Children of the Street Society waarschuwt dat een enkele foto niet bestaat

We zien een meisje dat in Subterranean Homesick Blues-stijl vertelt dat ze een privé foto online deelde met iemand die ze vertrouwde. In dit soort video's loopt dat niet goed af. De Children of the Street Society (Canada) wil hiermee bijdragen aan het bewustzijn dat nieuwe technologieën krachtig kunnen zijn in het verspreiden van mogelijk schadelijke beelden. Een waarschuwing om niet aan 'sexting' te doen, zonder expliciet te worden. Een enkele foto bestaat niet, en eenmaal gedeeld is dat lastig ongedaan te maken.

"There's no such thing as 'just one photo'. Protect yourself from sexual exploitation. Be safe online."

[Creatie door Cossette; via AdRants]

Rotterdam eerste stad van Nederland met lokale kinderkrant: Jong010

Tegen de trend van de dalende oplagen van papieren kranten en bezuinigingen in, breidt de gratis lokale kinderkrant Jong010 deze week uit naar een oplage van maandelijks 23.350 exemplaren. De 29-jarige Rotterdamse Angelique van Tilburg  is de initiatiefneemster. Op haar 25ste startte ze vanuit een ideaal – en zonder ervaring – Jong010 als proef in een oplage van 1.250. Inmiddels krijgen bijna 24.000 kinderen in Rotterdam verspreid over meer dan 150 basisscholen elke maand hun eigen krant.

Jong010 is een gratis lokale krant voor kinderen van 8 tot en met 12 jaar uit Rotterdam. De papieren krant komt, met uitzondering van de zomervakantie, iedere maand uit en wordt verspreid via de basisscholen, scholen voor speciaal onderwijs en openbare gelegenheden. In de krant lezen kinderen lokaal nieuws en Rotterdamse achtergrondverhalen, speciaal voor en met behulp van kinderen gemaakt. De krant staat vol met nieuws, verhalen, foto’s, reportages, interviews, leuke weetjes, reacties van kinderen, puzzels en quizzen. "Het is eigenlijk een soort lokaal jeugdjournaal op papier", legt Van Tilburg uit, terwijl ze op de foto gaat met haar doelgroep.

Van Tilburg vertelt waarom ze Jong010 heeft opgezet: "Ik wilde kinderen stimuleren om meer, beter en met meer plezier te gaan lezen, ze vertellen over hun stad en buurt en hen bekend maken met media en nieuws. Allemaal vooral op een voor kinderen leuke manier. Ik was freelance journalist, volgde de ontwikkelingen in Rotterdam op de voet en gaf les in journalistiek op basisscholen. Ik zag dus van dichtbij wat er onder kinderen speelde en waar basisscholen behoefte aan hebben. Het leek me daarnaast geweldig om een eigen medium te hebben, waarin ik mijn visie op de samenleving en de journalistiek kwijt kon. Dat alles is bij elkaar gekomen in Jong010. Vanuit een maatschappelijk betrokken idee heb ik dus mijn eigen droombaan gecreëerd."

Stichting Jong010 krijgt steun van deelgemeenten, fondsen en sponsoren, maar is onafhankelijk. Daarnaast heeft de krant ook commerciële inkomsten.

Jong010 bestaat sinds 2010. De krant kwam voor het eerst uit in deelgemeente Overschie en vanaf september 2011 ook in Kralingen-Crooswijk. Vanaf 21 maart 2013 worden daar Noord, Delfshaven, Feijenoord en Charlois aan toegevoegd. Die middag wordt Jong010 opnieuw gelanceerd, in het Sophia Kinderziekenhuis, alwaar de krant vanaf dan ook gratis beschikbaar is voor alle patiëntjes. Van Tilburg gaat daarna door: "Uiterlijk in 2015 verschijnen we in heel Rotterdam, daarna gaan we uitbreiden naar andere steden."

Hi-onderzoek naar populariteit social en messaging media: ’30 whatsappjes per dag’

'Jongeren doen het op de bank, in het OV en op de WC', zo kopt Hi in een persbericht gebaseerd op een onderzoek (pdf) door DirectResearch onder 760 personen in de leeftijd van 16 tot 28 jaar (we hebben het hier dus niet alleen over tieners, maar ook over jongvolwassenen). Berichten versturen beheerst hun dagelijks leven, zo blijkt uit de studie. Aan de lopende band tweeten, posten, whatsappen en sms’en zij, voornamelijk met de mobiel. Het meest vanaf de bank (62%) of in het openbaar vervoer (44%), en 1 op de 7 gaat door op het toilet.

Ze gebruiken verschillende vormen van messaging voor verschillende mensen. Zo sms’en de respondenten het meeste met hun ouders, met als doel het doorgeven van praktische berichten. Whatsappen is vooral een sociaal bindmiddel om contact te houden met hun vrienden (87%) en hun liefje (49%). Bijna eenderde stuurt meer dan 30 whatsappjes per dag.

WhatsApp en Facebook zijn de koplopers onder de social en messaging media; sms en Twitter blijken minder populair. Op Facebook is wekelijks tweederde van de 16-28-jarigen actief, terwijl via Twitter eenderde wekelijks van zich laat horen. Een veel geliked, gedeeld, gepord, gerespect of geretweet bericht geeft meer zelfvertrouwen (45%), geeft creativiteit weer (35%) en geeft een boost in het aanzien bij vrienden (17%). Jongens (20%) denken vaker dat een goede post hun aanzien een boost geeft onder vrienden, vergeleken met meisjes (14%).

