeneratie, die extra voor merken betaalt (niet voor niets heeft BMW speciaal voor hen een auto ontwikkeld, de Active Tourer).

De generatie ‘digitale inboorlingen’ (ook wel: generatie ADHD, naar Any Device Head Down) groeit anders op dan de millennials. Generatie Y houdt van verrassingen (thaasofobie: de angst voor de verveling, voor de voorspelbaarheid). Dat verklaart het succes van collaboratieve bootcamp-evenementen als Tough Mudder. Er is geen generatiekloof meer tussen babyboomers en hun kinderen.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=gVY220ECU2A]

Het is niet waar dat jongeren alleen maar met technologie bezig zijn. De laatste jaren zijn er veel nieuwe ambachtelijke koffiebars geopend, en een relatief jonge website rond naaien als BurdaStyle heeft 800.000 geregistreerde leden (gemiddelde leeftijd 29 jaar). Het moet authentiek zijn. En liefst ook met aandacht voor convergentie, zoals bijvoorbeeld bij de Shirt Bar. Het paradoxale is kenmerkend voor de voorkeuren van jongeren.

Zie ook mijn eerdere recensie van Hermans trendboek De tafel van 7, een aanrader.

< < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < < 17.00u <

PS  Het middagprogramma bestond uit parallelsessies, waardoor ik helaas niet alle sessies kon bijwonen. Laat het weten je aanwezig was en aanvullingen op bovenstaande hebt!

Zie ook het uitgebreide verslag van Pretwerk.

Het is net als een bakker, vergeet je het zout dan smaakt het hele brood niet meer

Ilco van der Linde is de oprichter van Bevrijdingspop en hij was – in opdracht van het Nationaal Comité 4 en 5 mei – organisator van alle Bevrijdingsfestivals in heel Nederland. Met 1 miljoen bezoekers is dit uitgegroeid tot het grootste thematische jongerenproject van Europa.

In 2003 begon hij als Internationaal Directeur met dance4life, dat onder jongeren inmiddels bij de meest populaire goede doelen hoort.

Zijn laatste project is MasterPeace, dat nu al in 45 landen duizenden jongeren betrekt bij het voorkomen van nieuwe gewapende conflicten. Speciale MasterPeace teams gebruiken hiervoor muziek, kunst, video’s, cartoons, social media, events en het werkt. VN-baas Ban Ki-moon overhandigde Ilco december 2013 in New York een oorkonde voor het meest innovatieve vredesproject ter wereld. Met zo’n 1000 nieuwe fans per dag op Facebook groeit het razendsnel. Op 21 september dit jaar – de VN Internationale Dag van de Vrede – organiseert MasterPeace vredesconcerten in maar liefst 50 landen tegelijkertijd, waaronder ook Nederland. Met Axe loopt momenteel deze actie voor jongeren: http://www.peace.axe.nl/home

Tijdens het congres Trends in Kids- en Jongerenmarketing spreekt Ilco over hoe je jongeren vandaag de dag nog voor moeilijke, maatschappelijke thema’s kunt bereiken, welke toon je moet aanslaan, waar je ze mee kunt raken en betrekken, waar ze wel warm voor kunnen lopen of juist niet. “Het kan soms in een woord zitten of het medium dat je kiest.”

Voorafgaand aan het congres interviewden wij Ilco over hoe het hem steeds weer lukt om jongeren op zo’n succesvolle manier te bereiken.

Vergeet je het zout dan smaakt het brood niet meer

Ooit op mijn 15e, mijn vader zat bij het voormalig verzet en die gaf les op school, die was ook met de 5 mei viering bezig en die vroeg: ‘wat ga jij doen voor vrede?’ Toen zei ik tegen hem: ‘weet je wat, geef maar 100 gulden en ik ga een festival, een popconcert organiseren’, en dat werd Bevrijdingspop. Dat werd elk jaar groter en groter en op bepaald moment werd ik gevraagd om dat over heel Nederland op te zetten. Dus ik denk dat iedereen: ouders, bedrijven, besluitvormers aan jongeren veel meer kansen moeten geven, want er zitten nog veel meer van dat soort talenten tussen die waanzinnig mooie festivals, campagnes, bedrijven van de grond kunnen tillen, als ze maar gevraagd worden om mee te doen.

