Coca-Cola nodigt Europese tieners uit al dansend in beweging te komen met mobiele game: ‘Just Dance Now’

Coca-Cola heeft de volgende stap in haar wereldwijde samenwerking met Ubisoft onthuld, met de lancering van content die beschikbaar is op de nieuwe mobiele game ‘Just Dance Now’. Deze game zal binnen acht Europese markten, waaronder Nederland, gratis te downloaden zijn via de QR-codes op miljoenen 250ml blikjes Coca-Cola en Coca-Cola Zero. Daarnaast is het merk ook een partnerschap aangegaan met Misfit, om meer mensen laten profiteren van de ‘Misfit Flash Fitness and Sleep Monitor’, een multifunctionele fitness- en slaapmonitor.

Via de samenwerking met deze technologieplatforms wil Coca-Cola tieners relevante content bieden die hen mogelijk aanzet en inspireert tot een actieve levensstijl waarin dagelijks wordt gedanst of gewandeld. Coca-Cola wil aan de hand van keuze, innovatie, informatie en voldoende beweging mensen inspireren om een gebalanceerde leefstijl te hanteren.

In september vond een evenement plaats in hartje Parijs om de lancering van de mobiele game ‘Just Dance Now’ en de ‘Misfit Flash Fitness & Sleep Monitor’ te vieren. Zo konden mensen voor de eerste keer de nieuwe game ervaren en op de klanken van de nieuwe Coca-Cola-track ‘Find Your Move’ dansen. Het publiek werd enthousiast gemaakt door het Franse dansduo Les Twins in samenwerking met DanceOn Network. Zij gaven de toeschouwers een exclusieve show en deelden met hen de ‘moves’ waar zij gelukkig van worden. Het evenement, dat werd gefilmd en geregisseerd door voormalig hiphopdanser Mehdi Idir, aka Minos, laat zien hoe dansen en bewegen een positieve bijdrage kunnen leveren aan ons levensgeluk.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=yUiF79oAEsA]

“Toegankelijkheid en innovatie vormen de belangrijkste drijfveren voor dit jonge publiek, en wij geloven dat de gezamenlijke inspanningen van onze merken jongeren zover zullen krijgen dat zij meer gaan bewegen en daarvan ook meer gaan genieten.” [Claire Baeten, Coca-Cola Nederland]

In eerder onderzoek door Coca-Cola kwam naar voren dat 86% van de 3.000 ondervraagde Europese consumenten denkt dat zwaarlijvigheid voornamelijk door inactiviteit wordt veroorzaakt. In 2013 maakte The Coca-Cola Company openbaar bekend een rol te willen spelen in de strijd tegen obesitas door het aanmoedigen van een actieve en gezonde levensstijl. Met de introductie van ‘Just Dance Now’ wordt deze belofte nog mobieler, deelbaarder en beter toegankelijk voor tieners. Daarnaast vormt de samenwerking met Ubisoft een weerspiegeling van de decennialange betrokkenheid van Coca-Cola bij muziek, entertainment en innovatie.

Coca-Cola is naar eigen zeggen al lange tijd een sterk voorstander van dagelijkse lichaamsbeweging. Daarom is het bedrijf een partnerschap aangegaan met lokale autoriteiten in Europa en moedigt zij activiteiten aan die voor iedereen aantrekkelijk zijn. ’s Werelds grootste producent van niet-alcoholische dranken ondersteunt meer dan 90 Active Lifestyle-programma’s in lokale gemeenschappen binnen Europa, waarin 3,5 miljoen mensen deelnemen aan een of andere vorm van lichamelijke activiteit. Tot de lopende Active Lifestyle-initiatieven behoren: ‘Le Sport Ça Me Dit’ in Frankrijk, ‘StreetGames’ in GB en ‘Olympic Moves’ in Nederland en België. Wereldwijd ondersteunt The Coca-Cola Company bovendien meer dan 280 programma’s voor lichaamsbeweging en voedingsvoorlichting in 115 landen.

Interesse jongeren in voeding is niet ‘overgewichtig’

Je zou denken dat het een essentiële levensbehoefte is, toch denken jongeren nauwelijks na over voeding. Ze eten buitenshuis wat ze lekker vinden of wat hun ouders meegeven naar school, zo werd een paar jaar geleden geconcludeerd in het onderzoeksrapport Voorbij het broodtrommeltje (pdf), waarvoor Wageningen UR 650 tieners (12-16 jaar) ondervroeg. Wat bleek: gezond en duurzaam hebben nauwelijks hun aandacht, wat best opmerkelijk genoemd mag worden, gezien alle aandacht voor deze onderwerpen. Maar aangezien tieners in de groei zijn, kan zomaar een hongergevoel ontstaan, en dan liggen een zak chips (plus een blikje energiedrank om het weg te spoelen; van het huismerk — lekker betaalbaar) letterlijk en figuurlijk voor de hand. Onmiddellijke behoeftebevrediging gaat prima zonder na te denken over de voedingswaarde of het productieproces.

Het onderzoek is eind 2010 gepubliceerd, maar uit recentere gegevens kan je afleiden dat er sindsdien weinig veranderd is. Volgens de NOM Doelgroep Monitor is slechts 17% van de Nederlandse 13-19-jarigen sterk geïnteresseerd in een gezonde levensstijl (bij volwassenen ligt dit percentage een stuk hoger), terwijl 42% aangeeft hier niets mee te hebben. Terugkijkend op een eerdere publicatie van dit continue onderzoek blijkt zelfs dat bij de mannelijke helft van deze leeftijdsgroep deze  desinteresse tussen 2009 en 2013 flink is toegenomen. Van de meisjes in deze leeftijdsgroep heeft 39% wel interesse in voeding, terwijl dit bij jongens slechts 11% is. Of er een oorzakelijk verband is, wordt uit de cijfers niet duidelijk, maar ruim één op de vier meisjes heeft de afgelopen 12 maanden gelijnd, van de jongens één op de tien.