De verschillende social en messaging diensten hebben elk een andere functie. Zo is sms’en bij uitstek een manier om praktische boodschappen zoals ‘Ik kom iets later’ door te geven. Met ouders wordt het meest ge-sms’t, gevolgd door vrienden en hun vriend of vriendin. Facebook wordt met name gebruikt om berichten van anderen te lezen en om contact te houden met vrienden. Meisjes (42%) gebruiken Facebook vaker om berichten van anderen te lezen, vergeleken met jongens (34%).

Het Twitter-account – 47% heeft er een – wordt het minst gebruikt; ruim 80% geeft aan zijn account eigenlijk nooit te gebruiken. Wie er wel mee bezig is, doet dat om berichten van anderen te lezen (5%) of contact te hebben met vrienden (5%). Van degenen met een Hyves-account (31%) gebruikt bijna een kwart dit nooit; eenderde geeft aan Hyves met name te gebruiken om berichten van anderen te lezen (34%).

WhatsApp – 90% stuurt berichten via deze messaging app – is meer een sociaal bindmiddel, dat hoofdzakelijk gebruikt wordt om contact te houden met vrienden. Het meeste whatsappen de ondervraagde 16-28-jarigen met hun vrienden (87%), gevolgd door hun vriend/vriendin (49%), en op een verrassende derde plaats – boven collega’s en studiegenoten – broers en zussen (37%). WhatsApp-groepen zijn hot and happening; bijna 94% van de WhatsApp-gebruikers heeft een of meerdere actieve WhatsApp-groepen. Hierbij zijn de groepen met vrienden, familie en studiegenoten het populairst.

Om zonder rem berichten te kunnen sturen, biedt Hi onbeperkt tweeten, posten en whatsappen zonder extra kosten. Om dit aanbod onder de aandacht te brengen, voert de mobiele provider momenteel de campagne 'All you can tweet, post en whatsapp'.

Amerikaanse jeugd verliest het van Nederlandse jongeren in smartphonegebruik

Vorige week las je hier dat de internetpenetratie onder jongeren in Nederland nagenoeg 100% is en dat tweederde van de tieners een smartphone gebruikt om op te internetten. PEW Internet heeft nu enigszins vergelijkbare gegevens over de Amerikaanse markt gepubliceerd in het rapport 'Teens and Technology 2013' (pdf). In de VS gebruikt 95% van de 12-17-jarigen het internet en bezit 78% een mobiele telefoon, waarvan bijna de helft een smartphone is. Dat betekent dat 37% van de Amerikaanse tieners een smartphone heeft.

Da's een flinke stijging ten opzichte van de 23% in 2011, maar een opvallend lager percentage dan het aandeel bij de Nederlandse jeugd. Hoewel de leeftijdscategorieën in beide onderzoeken niet precies gelijk zijn en de onderzoeksmethodiek ook verschilt, lijkt het er afgaande op de genoemde MSS-studie (en de IVO Monitor) op dat 'wij' vooroplopen.

Dit zijn enkele andere resultaten uit het PEW-onderzoek, waarvoor zo'n achthonderd 12-17-jarigen en hun ouders ondervraagd zijn, representatief voor de VS:

  • 23% van de tieners heeft een tablet, een vergelijkbaar niveau als bij volwassenen; 
  • 93% heeft thuis een computer (of toegang daartoe), van hen zegt 71% dat ze de laptop/desktop die ze het vaakst gebruiken met andere gezinsleden moeten delen;
  • 74% zegt wel eens te internetten op een smartphone, tablet of ander mobiel apparaat;
  • een kwart van de jongeren stelt vooral mobiel online te gaan, en niet via een desktop/laptop. 

“The nature of teens’ internet use has transformed dramatically — from stationary connections tied to shared desktops in the home to always-on connections that move with them throughout the day. In many ways, teens represent the leading edge of mobile connectivity, and the patterns of their technology use often signal future changes in the adult population.” [Mary Madden, Pew Research Center]

PS  Eind 2012 bracht dezelfde organisatie (sowieso een bron om in de gaten te houden!) ook al het rapport 'Parents Teens, Parents and Online Privacy' (pdf). Hieruit bleek dat flink wat ouders bezorgd zijn over dit onderwerp.

Donald Duck viert 125ste verjaardag van Het Concertgebouw

Donald Duck Weekblad komt deze week met een speciale klassiekemuziekeditie. Dit om het 125-jarig bestaan van Het Concertgebouw vrolijk luister bij te zetten. Goofy geeft les over de viool, Donald Duck beleeft avonturen als pianostemmer en er is een spannend stripverhaal over de verloren, onbekende Vijfde Symfonie van Chagrynikov. Hiermee hopen de makers van het immer populaire tijdschrift hun doelgroep op vrolijke en luchtige wijze te interesseren voor klassieke muziek. Het muzikale nummer ligt vrijdag 15 maart in de winkel.