Toen ben ik 10 jaar geleden met dance4life begonnen en dat is nu ook al in 30 landen. Er zijn honderdduizenden jongeren bij betrokken om de stilte en de taboes rondom HIV en AIDS te doorbreken. Dan krijgen ze concerten van DJ’s als beloning. Iedereen kent dat nu, het is een van de meest populaire goede doelen in Nederland.

Daarna ben ik 2 jaar door Afrika en het Midden Oosten getrokken, 51 landen bezocht, heel veel conflicten gezien waarvan de wereld niks weet of waar ze van wegkijkt. Ik denk: het is toch belachelijk dat we wel een Amnesty hebben voor mensenrechten en Greenpeace voor milieu en dat we niet zoiets hebben voor vrede, om mensen daar massaal bij te betrekken. We zijn nu 3, 4 jaar bezig en het groeit als kool. We zitten al in 45 landen, er doen duizenden mensen mee, het is het snelst groeiende goede doel op Facebook met zo’n 1000 nieuwe likes per dag.

Waar we ons op richten is dat we binnen een aantal jaren een paar 100.000 nieuwe peace builders willen hebben geworven, met name jongeren die muziek, kunst en social media gebruiken om tegenpolen bij elkaar te brengen en zo bij te dragen aan het voorkomen van nieuwe oorlogen.

Daarom ben ik MasterPeace begonnen en ik nodig iedereen uit, alle bedrijven en alle jongeren, om daaraan mee te gaan doen, want dat is ook precies waarom dance4life en Bevrijdingspop een succes zijn geworden, omdat iedereen dat in zijn hart ging sluiten en het tot een groot succes wilde maken. Jongeren zijn altijd per definitie een beetje eigenwijs, ze willen het zelf vinden en zelf weten en internet voorziet daar heel goed in. Als je met je merk zorgt dat je eerder gevonden wordt dan dat je je opdringt, dan ben je goed bezig. Jongeren hebben zoveel informatie beschikbaar nu. Laatst las ik dat ze zoveel informatie hebben als een president in de jaren ’60 en die had er toen nog een hele veiligheidsdienst voor. Dat snappen ze heel goed, je kunt ze geen nonsens meer verkopen, want dat vinden ze ook wel en als je het echt snapt als merk, als marketeer, dan kun je heel veel sneller groeien dan 20 jaar geleden. Voor mijn vak wordt dat ook heel veel gebruikt, al die jongeren in Brazilië, Venezuela en Oekraïne kunnen razendsnel elkaar mobiliseren door die social media. Van bovenaf kan dat niet meer zo makkelijk worden ingegrepen en dat is maar goed ook.

Het is zo’n mooie en leuke doelgroep en toch zie je regelmatig dat nog lang niet iedereen snapt hoe je ze moet bereiken, welke toon je moet aanslaan, waar je ze wel mee kan raken en niet, waar ze wel warm voor kunnen lopen of niet. Het kan soms in een woord zitten, in het juiste medium dat je kiest of niet. Het is zo fragiel en zo spannend daardoor. Het is net als een bakker, vergeet je het zout dan smaakt het hele brood niet meer. Het kan in kleine dingen zitten, dat soort wijsheid kun je alleen maar bij dit soort belangrijke congressen ophalen en dan heb je er nog jaren lol van.


Trends in Kids- en Jongerenmarketing

Op 25 en 26 juni 2014 vindt het Congres Trends in Kids- en Jongerenmarketing plaats. Al Al 23 jaar het jaarlijkse platform voor marketing- en communicatieprofessionals gericht op de doelgroep 0 tot 25 jaar. Lees meer…

[Recensie] ‘Love Youth Marketing’ in 10 oneliners

Inez Groen en Jeroen Boschma werden wereldberoemd met hun Generatie Einstein-boeken, over communiceren met jongeren van de 21ste eeuw — jongeren die slimmer, sneller en socialer zouden zijn. De twee jongerenspecialisten hebben een nieuw boek geschreven: Love Youth Marketing. De ondertitel (Hoe bereik je Generatie Einstein?) verwijst naar het eerdere succes, en hoewel de boodschap in dezelfde lijn ligt, zijn vorm en stijl totaal anders. Hetzelfde geldt overigens als je deze uitgave vergelijkt met andere boeken over dit onderwerp.