(NB  Goed om te beseffen dat er wel degelijk jonge mensen die net iets meer betrokken zijn en bijvoorbeeld in de vorm van de Youth Food Movement proberen het voedselsysteem te verbeteren).

Tussen hun elfde en achttiende jaar experimenteren jongeren met van alles en nog wat, ook met eten, meer snacken en vaker maaltijden overslaan. Ze kiezen daarbij –heel behoudend– vooral producten die overeenkomen met de keuze van hun mede-eters, aldus de studie van Wageningen UR. Gezond staat bij jongeren simpelweg voor het eten van groenten en fruit en het laten staan van tussendoortjes.  Ongezond eten — ze noemen chips, snoep en koek — is voor jongeren aanvaardbaar, zolang het niet dik maakt (ze krijgen pas belangstelling voor gezonde voeding als ze zelf het gevoel krijgen dat ze te dik worden). Gezond eten staat gelijk aan het ontbreken van overgewicht.

Thuis beslissen ouders wat er op tafel komt, jongeren kunnen dat hooguit beïnvloeden. De meeste ouders houden vast aan samen eten en eerst uitproberen, ook al lust hun kroost iets niet. De thuissituatie lijkt dan ook een belangrijk aanknopingspunt om jongeren te interesseren voor duurzaam en gezond. In een onlangs gepubliceerde studie van de Universiteit Antwerpen was de belangrijkste conclusie dat familiemaaltijden ontzettend belangrijk zijn; hoe vaker dit gebeurt, hoe vaker kinderen gezonde voeding eten.  Ook sommige mediavormen, zoals culinaire tv-programma’s, kunnen een positieve bijdrage leveren (mits Rudolph van Veen zich inhoudt, want zijn motto ‘zonder versieren geen verleiden’ leidt niet tot de meest verantwoorde baksels ;-)).  Daarnaast kan de school natuurlijk een rol spelen, vooral door het aanbod in schoolkantines gezonder, duurzamer en aantrekkelijk te maken.

Ondertussen worden allerlei andere initiatieven ontplooid, met wisselend succes (chargerend: degenen die het vooral betreft (lager opgeleid) worden niet bereikt, en andere slaan door waardoor jonge kinderen al obsessief met hun kilo’s bezig zijn). Enkele voorbeelden. Het Voedingscentrum voert (sic) de campagne De waarheid op tafel richting jongvolwassenen, omdat het met name die jonge consumenten zijn die geregeld in verwarring zijn over wat wel of niet gezond is om te eten. Albert Heijn biedt al jaren een lesprogramma aan over gezonde voeding, en basisschoolleerlingen mogen meedenken over het bijbehorende Ik eet het beter-platform. En er is altijd baas boven baas: in Dubai worden gezinnen beloond met goud als hun kinderen gewicht weten te verliezen. Ik hoor het de doelgroep al verzuchten: ‘Have a break’.

[Dit artikel is ook verschenen in MarketingTribune nummer 15, 2014. Bronnen: Voorbij het broodtrommeltje ; Hoe jongeren denken over voedsel (Tacken, G.M.L.; Winter, M.A. de; Veggel, R.J.F.M. van; Sijtsema, S.J.; Ronteltap, A.; Cramer, L.; Reinders, M.J), december 2010; NOM Print & Doelgroep Monitor, 2013-I 2013-II; masterscriptie Maaike Dijkhof (UAntwerpen) over de factoren die het eetgedrag van kinderen beïnvloeden. Foto via ‏@Brilliant_Ads.]

PS  Toevallig schrijft Imke Donkers vandaag over het zelfde onderwerp, met een andere conclusie: ‘De Foodie-trend zet door, jongeren vinden voedsel belangrijk’. Waar ik gekeken heb naar tieners, gaat het bij haar meer om jongvolwassenen. Blijkbaar kunnen beide bewegingen naast elkaar bestaan, en komt het ‘later’ allemaal goed. ;-)

Vullen of voeden? Wilfred Genee maakt 50 voetbalkantines gezonder

Eind 2013 publiceerde sportpresentator Wilfred Genee samen met zijn vrouw Lili het boek Vullen of Voeden, een wegwijzer voor ouders die laat zien welk effect voeding heeft op het lichaam en het gedrag van kinderen. Uiteraard kwam dit onderwerp ook ter sprake in het tv-programma Voetbal International,  waar Genee’s medepresentator Johan Derksen betwijfelde of er plek is voor gezonde voeding in sportkantines. Het leidde tot een weddenschap (Genee moet dit jaar 50 voetbalkantines gezonder en bewuster laten eten) en de campagne Vullen of Voeden.

Het lijkt de goede kant op te gaan, want dit weekend vond een kick-off plaats in 50 voetbalkantines die kiezen voor een gezondere koers. Op het menu staan voortaan een ‘Hattrick’-smoothie, een ‘Eén-tweetje’-pizzawrap, een ‘Counter’-kippensoep en/of een ‘Balletje breed’ van 100% rundervlees — kleine, niet-vette snacks die op een gezonde wijze bereid worden.