Donald Duck Weekblad wil graag op een vrolijke manier een bijdrage leveren aan het feestelijke jaar dat 2013 is voor Amsterdam. De grachten bestaan 400 jaar, het Van Gogh Museum 40 jaar, het Koninklijk Concertgebouworkest 125 jaar, Felix Meritis 225 jaar, Artis 175 jaar en het Frans Hals Museum 100 jaar. En dan zijn er ook nog de troonswisseling en de heropening van het Rijksmuseum.

Na de editie deze week ter ere van het 125-jarig jubileum van Het Concertgebouw staan in ieder geval nog een museumeditie (12 april) en een speciaal k(r)oningsnummer op de planning.

"Klassieke muziek is namelijk niet langer meer muziek waar een klas ziek van wordt."

Donald Duck Weekblad heeft na het feestelijke jubileumjaar 2012 (waarin Nederland centraal stond) het thema ‘Van Donald Duck steek je meer op dan je denkt’ als rode draad in alle campagnes en speciale edities. Om zo de doelgroepen kinderen en ouders op een vrolijke en positieve manier te informeren en te entertainen; niet belerend, maar op informatieve en humoristische wijze.

Het grootste kinderkoor van Nederland
Ook leuk om te vermelden: op maandag 25 maart 2013 zingen zo’n 70.000 kinderen van ruim 1.000 Nederlandse scholen (2.750 klassen) live mee met een concert dat wordt gelivestreamd vanuit de Kleine Zaal van Het Concertgebouw. In ‘Zing met ons mee’ vertolkt zangeres Cora Burggraaf kinderliedjes van Annie M.G. Schmidt die speciaal voor dit concert in een nieuw, eigentijds jasje zijn gestoken. Het meezingproject voor kinderen in de leeftijd van 4 tot 8 jaar is speciaal georganiseerd ter gelegenheid van het 125-jarig Jubileum van Het Concertgebouw.

‘Zing met ons mee’ is een jaarlijks terugkerende concertformule waarbij jonge kinderen in Het Concertgebouw meezingen met Nederlandstalige liedjes. De liedjes worden vooraf op school ingestudeerd samen met de juf of meester. Op deze manier raken kinderen al op jonge leeftijd vertrouwd met het plezier dat muziek geven kan. Bovendien krijgt het zingen in de klas hiermee een impuls.

Gaming op YouTube: hoe zit dat in Nederland?

Ze duiken steeds vaker op: fanatieke gamers met een camera, video edit skills en een eigen kanaal op ’s wereld meest populaire interactieve videoplatform. Het aantal Nederlandse gamers op YouTube groeit en hun content neemt steeds professionelere vormen aan. De tijd van alleen maar kijken is voorbij, want dankzij nieuwe technieken kan het publiek tegenwoordig zomaar spontaan onderdeel worden van de show. Gaming op YouTube: hoe zit dat in Nederland?

Een hechte Nederlandse game-community
Wanneer we onze zoektocht starten ontdekken we honderden Nederlandse game-kanalen. Enkele grote kanalen springen direct in het oog, met meer dan tienduizenden abonnees en cumulatief miljoenen views op hun video’s.

David Harms is eigenaar van zo’n succesvol game-kanaal. Op www.YouTube.com/DusDavidGames heeft hij inmiddels al meer dan 80.000 abonnees verzameld. Hier plaatst hij elke dag nieuwe game-video’s. David vertelt dat game-influentials veel co-creëren en samenwerken. ‘’Met mijn kanaal maak ik deel uit van een hechte Nederlandse game-community. Door samen te opereren met andere eigenaren van grote kanalen proberen we een zo groot mogelijk publiek te bereiken en zo interactief mogelijk te werk te gaan. We delen allemaal dezelfde passie. Daarnaast kennen we elkaar persoonlijk en hebben we regelmatig contact met elkaar via onder andere Skype en Twitter.’’

Interactieve game-projecten
Door als community samen te werken ontstaan er nieuwe interactieve gameprojecten, zoals het project genaamd The Kingdom. De trailer daarvan zie je hieronder.

The Kingdom is een interactieve roleplaying server binnen het populaire spel MineCraft. The Kingdom heeft een eigen storyline die door de community zelf bedacht en uitgeschreven is. Verschillende deelnemers krijgen een eigen staat toegewezen en spelen onderling tegen elkaar, waardoor het verhaal steeds uitgebreider wordt. In The Kingdom spelen diverse grote game-influentials mee, waardoor het voor publiek interessanter wordt. Zij doen stuk voor stuk verslag via video’s op hun eigen channels, wat resulteert in tienduizenden geboeide kijkers. Via Twitter worden zo nu en dan jongeren die mee willen spelen geselecteerd, waardoor zij samen met hun idolen kunnen gamen.

Werken aan een hoger niveau
Via projecten als The Kingdom proberen jongens als David gaming op YouTube in Nederland naar een hoger niveau te tillen, en dat lukt aardig. Momenteel bereiken de grootste Nederlandse influentials samen zo’n 300.000 unieke gamers. Maar met moderne technieken als livestreams en online servertoernooien die sinds kort actief worden ingezet zijn we eigenlijk pas net begonnen.

[Red Chocolate werkt actief samen met online game-influentials op YouTube. Samen met hen ontwikkelt het online jongerencommunicatiebureau interactieve game-projecten en campagnes waarin jongeren kunnen participeren.]