Het is geen lijvige-publicatie-dichtgetimmerd-met-literatuurbewijzen, meer een met-zelfverzekerde-eigenwijsheid-gebrachte-visie op jongerenmarketing. Zoals de auteurs het zelf noemen: "Geen absolute wetenschap maar wel het leukste vak van de wereld." Ze willen delen wat ze wel (en niet!) weten op een open en frisse manier, ter inspiratie en overdenking.

Dat is op zich een mooi uitgangspunt. De zes hoofdstukken, respectievelijk #feelthedifference, #startthelove, #getinspired, #makemeaning, #mediaismedia en #playtilltheend genaamd, zijn gebaseerd op jarenlange ervaring. Dat betekent imho niet dat je zomaar alles voor waarheid moet aannemen (lees: ik ben het niet met alle zinnen eens). Sommige beweringen zijn te veralgemeniserend of te kort door de bocht en de praktijk is net wat weerbarstiger en complexer dan de theorie doet vermoeden. 

De lezer wordt meegenomen in de wereld van de jeugd van tegenwoordig ("een andere plek dan voor ons") en aan de observaties van hoe-jongeren-zijn worden aanbevelingen gekoppeld van hoe-met-hen-om-te-gaan. Tussen het verhaal door zijn pagina's opgenomen met interviewtjes met jongerenexperts vanuit de hele wereld, en opvallender (al was het maar door de rode kleur), met minimalistische maar krachtige illustraties van de belangrijkste bevindingen en adviezen.

NB  Zo'n boek ligt niet meteen als het schrijven is gedaan in de winkel. Het is dan ook een behoorlijke tijd geleden dat ik het voorwoord heb mogen schrijven. Daarin concludeerde ik dat "dit nieuwe boekje van Inez en Jeroen even fris, snel, krachtig en visueel communiceert als de huidige generatie jongeren" en dat "het motiveert om aan de slag te gaan." Een conclusie waar ik na herlezen nog steeds achter kan staan.

Om een beter beeld van de inhoud te schetsen, ben ik zoals gebruikelijk zo vrij om het boek samen te vatten in de vorm van de tien meest opvallende oneliners:

  • 'Eén ding weten we helaas heel zeker, en dat is dat jongeren het vertrouwen in ons en marketing zijn kwijtgeraakt' (pagina 23)
  • 'Hip en cool doen, jongeren- of straattaal gebruiken als bejaarde boven de 25… het kan echt niet meer' (31)
  • 'Je kunt niet opgroeien in een door reclame en marketing gevulde wereld zonder door te krijgen hoe het werkt, zonder je eigen strategieën te ontwikkelen om ermee om te gaan' (41)
  • 'Je boodschap moet hoe dan ook bij je product of visie blijven horen, anders word je een zwabberend merk waar niemand wat aan heeft en waarvan niemand eigenlijk snapt wie of wat je bent' (81)
  • 'In communicatie met jongeren moet je je niet te veel aantrekken van wat op dit moment cool of hot is' (84)
  • 'Jongeren willen het compromisloze, het gloeiend hete, het gepassioneerde, het bizarre, het revolutionaire, het absurde, het fantastische – of het goedkope, lollige, grappige… maar niet het lauwe, slome, luwe, meh-gevoel' (89)
  • 'Als een bedrijf klanten vraagt om mee te denken, dan gaat het pas echt mis' (99)
  • 'Wil je dan echt jongeren betrekken bij je projecten, laat ze dan niet participeren, maar integreer ze' (101)
  • 'We zijn allemaal opgevoed met 'je moet doen wat je belooft', maar voor merken geldt dit blijkbaar niet' (113)
  • 'Zolang je houdt van jongeren, zolang je het beste met ze voor hebt, zolang je een integere knaap of dame bent, zolang je oprecht probeert het mooiste te bereiken, het leukste, het meest fantastische, het meest betekenisvolle, zolang je probeert jongeren te helpen met dat wat ze nodig hebben, dan doe je het in onze ogen al helmaal goed' (165)

Het boek is o.a. hier te bestellen. Binnenkort verschijnt ook een Engelstalige versie.

Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright © 2021