Deelnemende clubs strijden om de titel ‘meest bewuste voetbalkantine 2014-2015’, waar Derksen, als hij de weddenschap verliest, aan het einde van het seizoen zijn kookkunsten zal vertonen. De winnende voetbalclub krijgt bovendien een wedstrijd tegen het RTL-sterrenteam cadeau en een geldbedrag van 15.000 euro. Het belangrijkste is natuurlijk dat er in deze 50 kantines tenminste drie nieuwe gezonde gerechten verkrijgbaar zijn, waardoor de jeugd, maar ook volwassenen eindelijk een keuze krijgen in de voetbalkantine: vullen of voeden.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=cLrY7g-XDtU]

Zie voor meer info vullenofvoeden.nl of de bijborende Facebook-pagina.

PS   Raar, maar het al maanden beschikbare themalied Salade van Genee is niet aangeslagen. ;-)

Onderzoek UAntwerpen: ‘Eten met het gezin zorgt voor gezonder eetpatroon’

Maaike Dijkhof, masterstudente communicatiewetenschappen aan de Universiteit Antwerpen, schreef haar masterscriptie over de factoren die het eetgedrag van kinderen beïnvloeden. Daarin concludeerde ze dat media een belangrijke positieve rol spelen en dat familiemaaltijden ontzettend belangrijk zijn. In haar scriptie onderzocht ze de impact van kookprogramma’s op het eetgedrag van kinderen en hun attitude met betrekking tot gezonde voeding, aan de hand van een kwantitatief experiment.

Een groep kinderen tussen 10 en 12 jaar moest voor en na het kijken naar een kookprogramma een vragenlijst invullen. Hetzelfde werd gevraagd aan een controlegroep, die naar een neutraal tv-programma gekeken had. Het bekijken van het kookprogramma bleek geen invloed te hebben op de attitude van de kinderen ten opzichte van gezonde voeding. Dijkhof: “Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de kinderen voor het bekijken van het programma al vrij positief dachten over gezonde voeding, en dat het bekijken van één aflevering hier dus nog weinig invloed op heeft gehad.”

Het bekijken van het programma bleek daarentegen wel een positieve invloed te hebben op het gezonde eetgedrag van de kinderen. Wie in de experimentele groep zat, koos vaker voor het gezonde bedankje (fruit) dan wie in de controlegroep zat. Die kinderen kozen vaker voor het koekje.

In de enquête zat ook een onderdeel waarin gemeten werd in hoeverre de kinderen op dat moment zin hadden in gezonde en ongezonde voedingsproducten. Zowel in de voor- als de nameting hadden de meisjes aanzienlijk meer zin in gezonde voedingsproducten dan de jongens. Volgens Dijkhof sluit deze bevinding goed aan bij eerdere onderzoeken waarin is aangetoond dat meisjes meer waarde hechten aan gezond eten en meer bezig zijn met hun gewicht, zelfs op jonge leeftijd alt. De kinderen die positiever tegenover gezonde voeding staan, blijken ook daadwerkelijk vaker gezonde voedingsproducten te eten. Hetzelfde geldt voor het gezamenlijk eten met de rest van het gezin. Hoe vaker dit gebeurt, hoe vaker de kinderen gezonde voeding eten. Familiemaaltijden zijn dus ontzettend belangrijk.

Toen de kinderen gevraagd werd om zelf hun eetgedrag te beoordelen, bleek dat maar liefst 75% van zichzelf vindt dat hij/zij (heel) gezond eet. De kinderen zijn wel positiever over fruit dan over groenten. Ze vinden de smaak van fruit lekkerder en proberen liever nieuwe soorten fruit uit dan nieuwe soorten groenten. Dat verklaart waarschijnlijk waarom 71% aangeeft dagelijks fruit te eten, maar slechts 58% iedere dag groenten eet.

De meeste kinderen (65%) eten één tot drie keer per maand fastfood, 26% geeft aan één tot twee keer per week fastfood te eten. Opmerkelijk: van de overige 9% eet de helft vaker dan tweemaal per week fastfood, en de andere helft bijna nooit. Ook eten de meeste kinderen één à twee keer per week zoute snacks als chips en nootjes, en vier keer per week tot bijna iedere dag zoete snacks als snoep, koek en ijs.

Dijkhof: “De belangrijkste conclusie uit mijn onderzoek is dat media niet altijd een negatieve impact op het eetgedrag van kinderen hebben. Sommige mediavormen, zoals culinaire tv-programma’s, kunnen juist een positieve bijdrage leveren. Daarnaast heeft dit onderzoek nog maar eens aangetoond hoe belangrijk het is om als gezin samen te eten. Gezamenlijke familiemaaltijden zijn dus niet alleen gezellig, maar zorgen over het algemeen ook voor een gezonder eetpatroon bij kinderen.”

[Foto: Chef Boyardee]

Basisschoolleerlingen denken mee over ‘Ik eet het beter’-platform van Albert Heijn

Albert Heijn slaat vandaag een nieuwe weg in met het in 2006 geïntroduceerde lesprogramma over gezonde voeding voor basisschoolleerlingen. Leerlingen nemen vanaf nu niet meer alleen deel maar gaan meedenken om zelf te bepalen hoe het nieuwe Ik eet het beter-platform eruit komt te zien. De Missing Chapter Foundation* faciliteert de dialoog tussen de kinderen en Albert Heijn. De supermarktketen wil de keuze voor een gezonde levensstijl gemakkelijk maken en neemt naar eigen zeggen graag het voortouw met goede voorlichting en producten die passen in een gezonde levensstijl.