MSS 2012: tweederde tieners surft op smartphone, eenvijfde op tablet

De organisaties voor het Nederlandse radio-, print-, televisie- en internetonderzoek – NLO, NOM, SKO en STIR – hebben voor de tweede keer een rapportage (pdf) van de Media Standaard Survey (MSS)* gepubliceerd. Altijd fijn, goede cijfers op basis van een grootschalig onderzoek naar trends in mediagebruik. Het aantal Nederlanders dat daadwerkelijk gebruik maakt van internet steeg in 2012 met 2% naar 12,5 miljoen. De penetratie onder jongeren is nagenoeg 100%, en ten opzichte van andere leeftijdsgroepen zien we hen vaker onderweg internetten.

Gemiddeld brengt de internetpopulatie van 13 jaar en ouder iets meer dan 11 uur per week op het internet door. Bij 13-17-jarigen is dat 13,5 uur, bij 18-24-jarigen 16,8 uur. Van alle respondenten geeft 37% aan weleens een smartphone te gebruiken om op te internetten (ook hier zien zien we een hoger percentage – 66,7% – bij tieners), een groei van 36% ten opzichte van 2011. Het gebruik van de tablet om te internetten is in een jaar tijd meer dan verdubbeld, tot 18% (bij 13-19-jarigen is dat 19,6%). Van de Nederlandse tieners kijkt 14,4% wel eens televisie via de smartphone en 12,6% via een tablet.

Van de ondervraagde 13-19-jarigen leest 29,7% wel eens een dagblad op de computer, 18,2% op de mobiele telefoon en 3,5% op de tablet. Voor wat betreft tijdschriften zijn deze cijfers respectievelijk 15,7%, 5,9% en 1,5%. Meer dan de helft (53,7%) van de tieners luistert wel eens onderweg naar de radio, vergelijkbaar met het aandeel luisteraars thuis (57,9%).

*De Media Standaard Survey (MSS) wordt sinds 2011 uitgevoerd door TNS NIPO, in opdracht van de vier JIC’s. Deze gezamenlijke establishment survey levert representatieve normcijfers op, zodat de afzonderlijke bereiksonderzoeken dezelfde uitgangspunten hanteren. In 2012 zijn 6.190 huishoudens en 5.268 personen van 13 jaar en ouder ondervraagd.

‘IkBenOffline.nl Ganzenbord’ roept jongeren op om een socialemediapauze in te lassen

De Nationale Academie voor Media en Maatschappij nam het initiatief tot de ontwikkeling van een nieuw IkBenOffline.nl Ganzenbord voor 12-18-jarigen, omdat uit eerder onderzoek van de organisatie naar 'socialemediastress' bleek dat veel jongeren moeite hebben met de druk vanuit de sociale media. Het aloude ganzenbordspel krijgt op deze manier een nieuw doel: jongeren krijgen allerlei opdrachten, om hen bewust te maken van hun gebruik van sociale media en meteen de mogelijkheden en voordelen van samen offline zijn verkennen.

De opdrachten en valkuilen van de ganzenbordvariant moeten stof tot nadenken geven enspelenderwijs de gezamenlijke discussie over het socialemediagebruik door jongeren stimuleren (om een voorbeeld te noemen: 'Hoezo huiswerk? Morgen heb je een flinke toets. Maar je hebt net verkering en die stuurt de hele tijd berichten. Geef tips om hier uit te komen: hoe houd je je verkering én haal je morgen een voldoende?').

Naar aanleiding van de genoemde stressstudie ontstond in Nederland een maatschappelijke discussie en verschenen tegelijkertijd wereldwijd diverse initiatieven die gericht waren op het creëren van bewustzijn over het socialemediagebruik door jongeren. Zo ruimde Britse winkel Selfridges een offline zaal in voor klanten, werd discussie gevoerd over etiquette van (geen) mobieltjesgebruik in restaurants, publiceerde Newsweek het artikel iCrazy – Is the Web Driving Us Mad? (pdf), organiseerde Stichting Swoeng het project Living Unplugged Together, zond de VPRO de documentaire Nooit Meer Slapen uit en gaf Kit Kat recentelijk het motto 'Have a Break' een nieuwe invulling met een 'No Wifi Zone'.

PS  Actueel nieuws van het Pew Research Center (VS): drie van de vijf Facebookgebruikers namen de gewenste pauzes al!

Jongeren vinden Facebook-pagina van merken niet geloofwaardig, aldus InSites-onderzoek

Slechts 2% van de 15- tot 25-jarige Nederlanders vindt de pagina van een merk op Facebook een geloofwaardige bron van informatie over het product. Even laag scoren reclame of wat een concurrent over het merk zou vertellen. Wat gewone consumenten op online fora en blogs schrijven, is dan wel weer voor 28% van de Nederlandse jongeren geloofwaardig; ook wat vrienden hen vertellen over een merk of product (13%) behoort net als de mening van andere merkgebruikers (18%) tot de top drie van meest betrouwbare bronnen.