Een onderdeel daarvan is het Ik eet het beter-programma dat inmiddels acht jaar bestaat en kinderen spelenderwijs helpt om gezond eten lekker en leuk te maken. Bij de start in 2006 namen er 35.000 kinderen deel aan het programma en het afgelopen schooljaar waren dat er ruim 347.000. Om het programma nog beter aan te laten sluiten op de belevingswereld van kinderen en het gezin gaat Albert Heijn diezelfde kinderen nu een actieve rol geven in de totstandkoming van het nieuwe Ik eet het beter-platform. Vandaag organiseerde de Missing Chapter Foundation daarvoor onder leiding van directeur Laurentien van Oranje een dialoog tussen kinderen en Albert Heijn-directeur Adriaan Thierry. Ook bezoeken de kinderen die dag een aantal boerderijen om te zien waar hun eten vandaan komt én bereiden ze samen met een kok een lekkere en gezonde maaltijd.

“Kinderen weten als geen ander hoe keuzes worden gemaakt binnen het gezin. Het is daarom van groot belang om te luisteren naar kinderen en hen te activeren samen met hun gezin aan de slag te gaan met gezond eten. Dit geven wij samen met Albert Heijn concreet invulling door met kinderen in gesprek te gaan over het Ik eet het Beter-programma.” [Laurentien van Oranje, oprichter en directeur van de Missing Chapter Foundation]

*De Missing Chapter Foundation is een non-profit organisatie die zich inzet om bedrijven in contact te brengen met verfrissende meningen en ideeën van kinderen. De doelstelling van de stichtingis het bevorderen van duurzame besluitvorming door de toekomstige generaties die daardoor beïnvloed worden een duidelijke stem te geven.

Onderzoek Panteia: ‘Je kind groenten geven die je zelf niet lust, voelt aan als pesten’

Ouders geven hun kind niet wat ze zelf niet lekker vinden. Onderzoeksbureau Panteia voerde onderzoek* uit onder moeders met kinderen tussen de 6 maanden en 2 jaar. Hieruit blijkt dat de groenten die moeders (of vaders) zelf niet eten, ook niet gegeten worden door hun kinderen. Hierdoor ontstaat een negatieve spiraal in het eetgedrag van ouders en hun kinderen. Ten behoeve van het onderzoek is met een aantal moeders gesproken die zelf weinig groenten eten. Zij vertellen: “Ik moet straks groenten gaan geven, maar ik lust het zelf niet. Dat voelt als je kind pesten. Hoe doe ik dat?”

Dergelijke uitspraken staan niet op zich; steeds meer ouders eten weinig groenten en – zo blijkt uit het kwantitatieve onderzoek – hun kinderen krijgen die groenten dan ook niet. Zo ontstaat een negatieve spiraal, want op dit moment krijgen ouders pas voedingsbegeleiding als hun kind al te dik is — terugdraaien van ingesleten gedragspatronen is heel moeilijk.

Volgens de onderzoekers hebben ouders juist preventief (0 tot 2 jaar) meer begeleiding nodig om hun kind gezond te leren eten. Ouders in het onderzoek geven aan dat ze in het eerste levensjaar van het kind het liefst elke maand nieuwe informatie zouden willen ontvangen over hoe je het kind leert eten. Ook is er behoefte aan concrete handvatten als hoeveelhedenschema’s en overzichten van wat je kind wel en niet mag eten. Het consultatiebureau is voor ouders nog steeds de meest betrouwbare plek voor informatie over voeding, zo komt naar voren uit de studie.

Vaak wordt gedacht dat ouders hun kinderen uit gemak of liefde verkeerd voeden. Maar uit dit onderzoek blijkt dat angst ook een rol speelt bij de helft van de moeders; 15% heeft er zelfs veel last van. De grootste angst bestaat voor het stikken in stukjes (71%), te weinig drinken (62%) en te weinig eten (56%). Vanuit de angst dat hun kind te weinig eet of drinkt, gaan ouders verkeerd voeden. Als het kind zijn groenten of water niet wil, geven ze iets ‘lekkerders’ zoals brood, fruit of sap (34% doet dit bij de avondmaaltijd). Dit doet men dat omdat men wil dat het kind genoeg eet (46%) en dat het voldoende vitaminen binnen krijgt (36%). Maar ‘iets anders geven’ is schadelijk. Kinderen leren dan dat ze geen groenten hoeven te eten of water hoeven drinken omdat ze er altijd iets lekkers voor in de plaats krijgen. Ook bij het bereiden van vers voedsel lijkt angst een rol te spelen. Ouders zijn bang dat ze iets maken dat kinderen niet mogen, ze zijn bang dat vers voedsel niet de juiste voedingswaarden bevat of dat ze het eten niet hygiënisch genoeg bereiden. Voeding uit potjes geeft dan de zekerheid van ‘veilige voeding’. Echter door ‘potjes te eten’ leert een kind niet de smaak van verse groenten accepteren.

In de eerste levensjaren van een kind liggen de meeste gezondheidskansen. In de eerste drie jaar wordt bepaald hoeveel vetcellen een kind ontwikkelt en ook worden dan gedragspatronen en smaakvoorkeuren aangeleerd. Als een kind dán groenten eet, vindt het die waarschijnlijk de rest van zijn leven lekker. Daarnaast staan ouders van jonge kinderen open voor informatie en voor het veranderen van het eigen gedrag. Waar bedrijven als Nutricia en Nestlé de beleving van ouders als basis gebruiken bij het ontwikkelen van voedingsvoorlichting, lijkt de overheid te focussen op het verstrekken van inhoudelijk juiste informatie. Op basis van de onderzoeksresultaten zijn vraagtekens bij die aanpak te zetten. Zo is het de vraag of een feitelijke boodschap past binnen de belevingswereld van de ouders.

*Floor Volker voerde, deels in opdracht van de Haagse Hogeschool (lectoraat leefstijlverandering), deels voor Panteia, kwalitatief onderzoek uit onder 19 moeders en kwantitatief onderzoek onder 314 moeders met kinderen tussen de 6 maanden en 2 jaar. Het onderzoek vond plaats in de periode 2012-2013. Omdat uit ander onderzoek is gebleken dat moeders ook rekening houden met wat vaders wel- en niet lusten, spreken we over ‘ouders’. Op basis van dit onderzoek is een folder ontwikkeld voor ouders met praktische handvatten, het wordt uitgegeven door de Gemeente Den Haag.

[Afbeelding uit printcampagne van Wyeth Progress Kids-melk: ‘Because vegetables are scary’]

Look-O-Look durft het L-woord weg te laten in campagne: ‘Sooweeej’

Perfetti van Melle koos Canday om voor snoepmerk Look-O-Look een nieuwe campagne te ontwikkelen om de verkoop te bevorderen door de vertrouwde producten nog bekender te maken voor een bredere doelgroep. Altijd interessant als zo’n reclamebureau een goede casebeschrijving deelt. In een ‘Wall of Shame’-analyse van campagnes van concurrerende merken viel het gebruik van het woord ‘lekker’ op. Maar ja: “Snoep dat niet lekker is, waar vind je dat nog? In elk geval voegt het niets toe om het te benoemen. We besloten dát dus lekker níet te gaan doen.”

De creatieve uitdaging was dan ook om Look-O-Look te promoten zonder het L-woord te gebruiken dat de andere snoepmerken gebruiken: “We. maakten van dit merk een sympathieke enabler – ‘mogelijkmaker’ – van een moment dat uniek aan dit merk gekoppeld kan worden: een verrassende smaakexplosie.” Dit gegeven wordt verbeeld in onderstaande tv-commercial van 15-seconden, waarin de smaakexplosie van een seconde bestaat uit verschillende frames met kleurrijke visuals.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=isxqwhg2Hqc]

“Sooweeej!”

De beelden uit het spotje dienen als springplank naar de online activatie The Funquest: “Daarbij stap je een kleurrijke wereld binnen die bol staat van de fun, verrassing en variatie. Precies zoals het merk is, op een manier die de doelgroep aanspreekt.” En met de kans om een GoPro-camera te winnen.

[Creatie door Canday]

Ouders zeggen dagelijks 27 keer ‘nee’ tegen hun kind, dus Nibb-it start campagne ‘ja zeggen is leuker’

Ouders zeggen op een doordeweekse dag gemiddeld 27 keer ‘nee’ tegen hun kinderen. Met name als deze iets doen wat ze niet mogen, zeuren of vragen om iets lekkers, krijgen ze ‘nee’ te horen. Ook het ‘s middags thuis spelen en het avondeten zijn echte ‘nee’-momenten in het leven van het jonge gezin. Dit blijkt uit een onderzoek onder 547 ouders van kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 8 jaar door onderzoeksbureau Motivaction in opdracht van Smiths in het kader van de introductie van Nibb-it Happy Ones.

De belangrijkste redenen om volgens de ondervraagde ouders ‘nee’ te zeggen is ‘het stellen van grenzen’ en ‘consequent willen zijn’. Daarnaast geeft 7% toe ‘nee’ te zeggen uit een ‘soort automatisme’ en 3% omdat ze ‘niet zwak willen overkomen’. Met name de 6-jarigen moeten het ontgelden, zij krijgen per dag gemiddeld 31,5 ‘nee’s’ voor hun kiezen, tegen 22 ‘nee’s’ voor de 8-jarigen.

Niet alle ouders zijn even blij met hun ‘ge-nee’: zo schrikt 32% van de ouders van het feit dat men zo vaak nee zegt tegen het eigen kind en voelt 72% van de ouders- met name moeders- zich daar schuldig over. Naarmate hun kinderen ouder worden, gaat dat schuldgevoel bovendien meer knagen. Voelt slechts 60%t zich schuldig als men ‘nee’ zegt tegen de 4-jarige, bij 8-jarigen is dat percentage 71%.

Ruim eenderde (36%) van de ondervraagde ouders zou uiteindelijk vaker ‘ja’ willen zeggen tegen zijn of haar kind. De voornaamste reden om ‘ja’ te zeggen is dat een kind zo een beloning krijgt. Ook vindt 57% van de ondervraagde ouders dat vaker ‘ja’ zeggen een positieve invloed op de sfeer binnen het gezin heeft.

Het onderzoek werd uitgevoerd ter introductie van de ‘Ja zeggen is leuker’-campagne’ ter promotie van de Nibb-it Happy Ones, een nieuwe range producten waar consumenten wat makkelijker ja tegen kunnen zeggen omdat ze minder vet, geen kunstmatige kleurstoffen en een lager zoutgehalte bevatten. De campagne bestaat uit commercials, printadvertentiese en PR.