Dit blijkt uit een internationale studie* van InSites Consulting. De meeste bedrijven over-investeren dus in hun aanwezigheid op sociale media? “Dat denk ik niet”, zegt Joeri Van den Bergh, generatie Y-expert bij InSites en auteur van het bekroonde boek How Cool Brands Stay Hot. "Het is vooral een goede illustratie van hoe deze generatie zich erg bewust is van de marketingstrategie van een bedrijf. Aangezien jongeren vooral veel belang hechten aan de mening van hun vrienden en andere gebruikers van een product of merk, moeten bedrijven net het woord laten aan deze groepen."

"Wanneer merken hun sociale media écht sociaal gebruiken door feedback en conversaties van gewone consumenten op hun pagina’s toe te laten in plaats van ze zelf te vullen, dan zijn het wel degelijke nuttige marketinginstrumenten. Het is het enige medium dat op een betaalbare manier die open dialoog mogelijk maakt, maar veel bedrijven gebruiken hun pagina’s nog te commercieel en hopen dan dat jongeren hun merk zo cool vinden dat ze alles ‘liken’ wat ze op hun pagina’s zetten. Zo werkt het echter niet. Het komt er op neer om samen met hen boeiende content te creëren die ze de moeite vinden om te delen met hun vrienden”, aldus Van den Bergh.
 
Maar liefst 85% van de Nederlandse jongeren vindt zichzelf eerlijk en betrouwbaar. Dat is zowat overal op de wereld het geval. Uitschieters zijn Roemenië (95%) en Brazilië (94%), terwijl Indiase jongeren zichzelf relatief het minst betrouwbaar en eerlijk noemen. Toch vindt nog steeds driekwart in India zich wel eerlijk en betrouwbaar. Los daarvan doet ruim een op zes Nederlandse jongeren zich wel eens voor als iemand anders. Dat gebeurt vooral wanneer ze in het gezelschap zijn van mensen met een hogere status dan henzelf (17%), wanneer ze flirten (16%), op een party (16%) of tegenover hun schoonouders (14%). Bij hun leraar of baas durft zo’n 12% wel eens wat minder eerlijk te zijn. Dat laatste cijfer is opvallend hoog bij Duitse jongeren waar liefst eenderde zegt zich anders voor te doen tegenover baas of leraar. Eén op de zes Nederlandse jongeren geeft ook toe zich beter voor te stellen dan de werkelijkheid wanneer ze op zoek gaan naar een nieuwe baan.
 
Al bij al valt het dus nog wel mee met de eerlijkheid van onze jeugd. “Ook dat is een kenmerk van de Millennial generatie”, weet Joeri Van den Bergh. “Trouw blijven aan jezelf is hun definitie van authenticiteit. Ze verlangen diezelfde oprechtheid ook van de merken die ze cool vinden en kopen. Voor een vijfde is authenticiteit één van de belangrijkste karakteristieken van een merk."

Zie onderstaande presentatie voor meer resultaten.

*InSites Consulting heeft 4.065 respondenten tussen de 15 en 25 jaar (Generatie Y) uit 16 landen ondervraagd: de Verenigde Staten, Brazilië, Rusland, Indië, China, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk, Zweden, Denemarken, Polen, Roemenië, Italië, Spanje, Nederland en België.

IVO Monitor Internet en Jongeren 2010-2012: ‘Liever twitteren dan roken’

Het IVO heeft afgelopen week het Center for Behavioral Internet Science gelanceerd; op Internetscience.nl deelt het wetenschappelijk bureau vanaf heden de nieuwste cijfers over normaal en problematisch gebruik van social media en internet. Tijdens een seminar over dit onderwerp liet Laura van Duin zien hoe internetverslaving eruitziet (pdf) en presenteerde Tony van Rooij resultaten van onderzoek naar internet- en smartphonegebruik onder Nederlandse jongeren (pdf) – interessante gegevens die het delen waard zijn!

In een factsheet (pdf), gebaseerd op langlopend IVO-monitoronderzoek naar internet en jongeren, wordt op heldere wijze het (mobiele) gebruik van sociale media en games inzichtelijk gemaakt. De percentages zijn representatief voor alle Nederlandse jongeren in de eerste twee klassen van het voortgezet onderwijs (leeftijd 12 tot en met 15). Dit zijn de belangrijkste bevindingen:

  • Twitter is de populairste nieuwe internetapplicatie; het percentage jonge gebruikers nam toe van 7% in 2010 naar 57% in 2012.
  • Jongeren besteden de meeste tijd op het internet aan Twitter, online gamen, YouTube, instant messenger en sociale netwerken.
  • Meisjes besteden meer tijd dan jongens aan Twitter, instant messenging en sociale netwerken, jongens winnen het op het gebied van gamen en downloaden. 
  • In 2012 heeft 56% van de jongeren een smartphone, terwijl bijna 33% een tablet-computer heeft (zoals een iPad).
  • De meest populaire applicaties op de smartphone zijn YouTube, chatdiensten (Google Talk, MSN, Whatsapp) en sociale netwerken zoals Facebook, Hyves en Twitter.
  • Problematisch (‘verslavend’) internet- en gamegebruik is tussen 2010 en 2012 toegenomen; het gebruik van sociale media via de mobiele telefoon wordt door 5% van de jongeren (meer meisjes dan jongens) als problematisch ervaren.

'Social media-junk op komst', kopte Metro onlangs. Niet een heel onrealistische verwachting,  als je kijkt naar onderstaand overzicht van de ontwikkeling van het percentage jongeren dat een bepaalde applicatie gebruikt. Maar liever twitteren dan roken, is de gedachte…

Zie Internetscience.nl voor veel meer info.