In de eerste tv-spot speelt de eekhoorn Nibby de hoofdrol als CEO (Chips Executive Officer). Aan MarketingTribune gaf Smiths’ senior brand manager Charlotte Zelders uitleg: “‘Met de Happy-Ones-range en deze campagne willen wij de kloof tussen ouders en kinderen dichten die ontstaat door nee zeggen. Daarmee hopen we ouders en kinderen dichter bij elkaar te brengen.”

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=NxML3QoBR6o]

[Creatie door Etcetera]

Positieve wetenschap: Groentefroetels stimuleren kinderen meer groente en fruit te eten

Hoe krijg je kinderen zo ver dat ze (meer) groente en fruit gaan eten? Moniek Buijzen, hoogleraar Communicatiewetenschap aan de Radboud Universiteit, onderzoekt hoe je dat op een positieve manier voor elkaar kunt krijgen. Vandaag spreekt zij haar oratie uit. Voorafgaand daaraan vindt een symposium plaats, waar niet de minste onderzoeker uit de groep van Buijzen ‘haar’ oplossing presenteert: de Wereld van de Groentefroetels. Dit is een voorbeeld van positieve communicatiewetenschap, een richting die onder aanvoering van prof. Buijzen verder vorm krijgt.

Jonge kinderen die samen met een onderwijzer of ouder een verhaal lezen over een konijn dat graag wortels eet, eten daarna twee keer zoveel wortels als kinderen die niet worden voorgelezen. Onderzoeker/docent Simone de Droog van de Radboud Universiteit ontwikkelde met deze kennis uit haar promotieonderzoek een wereld van dieren die gezond eten erg lekker vinden. Deze dieren, Groentefroetels genaamd (in het Engels: Veggiefruities), beleven spannende avonturen die kinderen kunnen meebeleven via voorleesplaten, e-books en een app.

groentefroetels logo

Dit project wil jonge kinderen (tot 6 jaar) stimuleren meer groente en fruit te eten. Simone de Droog: “Kinderen die al op jonge leeftijd gewend zijn geraakt aan het eten van groente, zullen die smaak ook meer gaan waarderen. Soms moet je ze wel tien keer laten proeven voordat ze vertrouwd zijn met de smaak.” Met een subsidie van NWO ontwikkelde ze vier verschillende characters: konijn eet graag wortels, schildpad houdt van komkommers, aap van bananen en rups is dol op appels. De characters komen tot leven in verhalen, die via prentenboeken, voorleesplaten en een app met de kinderen worden gedeeld. De Droog: “Het doel van deze verhalen is om duidelijk te maken dat het eten van groente en fruit leuk is en om imitatiegedrag (het eten van groente en fruit) te stimuleren.”

Mooi dat Buijzen een optimistische kijk laat zien op de potentie van media in de samenleving. Ze richt zich vooral op de vraag hoe kennis over de werking en effecten van communicatie in te zetten is voor positieve doeleinden, zoals het bevorderen van gezondheid, geluk en prosociaal gedrag. Eind vorig jaar ontving Buijzen een grote EU-subsidie om met inzet van sociale media in gezondheidscampagnes jongeren meer te laten bewegen en gezonder te laten eten. Daarvoor gaat ze na de zomer een groot schoolpanel opzetten, waar in totaal 3.000 jongeren drie jaar worden gevolgd. Het onderzoek en de gezondheidsinterventies zullen grotendeels worden uitgevoerd met behulp van mobiele en sociale media.

Nationale Pannenkoekdag 2014: recordaantal kinderen aan de bak voor ouderen

Het is weer zover: Nationale Pannenkoekdag. Een recordaantal van ruim 600 scholen gaat vandaag ‘aan de bak’ voor ouderen. Voor zo’n 35.000 basisschoolleerlingen staat  deze dag in het teken van beslag maken, koekenpannen op het vuur en bakken maar. En meer dan 46.000 ouderen zitten gebakken, want zij krijgen het resultaat voorgeschoteld. Het enthousiasme van basisscholen voor Nationale Pannenkoekdag groeit ieder jaar; bij de eerste editie – acht jaar geleden – waren er 100 scholen van de partij, inmiddels is dat aantal verzesvoudigd.

Het evenement is komen overwaaien uit Groot-Brittannië, Australië, Nieuw-Zeeland en Canada, alwaar Pancake Tuesday gevierd wordt op vastenavond met stapels pannenkoeken.

In Nederland wordt Nationale Pannenkoekdag mogelijk gemaakt door Tefal en Koopmans. Beide initiatiefnemers organiseren de actie vanuit maatschappelijke betrokkenheid. Naast de communicatie en organisatie richting scholen en oudereninstellingen zorgen de twee sponsors dat de deelnemende basisscholen alle benodigde ingrediënten voor een pannenkoekenmaal voor ouderen in huis hebben, van pannenkoekpannen, pannenkoekmixen en vloeibare margarine tot koksmutsen, tafelkleden en servetten. Vervolgens is het aan de basisschoolleerlingen  om de mouwen op te stropen om ouderen zelfgebakken pannenkoeken te serveren in oudereninstellingen en op scholen.

pannenkoekdag

“Nationale Pannenkoekdag is bedoeld als een feestje voor jong en oud met zelfgebakken pannenkoeken in de hoofdrol. En wie in Nederland is daar niet stapel op?”