Onderzoek van De Ambrassade naar digitalisering: “E-mail is belangrijk omdat bedrijven dat nog gebruiken”

Onder de noemer 'KLETS! on Tour' polste De Ambrassade* bij 317 Vlaamse 6-16-jarigen naar hun mening over de digitale wereld waarin ze opgroeien. Maar liefst 80% heeft een eigen gsm of smartphone, het eerste exemplaar krijgen ze het liefst op hun twaalfde. Verder willen ze meer digitaal klasmateriaal en meer vrije tijd in de klas voor projecten en opzoekwerk op de computer. De meningen van jongeren over hun digitale omgeving verschillen flink. Maar wat ze op internet doen, doen ze allemaal wel heel bewust, zo blijkt uit het onderzoek (pdf).

Tijdens de informatica- of computerles lijken de jongeren echte plantrekkers. Ze leren de nieuwste dingen door tutorials op internet te bekijken, of ze vragen uitleg aan elkaar. En als dat niet lukt, vragen ze hulp aan ouders of leerkrachten. De meerderheid van de ondervraagde jongeren wil wel meer digitaal materiaal in de klas, als ondersteuning en aanvulling en dus niet ter vervanging van de klassieke lessen. Ook willen ze meer vrije tijd in de klas voor projecten en opzoekwerk op de computer.
 
De meeste jongeren willen graag tablets in de klas, al zijn de meningen verdeeld. Wel zijn ze allemaal heel goed op de hoogte van wat de voor-en nadelen van zo’n tablets zijn en kunnen ze heel creatieve oplossingen bedenken opdat iedereen een tablet zou kunnen betalen of gebruiken.

Hoewel het onderzoek, gezien de gehanteerde methodiek, niet al te zwaar moet worden genomen, is het wel degelijk interessant. Al was het maar om de vermakelijke quotes in het onderzoeksrapport (pdf). En kijk ook even naar het overzicht van de meningen over diensten en media:

  • E-mail is volgens kinderen en jongeren vooral voor serieuze zaken zoals school, registratie op websites, het regelen van een baantje, wedstrijden, contact met mensen die niet op sociale media zitten, etc. Er wordt ook gezegd dat e-mail belangrijk is omdat bedrijven dat nog gebruiken. De jongeren die de tijd voor Facebook hebben gekend zeggen dat Facebook en sms’en de functie van email heeft overgenomen.
  • Zoekmachines worden vooral gebruikt om huiswerk te maken en om op websites te geraken. Dingen opzoeken is niet altijd even simpel, sommigen
    schakelen dan ook bijvoorbeeld Twitter in om het vraag te stellen.
  • Facebook wordt vooral gebruikt om te communiceren met vrienden, om het sociaal leven in stand te houden, mensen te leren kennen. Veel kinderen gaven aan verslaafd te zijn aan Facebook, dat ook als veel simpeler gezien wordt dan bijvoorbeeld Twitter.
  • Twitter wordt niet veel gebruikt, maar als het gebruikt wordt is het om in contact te blijven met vrienden, om bekende mensen te volgen, vragen te stellen of gamesupdates sneller te weten te komen.
  • Velen luisteren muziek, kinderen en jongeren doen dit vooral op YouTube. Daarnaast wordt YouTube gebruikt voor tutorials, walkthrough, grappige filmpjes, series en films. Het gaat vooral om bekijken, weinig mensen uploaden zelf ook iets.

Er zit veel nuance in de meningen die kinderen en jongeren hebben over het digitale in hun leven, en da's precies wat De Ambrassade hoopt duidelijk te maken.

*De Ambrassade ('bureau voor jonge zaken'), gevestigd in Brussel, is een samensmelting van drie bestaande jeugdwerkorganisaties: Steunpunt Jeugd, VIP Jeugd en de Vlaamse Jeugdraad. Een team van 34 medewerkers zet zich in voor jeugd, jeugdwerk, jeugdinformatie en jeugdbeleid.

[Via X, Y of Einstein]

Tjiezi succesvol dankzij The Voice Kids 1, dus ook hoofdsponser The Voice Kids 2

Na een succesvolle eerste editie van The Voice Kids begint deze week het tweede seizoen van de talentenjacht voor kinderen en tieners, dat opmerkelijk genoeg (gezien de jonge deelnemers en fans) pas vanaf half 9 's avonds wordt uitgezonden. Ook dit jaar steunt Tjiezi van Uniekaas jong talent en gaat opnieuw samen met RTL 4 op zoek naar de beste kinderstem van Nederland. De kaarten voor de finale van het populaire familieprogramma zijn al uitverkocht, maar ruim 450 kopers van Tjiezi kunnen alsnog exclusieve kaarten winnen.

De vier kaasproducten van Tjiezi zijn allen voorzien van een The Voice Kids-sticker met daarop een unieke code, waarmee consumenten in de supermarkt Tjiezi-stickers en een gratis The Voice Kids-gadget ontvangen én kans maken op kaarten voor de finale.

Op vrijdag 21 december starten de bekende 'blind auditions'. Van de duizenden kinderen die zich hebben aangemeld gaan alleen de beste door naar 'the battles' om te strijden voor een plekje in de spectaculaire 'live finale' op vrijdag 15 februari 2013. De bekende coaches Nick & Simon, Angela Groothuizen en Marco Borsato stomen de kids ook dit jaar weer klaar voor het perfecte live optreden, terwijl Tjiezi (het merk is tevens een character) als trouwe fan alle deelnemers enthousiast aanmoedigt.

“Tjiezi van Uniekaas staat voor '100% fun', speciaal voor alle kinderen en tieners. Na een succesvolle eerste editie, hebben wij er opnieuw voor gekozen om als hoofdsponsor van het populaire RTL-programma Nederlands jong talent toe te juichen. Het is fantastisch om te zien hoeveel zangtalentjes Nederland heeft en hoe deze kinderen volop genieten van hun minute of fame op het podium. Bovendien brengt het een relatief nieuw merk als Tjiezi enorm veel naamsbekendheid, sympathie en omzet.” [Huub Terpstra, marketing manager Uniekaas/Tjiezi]

Het merk Tjiezi werd begin dit jaar bekroond met de eerste prijs voor 'Beste Introductie Kidsproducten 2011', naar eigen zeggen mede dankzij een uitgebalanceerde multimediale aanpak. Door de zichtbaarheid in en rond de eerste serie van het programma wilde Tjiezi de brand awareness verhogen; een crossmediale campagne die via billboards, breakbumpers, een actiepagina op de programmasite, Tjiezi.com, POS-winkelmateriaal, social media en pre-rolls drie maanden lang voor exposure zorgde. Maar liefst 81% van de 'boodschappers' vond Tjiezi goed bij The Voice Kids passen en 70% van de kinderen kon zich herinneren Tjiezi te hebben gezien. Voor aanvang van de shows kende bijna niemand het merk, tijdens de uitzendingen zijn de verkoop en omzet verdubbeld.

Hieronder deze case gevat in een video. Check dit document (pdf) voor meer info.

Behalve als sponsor van The Voice Kids en als product in de supermarkt is Tjiezi ook online aanwezig, waar hij zich van zijn meest komische, boevige, energieke en soms emotionele kant laat zien; op www.tjiezi.com staan games, video’s en het speciale Tjiezi-spaarprogramma voor emoticons. Daarnaast is Tjiezi ook actief op Facebook, Twitter en Hyves. Tot slot zijn er ook nog twee apps voor de iPhone en iPad beschikbaar: Tjiezi Talking en DJ Tjiezi.

Vlaamse overheid onderzocht reclamewijsheid bij kinderen en jongeren (en moet daar nu mee aan de slag)

Op verzoek van Vlaams minister van Media Ingrid Lieten voerden de Universiteit Gent en de Universiteit Antwerpen in 2012 kwalitatief én kwantitatief onderzoek uit naar de reclamewijsheid van kinderen en jongeren. De nadruk ligt hierbij voornamelijk op het herkennen van nieuwe reclamevormen en het inzicht dat de jeugd heeft in de commerciële intenties hiervan. Het onderzoeksrapport 'Reclamewijsheid bij kinderen en jongeren' (pdf) bevat veel bruikbare informatie over media en reclame – 274 pagina's leesvoer!

In het onderzoek is gekeken naar reclamevormen in traditionele media (30-secondenspot, product placement, programmasponsoring, advertising funded programming, infomercials/advertorials en tv-spots die gebruik maken van SMS), in nieuwe media (internet, sociale media, digitale tv en mobiele media) en via alternatieve media (bijvoorbeeld guerrillamarketing), en naar toegepaste strategieën (het gebruik van brand characters en celebrity endorsement, crowd sourcing en co-creation, viral marketing en personalised advertising).

De onderzoekers concluderen dat 4-6-jarigen zeer weinig kennis hebben van alle nieuwe reclamevormen. Kinderen tussen 7-12 jaar hebben een matige reclamekennis van de verzamelactie en de advergame; voor banners, infomercials en advertiser funded programmes scoren ze eerder laag. Product placement blijkt een problematisch format te zijn voor beide leeftijdsgroepen. Over het algemeen vinden oudere kinderen reclame minder leuk dan jongere kinderen. De oudere kinderen bleken kritischer te zijn met betrekking tot de inhoud en vorm van de reclame, terwijl de jongste kinderen steeds erg enthousiast reageren op elke reclamevorm.

In het algemeen slaagden de meeste 13-21-jarigen er goed in om de reclame te onderscheiden van de media-inhoud, behalve als het gaat om product placement. Wat betreft hun houding tegenover deze nieuwe reclamevormen zijn jongeren het meest kritisch voor reclame via Facebook en via banners. Het minst kritische staan ze tegenover reclame die geïntegreerd is in een programma (product placement). Jongeren onder de 16 jaar storen zich minder aan reclame dan jongeren boven de 16. De meeste jongeren geven aan niet vaak op banners te klikken, niet vaak mee te doen aan sms-en-win- wedstrijden, weinig of nooit boodschappen achter te laten op merkpagina’s op facebook en geen reclamefilmpjes op hun prikbord te plaatsen. Er zijn wel nogal wat jongeren die op de ‘like’-knop klikken van merken op Facebook.