[Earned media] Mona roept toetjesliefhebbers op wereldrecord neer te zetten met toetjesfeest

Het ‘Mona Toetje van de Maand’ bestaat 20 jaar (er zijn dus meer dan 200 verschillende toetjes ontwikkeld). En als er reden is om iets te vieren, moet je dat niet nalaten. Mona doet dat met een poging om het Guinness Book of Records record te verbreken met ‘het Grootste Toetjesfeest ooit’. De uitdaging is om het huidige wereldrecord van 795 mensen te verbreken. Mona roept liefhebbers op om hierbij aanwezig te zijn, op 5 april 2014 om 10:45 uur in het Zijdebalen Theater in Utrecht. Zanger Xander de Buisonjé komt optreden.

De recordpoging is natuurlijk vooral een poging om gratis publiciteit te genereren (hoewel ‘earned media’ zeker niet gratis is). Daarmee neemt Mona, onderdeel van Koninklijke Friesland Campina, een risico. Want het gevaar bestaat dat te weinig mensen komen opdagen (het zou niet de eerste keer zijn dat een actie flopt), wat een indicatie zou zijn dat het merk/product toch niet zo like-waardig is.

Inschrijven kan via de Mona-website of via de Facebook-pagina van het toetjesmerk. Meedoen kan vanaf 7-jarige leeftijd (jongere kinderen tellen niet mee voor het recordboek); kinderen jonger dan 13 jaar zijn welkom onder begeleiding van een volwassene en 13-18-jarigen hebben toestemming nodig van hun ouders.

ToetjesToeter
Bij één op de vijf Nederlandse huishoudens staat dagelijks een toetje op tafel. Het Nederlandse Mona – bedenker van het woord ‘toetje’ -bestaat sinds 1967 en is het grootste toetjesmerk van Nederland (jaarlijks gaan er 155 miljoen toetjes over de toonbank). FrieslandCampina heeft naast Mona nog wat andere merken in het portfolio: Campina, Optimel en Campina Boer en Land. De vier merken slaan de handen ineen om het eten van een toetje verder te promoten.

Met diverse korte televisiespots wordt het feestje én de variatie aan toetjes onder de aandacht gebracht. De commercials van deze campagne gaan over een ToetjesToeter, die laat zien dat het toetjesmoment een feestje is (zie hieronder een voorbeeld; meer op het ‘Toetjeskanaal’ op YouTube). De campagne wordt daarnaast online en in de supermarkt ondersteund.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=E-oCy-bCcC0]

“Zo’n beetje elke Nederlander is opgegroeid met het eten van een toetje. Als kind vond je het toetje een heerlijk en feestelijk moment, bijvoorbeeld als je zelf yoghurt en vla mocht mengen tot vlaflip. Met deze campagne willen we dit gevoel terughalen en stilstaan bij het toetje als leukste dagelijkse gezinsmoment.” [Thomas Gribnau, FrieslandCampina Branded Netherlands]

Update (6/4): Met 726 mensen heeft Mona  het Europees record gevestigd met ‘Het Grootste Toetjesfeest’. Gezamenlijk genoten zij voor het eerst van Mona’s allernieuwste Toetje van de Maand De Feestpudding. Het verbreken van het wereldrecord, waar op was ingezet, is niet gelukt, want daar waren nog 69 liefhebbers meer voor nodig geweest.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=ZZyKWNP2Q8E]

Collegetour ‘So You Think You Can Eat’ maakt jongeren bewust van fout eet- en beweegpatroon

De stichting So You Think You Can Eat (SYTYCE) start na de zomervakantie met een collegetour langs Nederlandse middelbare scholen. Met een vernieuwende interactieve workshop die de taal van de jongeren spreekt, moeten ruim 50.000 scholieren bewust gemaakt worden van hun slechte eetgewoontes en gebrek aan lichaamsbeweging. Vooral middelbare scholen worden geconfronteerd met het slechte eetgedrag van een aantal van hun leerlingen, die leven op energiedrankjes en zakken chips en in de pauzes snoep en snacks inslaan.

Ondanks alle voorlichtingscampagnes van de laatste jaren is nog steeds 1 op de 7 Nederlandse kinderen te zwaar, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Volgens SYTYCE lijken jongeren tussen de 12 en 17 jaar immuun voor reclamecampagnes en goedbedoelde adviezen. “Iedereen heeft het erover, maar kinderen luisteren niet meer naar corrigerende opmerkingen van hun docenten of ouders”, zegt fitness- en voedingsexpert Andy Han van de stichting. De vraag die hij en zijn team zich stelde was dan ook: hoe kunnen we met al onze kennis en ervaring toch die doelgroep bereiken?

Dat mondde uit in een interactieve workshop waarin leerlingen en ouders zien wat er met je lichaam gebeurt als je er slechte eetgewoontes op na houdt en te weinig beweegt. Daarvoor neemt het team onder meer cardio-apparatuur, een tuinhaard, 10 kilo vet en een scooter mee. Leerlingen spelen aan het eind de quiz ‘petje op – petje af’. De kern van de boodschap gaat terug naar de basis: stop met lijnen en diëten, sla geen maaltijden over, eet volgens de Schijf van Vijf en beweeg minimaal een uur per dag.

De collegetour volgt op een succesvolle pilot eerder dit jaar op het Walburg College in Zwijndrecht. Daar deden 1.000 leerlingen mee aan de workshop. Die vertelden er thuis zo enthousiast over, dat 125 ouders aanschoven voor de avondsessie. “Dat was in januari en het is nu nog het gesprek van de dag”, stelt directeur Bart Jan Geers van de school. “Dat geen enkele leerling met zijn mobieltje zat te spelen is ook een teken aan de wand. Na de workshop hebben zich bijna tachtig leerlingen vrijwillig aangemeld voor vervolgsessies in hun eigen tijd. Een jongen is door gewoon regelmatig te eten al zeven kilo afgevallen.”