Op basis van de studie zijn zeven adviezen opgesteld:

  1. Integreer reclame-educatie in het onderwijscurriculum;
  2. Ontwikkel een pakket voor reclame-educatie;
  3. Stimuleer reclame-educatie via bewustmakingscampagnes (media kunnen een voorname rol spelen ter bevordering van reclamewijsheid);
  4. Bereik ouders via gerichte voorlichtingscampagnes (ouders hebben een voorname rol met betrekking tot het opvoeden van hun kinderen tot kritische consumenten, zij moeten aandacht hebben voor deze verantwoordelijkheid en zelf ook op hoogte gebracht worden van nieuwe reclamevormen en de gebruikte strategieën en tactieken);
  5. Verstrek informatie aan de reclamesector (om de betrokkenheid van de reclamesector met de problematiek te verhogen en om de kennis met betrekking tot de bestaande wetgeving en codes te vergroten); .
  6. Geen geïntegreerde reclamevormen gericht aan kinderen jongeren dan 6 jaar;
  7. Duidelijkere herkenbaarheid van alle reclamevormen gericht naar kinderen jonger dan 12 jaar.

Hier is het laatste woord dus nog niet over gezegd…

‘Welkom in de Gouden Eeuw’: vrienden worden met Joost van den Vondel op Facebook (en Dorine Goudsmit volgen op Twitter)

Vrienden worden met Jan Pieterszoon Coen of Michiel de Ruyter? Dat lijkt vreemd, maar het kan nu wel. In het kader van de nieuwe NTR-/ VPRO-serie ‘De Gouden Eeuw’ zijn de grootste iconen uit die periode namelijk op Facebook tot leven gewekt. Met een speciale tool kan je eenvoudig ontdekken met welke BN'er uit de gouden eeuw je het meest hebt en met wie je vrienden zou zijn geweest. Vervolgens kun je hen daadwerkelijk volgen en zo op de hoogte blijven van hun statusupdates, waarin ze vanuit Gouden Eeuw-perspectief commentaar op het heden geven.

Door middel van een snelle scan van je Facebookprofiel zie je met welk icoon uit de Gouden Eeuw je de meeste raakvlakken hebt. Het artistieke type dat veel Instagram-foto’s deelt op Facebook, wordt gekoppeld aan Rembrandt van Rijn. Checkt iemand als ware globetrotter op veel verschillende plaatsen in? Dan ligt een Facebookvriendschap met Michiel de Ruyter of Jan Pieterszoon Coen meer voor de hand. En als iemand veel boeken liked, dan is Joost van den Vondel een logische keuze als vriend.

De verschillende iconen uit de Gouden Eeuw die hierbij centraal staan, reageren via hun Facebookprofiel op actuele zaken uit het heden die hun interesse hebben. Daarnaast is hun tijdslijn gevuld met gebeurtenissen vanaf het geboortejaar tot het hier en nu. Zo worden heden en verleden op bijzondere wijze bij elkaar gebracht in een eigentijds jasje. In onderstaand filmpje wordt de werking van de applicatie in 1 minuut uitgelegd.

"Zo krijg je een bijzonder inzicht in de levens van de iconen uit die tijd."

Twee nieuwe geschiedenisseries
De televisieserie 'De Gouden Eeuw' legt de link tussen het heden en de meest welvarende periode in onze geschiedenis. In 13 afleveringen van 40 minuten komen thema’s als globalisering, verstedelijking, immigratie, financiële crises, beurs en mediahypes voorbij. De eerste aflevering wordt dinsdag 11 december om 20.25 uur uitgezonden op Nederland 2.

Daarnaast startte op zondag 9 december 'Welkom in de Gouden Eeuw', een serie met historische sketches waar jong en oud wat van op steekt, want alles is 'echt waar'. In acht afleveringen van 25 minuten passeert op Zapp alles en iedereen de revue; van VOC tot rampjaar, van Rembrandt tot Piet Hein. De serie is geschreven en geregisseerd door Niek Barendsen, ook verantwoordelijk voor de sketches in Het Klokhuis. Talkshowhost Dorine Goudsmit (Plien van Bennekom) presenteert het programma. Ander gezichten die je kan herkennen zijn van Alex Klaasen, Martine Sandifort, Ellen Pieters, Hans Kesting, Gijs de Lange, Laus Steenbeeke en Rogier In 't Hout.

Tweeledige website
Op www.goudeneeuw.nl verschijnt dagelijks een online krant met het laatste nieuws uit de 17de eeuw. De 104 jaar waar de documentaireserie vanuit gaat, wordt gevangen in 104 dagen waarin de krant wordt gepubliceerd. Elke dag wordt dus een ander jaar belicht, te beginnen met 1585. Het nieuws van toen met de kennis van toen, in de vorm van nu: een strakke vormgeving en modern taalgebruik.

Wekelijks verschijnt er bovendien een jeugdbijlage – 'glossy' – om ook de Zapp-serie 'Welkom in de Gouden Eeuw' te belichten. De jeugdige lezers maken kennis met de Gouden Eeuw door middel van veel korte artikelen, beeld, games en puzzels, een kijkje achter de schermen en een editorial. Net als op tv staat Dorine Goudsmit centraal, die je overigens niet vindt op Facebook maar wel kan volgen via Twitter.

Leuk!

[Creatie campagne door Being There]

Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright ©2019