Volgens Geers is de workshop meer een theatervoorstelling dan een voorlichtingsles. “Ik heb het niet zo op externen die iets komen vertellen, want negen van de tien keer gaat het nergens over. Maar Andy weet de leerlingen wel te raken. Zo toont hij een scooter en vertelt daarbij een schitterend verhaal over de brandstof die zo’n ding nodig heeft. Net zoals het menselijk lichaam elke dag brandstof nodig heeft. Dat zijn herkenbare metaforen en dat is wat je nodig hebt om leerlingen te bereiken.”

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=UapL_K2Hybo&w=560]

Schooldirecties worden overspoeld met dit soort onderwerpen en verzoeken, maar Chantal Kenens van de Dienst Gezondheid & Jeugd (voorheen GGD Zuid-Holland Zuid) juicht het toe als scholen meedoen aan de collegetour. “Er wordt al veel gedaan aan gezonde leefstijl op scholen, maar dit is een bijzondere en vernieuwende vorm. Als directies hierbij aanwezig waren geweest, weet ik zeker dat ook zij enthousiast zouden zijn en ermee aan de slag willen”, zegt zij. “Andy vertelt een persoonlijk verhaal en gaat op een non-nonsens manier aan de slag. Ook goed is dat er aandacht besteed wordt aan leerlingen die op de verkeerde manier lijnen. Dat zien wij in onze cijfers vooral terug bij meisjes die een normaal gewicht hebben en toch willen afvallen.”

sytyceHet team van SYTYCE bestaat uit vier mannen – naast Andy Han zijn dat Frank Klein, Caspar Visser en Robert de Bruin – hebben ervaring in de Fitness & Health-branche en weten een motiverend betoog te houden. Bovendien hebben ze alle vier zelf kinderen in de middelbare schoolleeftijd, waardoor zij het voedingspatroon van de doelgroep dagelijks meemaken en uit ervaring weten wat al dan niet werkt.

De stichting sluit met zijn workshop aan bij het Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG) programma dat in diverse Nederlandse gemeenten loopt. Tevens is de workshop een aanvulling op het beleid van ‘De Gezonde School’.

Peijnenburg werkt samen met de Efteling en dus is er nu Sprookjesboom-ontbijtkoek

Blijkbaar is de bekende ‘gewone’ ontbijtkoek van Peijnenburg niet aantrekkelijk genoeg als tussendoortje voor kinderen. In samenwerking met de Efteling, de licentiehouder van Sprookjesboom, wordt nu namelijk speciaal voor de kleintjes Sprookjesboom-ontbijtkoek op de markt gebracht. Het gaat om per stuk verpakte meeneemrepen met de geliefde Sprookjesbosfiguren in de hoofdrol. Op iedere verpakking staan zes characters. Kinderen kunnen deze uitknippen om ze te sparen, ermee te spelen of om er een eigen memoryspel van te maken, maar ook avonturen lezen. De doelgroep vindt daarnaast enkele spelletjes op peijnenburg.nl/sprookjesboom.

De introductie van Peijnenburg Sprookjesboom-ontbijtkoek wordt ondersteund in print, online, op de winkelvloer en via sampling. Het product is verkrijgbaar in de smaken Naturel en Fruit en te vinden in het tussendoorschap van de supermarkt.

sprookjesboom ontbijtkoek

Voor Sprookjesboom-liefhebbers zijn er naast de televisieserie ook een app, musical, cd, film, speelgoed, enzovoort.

Frituurhap met smaak van energydrank: gaat powersnack Booster jongeren voor zich winnen?

De Vries Snacks is al ruim 60 jaar actief in de wereld van frituursnacks en naar eigen zeggen een trendsetter als het gaat om productontwikkeling. Zo introduceerde het familiebedrijf in 1954 als eerste de Frikadel in Nederland en in 1984 volgde de succesvolle Mexicano. Nu, weer 30 jaar later, wordt de eerste energysnack van Nederland op de markt gebracht: Booster. Deze powersnack, samengesteld uit kip en rund, bevat veel vitamine B, taurine, guarana, minder dan 1 gram suiker en heeft een relatief laag vetgehalte. Met name bedoeld voor jongeren.

Slim bedacht. Stoffen die ook in energydrank zitten, verwerkt in een soort van vierkante frikandel, die dankzij een speciale pocket makkelijk uit de hand te eten is en gepromoot wordt via een animatiefilmpje-met-knullig-character-en-irritant-muziekje dat doet terugverlangen aan de hoogtijdagen van de ringtones. Alle ingrediënten voor een succesvol product dus. ;-)

“Leef vandaag! Heb je energie nodig om nog even door te dansen, te sporten, huiswerk te maken of die belangrijke deal binnen te halen? Booster geeft je power en houdt je scherp!”

Dat Coen en Sander misselijk werden van de lucht en smaak van deze ‘revolutie op snackgebied’, zal de interesse alleen maar aanwakkeren. In Nieuwe Revu (nr. 06/2014) waarschuwde directeur Martin de Vries: “Mensen verwachten een hartige vleessnack, maar proeven ineens de smaak van energydrank. Daar moeten ze voor gewaarschuwd worden.” Een waarschuwing die nieuwsgierig maakt?

booster verpakking

Update (11/2): Kijk nou, voedingsmerken die energie leveren zijn een trend!

Kids en Jongeren Marketing blog website is van Euroforum BV. Privacy statement | Cookie statement | Copyright ©2019